Britten willen rol mensenrechtenhof inperken

De Britse regering wil de invloed van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens inperken door nationale rechters en nationale parlementen meer zeggenschap te geven bij mensenrechtenkwesties. Daartoe moet het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) worden aangepast, aldus een verklaring die naar Britse media is uitgelekt. Het Verenigd Koninkrijk is nu voorzitter van de Raad van Europa, waaronder het mensenrechtenhof valt. De Britten willen in april een akkoord bereiken over de beperktere rol van het hof in Straatsburg.

Al enige tijd ligt het hof onder vuur in het Verenigd Koninkrijk. Het zou zich te activistisch opstellen en de soevereiniteit van nationale regeringen en parlementen aantasten. In het Verenigd Koninkrijk ontstond de afgelopen weken ophef omdat het mensenrechtenhof de uitlevering naar Jordanië verbood van Abu Qatada, een imam die ervan wordt verdacht de rechterhand van Osama bin Laden in Europa te zijn geweest.

In het EVRM moet volgens de Britse plannen staan dat nationale regeringen een grotere ‘margin of appreciation’ (interpretatieruimte) krijgen bij de toepassing van vonnissen uit Straatsburg. Ook zou het mensenrechtenhof zich niet mogen bezighouden met zaken die „identiek” zijn aan zaken die al voor een nationale rechter hebben gediend. Het betekent dat het Hof in Straatsburg minder zaken mag behandelen.

Ook wil de regering-Cameron in het EVRM het woord „subsidiariteit” opnemen – het principe dat zaken op het laagst mogelijke niveau – niet Europees, maar nationaal – moeten worden behandeld.

Ook de Nederlandse regering wil meer bevoegdheden voor landen om het mensenrechtenverdrag te interpreteren. Uit VVD-hoek gaan stemmen op tegen ‘Straatsburgs activisme’ en voor nationale soevereiniteit.

Secretaris-generaal van de Raad van Europa Thorbjørn Jagland waarschuwde in deze krant dat de kritiek het gezag van het Hof ondermijnt en landen als Rusland, die het niet nauw nemen met de mensenrechten, in de kaart speelt.