Ze moeten weer gaan formeren: waarover zijn ze het (on)eens?

Met de nieuwe CPB-cijfers over de ‘staat van de economie’ kunnen VVD, CDA en PVV vanaf donderdag gaan onderhandelen over hun voorgenomen bezuinigingen. Het dilemma: hoe voorkomen dat het consumentenvertrouwen verder zakt en de economie verder krimpt?

Nederland, Den Haag, 03-08-2010 .Foto Maarten Hartman. Kabinetsformatie. Wilders, Rutte, Verhagen op weg naar het Tweede Kamer gebouw na hun gezamelijk gesprek met informateur Lubbers. Maarten Hartman

Wordt het een tekort van 3,7 of 4,2 procent? En zouden we daarom ‘van Europa’ volgend jaar 7 of 10 miljard euro extra moeten bezuinigen?

Dat zijn de vragen waarop het Centraal Planbureau donderdag een antwoord gaat geven. Als Nederland binnen de Europese norm van 3,0 procent wil blijven, zijn de spelregels helder. Als het aan het CPB ligt, zo bleek gisteren uit een artikel van directeur Coen Teulings, moeten de Europese landen zich vooral niet kapot bezuinigen. En die boodschap valt in politiek gunstige aarde.

De ramingen die door de belangrijkste economische adviseur van het kabinet worden gegeven, zijn slechts het begin van een veel moeizamer proces voor het kabinet-Rutte. Dat moet het vertrouwen van consumenten terugwinnen. En tegelijkertijd moet het kabinet het vertrouwen van de financiële markten behouden.

En er is haast.

Tot dusverre gold Nederland in de eurocrisis als vluchthaven voor beleggers die andere Europese landen niet meer hun geld wilden toevertrouwen. Nederland en Duitsland, de helden van Europa, breng daar je geld maar heen. Maar de groeivooruitzichten voor Nederland zijn inmiddels veel slechter dan die voor Duitsland. Nederland krimpt dit jaar volgens de Europese Commissie met 0,9 procent. Duitsland groeit met 0,6 procent. Het begrotingstekort spreekt ook boekdelen: 1 procent in Duitsland versus bijna 5 procent in Nederland in 2011.

Het kabinet moet de komende maanden met goede plannen komen, wil het zijn gunstige positie niet verspelen. En streng bezuinigen alleen is eigenlijk niet voldoende. Wie 7 miljard euro in één jaar wil snoeien, doet de economie misschien wel meer kwaad dan goed. En veel uitgaven liggen contractueel vast. Deskundigen bezweren bijvoorbeeld dat het budget voor ontwikkelingshulp in 2013 niet zomaar gehalveerd kan worden. De gelden zijn allang toegezegd. Een miljard eraf kan misschien wel.

Snel lasten verzwaren is makkelijker. Een btw-verhoging van 1 procent levert snel 2 miljard euro op. Ook kan het kabinet een voor 2013 ingeplande lastenverlichting voor burgers en bedrijven laten varen: dat levert 1,6 miljard euro op, zonder dat een mens er iets van merkt. Die lasten zijn immers nu ook al zo hoog.

Een andere veelgehoorde snelle bezuiniging is het bevriezen van de ambtenarensalarissen en de uitkeringen. Dat kan zomaar een miljard opleveren.

Maar leveren deze maatregelen structureel gezondere overheidsfinanciën op? En krijgen consumenten hierdoor hun vertrouwen terug?

Om dat voor elkaar te krijgen, móet het kabinet hervormen, zo bezweren economen en politici. En die hervormingen moeten binnen deze kabinetsperiode ingaan, en niet pas op de lange termijn (2020) willen ze geloofwaardig zijn voor Europa en voor de financiële markten. Hervormen op de korte termijn is pijnlijker en moeilijker dan bruut hakken. Moeilijker omdat met name gedoogpartner PVV zich tegen veel hervormingen zal verzetten.

In deze kabinetsperiode moeten er serieuze stappen worden genomen om weer uitzicht op herstel te krijgen. Bijvoorbeeld stappen maken op de woningmarkt door een einde te maken aan het fiscaal stimuleren van schulden. Ook pleiten veel hervormers voor een verdere verhoging van de AOW-leeftijd en drastische maatregelen op de arbeidsmarkt. Kan de duur van de ww-uitkering niet omlaag? En moet de positie van 55-plussers op de arbeidsmarkt niet iets minder riant worden gemaakt?

