De hooligan is nu een huiligan

Theo van Gogh incasseerde reacties tenminste blijmoedig. Die tijd is voorbij, toont Castricum.

Publicist

Jaren geleden werd ik een keer belaagd in mijn auto door zes doorgedraaide hooligans onder invloed. Ze trokken het portier open en sloegen de bril van m’n neus – zomaar. Ik reed naar het politiebureau en wie stonden daar? Om aangifte te doen tegen de argeloze passant op wie ze daarnet hun razernij hadden gekoeld? Ja hoor.

Ik schreef erover en lezers reageerden met talloze, gelijksoortige verhalen. De moderne aso kent zijn weg in de wetshandhaving een stuk beter dan u en ik. De tijd dat een oppassende burger met een stukke bril en een bloedneus geloofwaardiger was dan een sportschoolbezoeker met een sleutelring door zijn neus, is helaas voorbij. Het is een primitief soort framing: de eerste aangifte is een daalder waard.

Rutger Castricum van PowNed kent de methode. „Het taboe op de pedagogische tik is nu juist waar we types als Castricum aan te danken hebben. Gedoseerd corrigerend geweld is je enige hoop”, twitterde ik dinsdag. Meteen iemand van dat programma aan de lijn natuurlijk, maar misschien was het alleen om me bang te maken. PowNed als een soort omgekeerde Stasi.

Ooit wist een hooligan dat hij een hooligan was – illusies dat hij op zijn eigen manier ergens eigenlijk best goed bezig was, koesterde hij niet. Ongestraft wegkomen was zijn voornaamste zorg en voldoende beloning. Nu wil hij horen dat hem óók onrecht is aangedaan. Loopt hij na het afrossen van een voorbijganger met bebloede knuisten het politiebureau in om aangifte te doen dat het slachtoffer terugsloeg met een krant. Om huilie-huilie te doen, zoals het op z’n Wilders heet. De hooligan is een huiligan geworden.

Wat dat betreft zou Castricum een voorbeeld moeten nemen aan Theo van Gogh. Die vond het leuk om mensen het bloed onder de nagels vandaan te treiteren, maar wat de reacties ook waren, hij incasseerde ze blijmoedig. Jongen, waar is je eergevoel, dacht ik soms als ik hem bezig zag, maar zo’n huilie-huilie-aangifte zou beneden zijn stand geweest zijn.

Het onbezonnen optreden van Andreas Kinneging volgde op een al even onbezonnen uitspraak van zijn vrouw, Naema Tahir. In Buitenhof stelde zij voor om „onfatsoenlijke” journalisten van het Binnenhof te weren. Om politiek Den Haag af te schermen met een journalistiek cordon sanitaire, dus eigenlijk. Een dwaas idee.

Mag ik dan een beroepsverbod voor luie, gemakzuchtige journalisten? Of vrouwelijke die nooit eens een rok aantrekken? Dat het hedendaags populisme, en wat is PowNed anders, zich niet stoort aan schutkringen, is inmiddels vrij overtuigend aangetoond. Janmaat kwijnde, maar vooral omdat hij zo’n loser was, Fortuyn en Wilders deden er hun voordeel mee.

Trouwens, die Castricum, die líjkt wel een beetje op Janmaat. Diezelfde querulanteske uitstraling. Zo’n nijdige kleinburger met almachtsfantasieën. Hij gaat de wereld veroveren, maar blijft steken in de niche van nuisance value. Een „eenmotorige mug”, zoals Joseph Luns Willem Oltmans typeerde. Ook zo’n onverschrokken anarchist die voortdurend naar de juf liep. Janmaat en Oltmans, dat zijn de schouders waar PowNed op staat. Huiligans avant la lettre.

Jan Kuitenbrouwer is journalist, directeur van taaladviesbureau de Taalkliniek en columnist van NRC Handelsblad.