Klimaatbeleid gaat via de Amerikaanse rechter

De Verenigde Staten hebben op de klimaattop in Kopenhagen beloofd (en later in Cancún bevestigd) dat ze de uitstoot van broeikasgassen in 2020 zullen hebben teruggedrongen tot 17 procent onder het niveau van 2005. Maar de trend is een heel andere, blijkt uit de laatste cijfers van het Amerikaanse milieuagentschap EPA. In 2010 is de uitstoot met 3,3 procent toegenomen ten opzichte van het jaar ervoor, tot 6,866 miljard ton. Tussen 1990 en 2010 is sprake van een groei met 11 procent, ieder jaar stijgt het groeipercentage nog eens met 0,5 procent.

Hoog tijd dus voor een beetje beleid, als de VS tenminste hun Deense belofte willen waarmaken. Maar het onderwerp is zodanig gepolitiseerd dat het Congres het nooit eens zal worden over de reductie van broeikasgassen. Dat begon misschien al wel toen president George Bush (de oudere) op de grote aardetop in Rio de Janeiro in 1992 (waarvan dit jaar de twintigste verjaardag groot wordt gevierd) liet weten dat er niet onderhandeld kon worden over ‘the American way of life’.

Maar ook latere presidenten zijn de confrontatie met het Congres over die Amerikaanse levensstijl, gebaseerd op een heilig geloof in onbegrensde mogelijkheden, altijd uit de weg gegaan. Zelfs het duo Bill Clinton en Al Gore, die al bij de ondertekening van het Kyoto-protocol wisten dat de Senaat er nooit mee zou instemmen.

Barack Obama heeft gekozen voor een slimme strategie. Toen de weigerachtigheid van het Congres eenmaal duidelijk was, besloot hij het verder te negeren en beleid te voeren via het EPA, een laffe (hoewel realistische) en ook enigszins gezochte constructie, gebaseerd op de conclusie dat broeikasgassen een gevaar zijn voor de volksgezondheid en dat de ‘Clean Air Act’ het EPA het recht geeft ertegen op te treden. De wet op de schone lucht is natuurlijk nooit bedoeld geweest voor broeikasgassen.

Het EPA, dat al onder Bush (de jongere) van het Hooggerechtshof het recht kreeg om in te grijpen, is sindsdien herhaaldelijk voor de rechter gedaagd. Ook deze week weer (hier en hier en hier nieuwsberichten) . Een groot aantal (37) staten, vooral daar waar kolen worden gewonnen, en bedrijven, gezamenlijk de ‘Coalition for Responsible Regulation’ probeerden aan te tonen dat de werkwijze van het EPA onrechtmatig is. Ze verzetten zich tegen het oordeel dat broeikasgassen onder de Clean Air Act vallen, stellen dat de EPA-maatregelen amper bijdragen aan een wereldwijde daling van de concentratie van CO2, en vinden dat de kosten en andere negatieve gevolgen niet opwegen tegen eventuele voordelen – zeker in deze tijd van economische recessie (Lees hier een recht-toe-recht-aan neoconservatief commentaar).

Zo schrijft een groep bezorgde Republikeinen:

‘Forcing a transition to commercially unproven technologies could send thousands of U.S. jobs overseas and raise electricity rates on families and seniors at a time when the nation can least afford it. We respectfully ask that you stop EPA’s GHG rulemaking because of the devastating impact it will have on jobs and the economy.’

Veel bedrijven vrezen dat uitvoering van de EPA-eisen zal leiden tot het verlies van banen. Daar staat tegenover dat het Institute of Clean Air Companies heeft becijferd dat er tussen 1999 en 2008 zeker 1,7 miljoen banen bij zijn gekomen in de ‘schone-energiesector’ en dat de verwachting is dat dit aantal de komende vijf jaar nog eens met 290.000 per jaar zal groeien. (hier meer)

De hoorzittingen spitsten zich uiteindelijk toe op de vraag op het EPA buiten zijn boekje is gegaan met zijn ‘tailoring’ (het op maat snijden van de maatregelen, die daardoor alleen voor grote bedrijven gelden). Het EPA wilde zo voorkomen, dat allerlei kleine bedrijven ingewikkelde maatregelen moesten nemen. Maar dat leidde volgens de klagers tot rechtsongelijkheid. Betrokkenen verwachten dat het EPA de rechtszaak wel gaat winnen, op het punt van het maatwerk na.

Het moeten interessante hoorzittingen zijn geweest.

Over het oordeel van de klagers dat het EPA kritiekloos de visie van het IPCC heeft gevolgd in zijn beoordeling van klimaatverandering stelt David Doniger van de National Resources Defense Council:

‘No alternative theory – from sunspots, to clouds, to cosmic rays – has gone uninvestigated. And every wild charge of scientific fraud, aka Climategate, has been examined and refuted. The challengers’ briefs throw some of this spaghetti at the wall once more, but none of it will stick.’

Ook ontspon zich een aardig dialoogje tussen een van de advocaten van de klagers en rechter David Tatel, waarover persbureau Bloomberg schrijft:

Jeffrey Bossert Clark, a lawyer for the Chamber of Commerce, told the judges that the EPA should have considered “human adaptation” to climate change while deciding whether greenhouse gases should be regulated. He mentioned “organic migration,” which he said involved humans moving to colder climates to avoid increased temperatures.
“How would the EPA account for that,” Tatel asked. “How can they predict that migration patterns would be sufficient to overcome danger.”
“It’s easier to predict these shifts than predicting weather or climate,” Clark said.
Under that theory, Tatel asked whether the EPA would be required to consider that in the future there might be a cure for cancer before determining whether to regulate a carcinogen.