De kleine man overspeelt in ‘Plan C’ zijn hand

Plan C. Regie: Max Porcelijn. Met: Ruben van der Meer, René van ’t Hof, Ton Kas, Kees Hulst. In: 21 bioscopen.

De kalende Amsterdamse politierechercheur Ronald Plasmeyer (Ruben van der Meer) bezoekt graag illegale pokerwedstrijden. Tot diep in de nacht zit hij aan de wedstrijdtafel, in de ijdele hoop eens flink te winnen. Als hij ’s ochtends op het bureau komt, krijgt hij van zijn collega’s opmerkingen over de wallen onder zijn ogen. Om zijn gokschulden te kunnen betalen sloot hij een lening af bij een Chinese onderwereldfiguur die zijn geld nu terugeist.

Geld dat Ronald niet heeft. Dus bedenkt hij een plan dat hij samen met zijn sullige vriend Gerrit (René van ’t Hof) en diens vroegere zwager Bram (Ton Kas) uitvoert. Dat dit plan uit de hand loopt, spreekt voor zich. Wie zijn hand overspeelt, wordt gestraft.

Plan C is een misdaadkomedie over ‘de kleine man’, zoals betweter Bram de sappelende bewoners van Amsterdam-Noord noemt waar de film zich grotendeels afspeelt. Gewone mensen zoals Ronald, Gerrit en hijzelf over wie naar Brams smaak vaak te denigrerend wordt gedaan.

Plan C zit vol droge humor. Zo noemt Gerrit de papegaai die hij heeft ‘een stukje gezelligheid’ en is er de steeds terugkerende zinsnede dat ploeteraar Ronald ‘in een lastig parket zit’. Hoewel de meeste humor talig is en de dialogen licht absurdistisch, heeft Plan C ook veel visuele flair. Regisseur Max Porcelijn, die eerder met Ruben van der Meer samenwerkte in zijn eindexamenfilm De ontgoocheling (2006), begint Plan C met een fraai gechoreografeerd openingsshot waarin niet gemonteerd wordt.

Het buiten het Filmfonds om onafhankelijk geproduceerde Plan C is toch net niet helemaal geslaagd. De personages zitten soms gevaarlijk dicht bij Jiskefet-typetjes en de dialoog over Kentucky Fried Chicken is de zoveelste variant op de ‘patat met mayonaise’-dialoog uit Pulp Fiction.

    • André Waardenburg