Calder, de geniale knutselaar

De Amerikaanse kunstenaar Alexander Calder maakte een circus van ijzerdraadjes en kurk. Daarmee trad hij op voor zijn vrienden.

S0134293 Circus Scene, 1929. Wire, wood, and paint, 50" x 46 3/4" x 18 1/8" (127 x 118.7 x 46 cm). Image licenced to Doede Hardeman Gemeentemuseum Den Haag by Doede Hardeman Usage : - 4600 X 4600 pixels (A3) © Calder Foundation, New York / Art Resource © Calder Foundation, New York /

Vind jij het soms ook zo onuitstaanbaar om in déze tijd geboren te zijn? Onuitstaanbaar dat je er nooit lekker op los kunt galopperen met de Ridders van de Tafelronde. Dat je nooit voor het eerst in de geschiedenis Kaap de Goede Hoop zult ronden. Dat je door Nederland loopt en voor de verandering géén snelweg tegenkomt.

Dat gevoel komt geheid op, als je naar een van de vrolijkste tentoonstellingen gaat die deze maanden in Nederland is te zien: Alexander Calder – de grote ontdekking in het Gemeentemuseum Den Haag. Behalve een gewichtig boek is er bij de tentoonstelling een mooi boekje van tekenaar Sieb Posthuma verschenen, die ook al zo’n liefhebber van Calder is. Alexander Calder was een Amerikaanse kunstenaar die geboren werd in 1898 en stierf in 1976. Het bekendst is hij geworden met zijn ‘mobiles’. Dat was in de jaren twintig van de vorige eeuw een hip woord voor iets wat jij en ik boven tientallen wiegjes hebben zien hangen en bewegen op de wind. Poppetjes en beestjes. Een paar draden. Vijf of zes plankjes hout. Klaar.

Calder bedacht het systeem, niet omdat hij eropuit was om iets nieuws te bedenken, maar omdat hij al vanaf zijn vroegste jeugd zijn enorme handen niet kon stilhouden en graag beweging bracht in dingen die muurvast leken te zitten. Calder was zo iemand van wie je stiekem droomt dat hij je echte vader is. Hij was een geniale knutselaar, dol op dieren, trouw, hij hield niet van ingewikkeld gedoe, je kon ontzettend met hem lachen, én – en dat is de reden waarom zijn talent nog steeds zo verbijstert – hij kon van niets iets heel ontroerend moois maken.

Calders atelier zag eruit alsof er nooit een bezem doorheen ging. Alles wat hij op straat of in het bos vond, sleepte hij naar binnen. Met een enkele metalen draad maakte hij danseressen, een leeuw, acrobaten, die als tekeningen in lucht waren. Van een stukje kurk, wat oud metaal en ijzerdraad smeedde hij kleine paarden en ruiters, olifanten, zwaardvreters. En uiteindelijk bracht hij al die wezens samen in zijn ‘Cirque Calder’.

Dat circus had geen grote transportwagens nodig om te reizen, maar gewoon één koffer. Daar pasten alle circusdieren, circusmensen en attributen in. Er zijn beschilderde dierenwagens, vreemdsoortige dieren, gek gevormde poppetjes en zelfs ambulances, die klaar staan in geval van ongelukken met de trapezeartiest, de leeuwentemmer of de zwaardvreter. Calder zat ernaast en kletste en fantaseerde erop los, zo is op oude filmbeelden te zien. Ook trad hij met zijn circus op voor zijn kunstvrienden, onder wie Picasso, Léger, Mondriaan en Man Ray.

En jij? Gegarandeerd dat jij er net zo van gaat smullen. Gewoon, omdat het nog steeds betoverend is om iemand bezig te zien die met hart en ziel gelóóft in betovering.

‘Alexander Calder – de grote ontdekking’ is t/m 28 mei te zien in het Gemeentemuseum Den Haag. ‘De draad van Calder’ van Sieb Posthuma is voor €13,95 te koop.