Pijnlijk bewust van het geluid van stilte

De dove tieners Evy en Nick zijn verliefd zoals alle tieners verliefd willen zijn: groots, wild, heftig.

170 Hz. Regie: Joost van Ginkel. Met: Gaite Jansen, Michael Muller, Eva van Heijningen, Hugo Haenen, Ariane Schluter, Porgy Franssen. In: 10 bioscopen.

Hoeveel woorden heb je nodig voor de liefde? Er zijn nu eenmaal dingen die je niet in woorden kunt uitdrukken. Of het nu in het Nederlands, het Engels of een van de 160 gebarentalen is die regisseur Joost van Ginkel (1971) ontdekte voor zijn debuutfilm 170 Hz, die zich afspeelt in een tragisch-romantisch universum waar men, met of zonder woorden, doof kan zijn voor elkaars gevoelens en emoties.

Evy en Nick zijn tieners en verliefd. Net zoals alle tieners verliefd zijn of verliefd willen zijn: groots, wild, heftig. En net zoals alle verliefde tieners stuiten zij op bezwaren, die minder te maken hebben met het feit dat ze allebei doof zijn, maar meer het feit dat hun ouders niet naar ze kunnen of willen luisteren.

Geen wonder dat 170 Hz na zijn première op het Nederlands Film Festival vorig jaar bekroond werd met het Gouden Kalf voor de publieksprijs en de MovieSquad Award van de jongerenjury. Dit is een film waar je je op veel verschillende manieren in kunt herkennen. En waar je op veel verschillende manieren kunt meevoelen.

Na een ruzie met de ouders van Evy, die willen dat hun dochter haar vriendje niet meer ziet, besluiten Nick en Evy van huis weg te lopen, en net zoals in alle roadmovies blijken zij dan onderweg toch zichzelf en hun demonen uit het verleden weer te hebben meegenomen. Hun schuilplaats is veelzeggend: een verlaten onderzeeër in een nachtelijk niemandsland.

Het is een plek die niet alleen symbool staat voor hun isolement, maar die de horende toeschouwers van de film ook bewust zal maken van de geluiden van de stilte. Dat is een pijnlijk existentiële ervaring, want dat betekent dat van de vele manieren waarop je de rijkdom van deze film kunt ervaren er – of je nu horend of niet-horend bent – altijd eentje voor je afgesloten zal zijn.

Je kunt als horende nooit ervaren hoe het is om als dove naar deze film te kijken en andersom. Je kunt de ander nooit helemaal bereiken. Dat is misschien wel het communicatieprobleem waar de film over gaat ten top.

Om dat te bereiken kiest Joost van Ginkel voor een standvastige stijl: beelden worden ingezet alsof het geluidsgolven zijn: aards en associatief. Soms gaat zijn beeldtaal over the top – een andere keuze was misschien geweest om alleen nog abstracte beelden te gebruiken wat de film ongetwijfeld minder toegankelijk had gemaakt.

Maar nu werkt 170 Hz vaak als een videoclip of een droom. Je neemt die beelden al lang niet meer waar met je ogen maar met je tastzin, zoals je je kunt voorstellen dat doven de lage tonen op de soundtrack nog als trillingen kunnen voelen. De titel 170 Hz verwijst daar ook naar: het is de hoogste lage toon die Nick nog horen kan, en hoe dat klinkt maakt de industriële soundtrack ons duidelijk.

170 Hz is een zintuiglijke en zinnelijke film. Een unicum ook in de Nederlandse film, waar al te vaak wordt uitgelegd hoe we ons moeten voelen, in plaats van dat voelen aan de toeschouwer over te laten en zo de filmervaring te verrijken.

    • Dana Linssen