Als aanstaande maandag de onderhandelingen over extra bezuinigingen beginnen, zitten niet alleen Mark Rutte (VVD), Maxime Verhagen (CDA), Geert Wilders (PVV) en hun adjudanten Stef Blok, Sybrand van Haersma Buma en Fleur Agema aan tafel. Eén kamer verder zit minister Jan Kees de Jager (Financiën, CDA) met zijn ambtenaren om alle mogelijke en onmogelijke plannen door te rekenen.

En natuurlijk kijkt ook de Europese Commissie kijkt mee. Weinig politici pleiten nu nog in het openbaar voor een maximaal begrotingstekort van 3 procent in 2013, maar dat is wel de eis van Brussel. Eerder deze maand kwam Europees Commissaris Olli Rehn nog in Den Haag uitleggen dat het echt 3 procent blijft. En dus niet 3,3 procent. Of er moeten hele serieuze hervormingen tegenover staan.

Wat willen de partijen?

CDA wil een hervorming scoren, liefst op de huizenmarkt. Al maanden tracht de partij maatregelen te verzinnen die voor een versnelde afbouw van de schuld bij gezinnen (ruim 600 miljard) moet zorgen. Morgen presenteert de regeringspartij een rapport over (onder meer) de bevordering van de spaarzin.

PVV wil zeker een bezuiniging op ontwikkelingssamenwerking, maar heeft verder weinig op met de verlangens uit Brussel. Op de eerste dag van de begrotingsonderhandelingen (komende maandag) presenteert Geer Wilders de studie die Lombard Street Research heeft verricht naar de alternatieven voor de huidige euro. De conclusies laten zich raden.

En wat wil de VVD? Dat is nog het minst duidelijk, maar bijvoorbeeld versoepeling van het ontslagrecht ligt voor de hand. De VVD heeft zich het duidelijkst als hoeder van de overheidsfinanciën gemanifesteerd. Waar CDA en en zeker de PVV coulanter willen zijn met de tekortnormen uit Brussel, lijkt de VVD daar nog niet erg ontvankelijk voor. Maar juist VVD-ministers als Edith Schippers (Zorg) en Melanie Schultz van Haegen (Verkeer) zijn bij de formatie redelijk buiten schot gebleven. Bij minister Hans Hillen (Defensie, CDA) en staatssecretaris Henk Bleker (Natuur, CDA) is inmiddels veel minder te halen.

De kloof loopt niet alleen via de partijen. De grootste verdeeldheid tekent zich af tussen twee CDA-ministers: Jan Kees de Jager (Financiën) en Maxime Verhagen (Economische Zaken). Die laatste heeft zich inmiddels ontpopt als pleitbezorger voor hervormingen en „slimme bezuinigingen”. Zonder overigens specifiek te worden. Hij waarschuwde twee weken geleden al dat bezuinigingen de economische groei gemakkelijk kunnen schaden. Volgens Verhagen kost 1 procent minder overheidsuitgaven „in de regel 0,7 procent groei”.

Financiën daarentegen hamert op het gevaar dat de financiële markten hun vertrouwen in Nederland kwijtraken. Dat kan de groei nog veel meer schaden dan de bezuinigingen. Als de rente 1 procentpunt stijgt dan betaalt de overheid 4 miljard euro meer rente, zo meldt Financiën. En Nederlandse bedrijven betalen dan ook meer rente. Bij Financiën wordt zelfs op economen gewezen die beweren dat extra uitgaven alleen maar negatief werken als een land (zoals Nederland) een hoge staatsschuld heeft.

De meeste economen noemen de argumentatie van Financiën bangmakerij. Het is volgens hen niet zo dat Nederland het vertrouwen van de financiële markten kwijtraakt als het tekort in 2013 boven de 3 procent uitkomt. Sterker nog, als het kabinet keihard gaat hakken in de uitgaven om in één jaar het tekort terug te brengen, kiest het een halve oplossing. Een aanhoudende recessie zou ook volgend jaar extra maatregelen vereisen om het tekort te beperken. En ondertussen stijgt staatsschuld door. In vijf jaar is die schuld van 45 procent van het bruto binnenlands product naar 67 procent dit jaar gestegen. De overheid moet structureel bezuinigen om die schuld weer naar beneden te brengen. Uit alle macht en met kunst- en vliegwerk het tekort in 2013 beperken is daarbij vergeleken kinderspel.