Internationals en geld vind je in Rusland

Vorig jaar wisselde een recordaantal voetballers van club. Oorzaak: groot geld in Oost-Europa en crisis in Zuid-Europa.

Sportredacteur

Rotterdam. Stormachtig veroveren de Russen het Europese profvoetbal. Op de transfermarkt zijn Russische clubs in korte tijd uitgegroeid tot een gevreesde concurrent voor de traditionele topclubs in West-Europa. Van de zestien clubs die nog actief zijn in de Champions League, het belangrijkste Europese clubtoernooi, komen er twee uit Rusland: Zenit Sint Petersburg en CSKA Moskou – er zitten evenveel Spaanse en Engelse clubs bij de beste zestien van Europa.

Uit een onlangs verschenen demografische studie van het Europese profvoetbal blijkt dat in de Russische competitie in 2011 zelfs meer internationals (spelers die uitkomen voor een nationaal team) speelden dan in de Spaanse, Italiaanse of Franse competitie. Het onderzoek van de CIES Football Observatory, een sportwetenschappelijke onderzoeksgroep die is gelieerd aan de universiteit van Neuchâtel in Zwitserland, bevestigt de opmars van het Russische voetbal. In het algemeen geldt: hoe meer internationals, hoe hoger het niveau.

De Oost-Europese voetbalcompetities – de Russische en in iets mindere mate die van Oekraïne, Polen, Roemenië en Bulgarije – zijn in korte tijd snel veranderd, vertelt de Zwitserse onderzoeker Raffaele Poli in een telefonisch interview. Hij is het hoofd van de Football Observatory en een van de auteurs van de demografische studie. „Russische clubs halen tegenwoordig overal ter wereld voetballers vandaan.” De internationalisering van de competities in Oost-Europa vormt een van de twee verklaringen voor de belangrijkste conclusie in de studie: nooit wisselden in de 33 hoogste nationale profcompetities in Europa zo veel spelers van club als in 2011.

De private financiers die steeds vaker opduiken bij clubs in Oost-Europa willen zo snel mogelijk naar de top en kijken niet op een miljoen meer of minder. Zo verdient aanvaller Samuel Eto’o uit Kameroen 20 miljoen euro per jaar bij Anzhi Machatskala en trok de club uit de Russische deelrepubliek Dagestan onlangs trainer Guus Hiddink aan. Bij een gemiddelde Russische club arriveerden in 2011 veertien nieuwe spelers, een van de hoogste aantallen in Europa.

De tweede oorzaak van het toegenomen aantal transfers in het profvoetbal is te vinden in Zuid-Europa. Door de economische crisis wordt er meer gehandeld in voetballers en niet minder, stelt onderzoeker Poli. Veel clubs in Italië, Portugal, Griekenland en ook Spanje gaan gebukt onder een enorme schuldenlast en zoeken naar alternatieve manieren om topvoetballers te verwerven. „Steeds vaker worden de transferrechten van voetballers uitbesteed aan investeringsmaatschappijen of ondergebracht bij rijke clubbestuurders, die iets terug willen voor hun investeringen”, vertelt Poli.

Bij verkoop van een speler gaat het geld naar de houder van diens transferrechten. Volgens de onderzoeker zijn de transferrechten van duizenden voetballers in Europa in handen van derden, bovendien bleek dat ook eenderde van de zaakwaarnemers die in Italië, Spanje, Engeland, Duitsland of Frankrijk werken een deel van de transferrechten van hun spelers bezit. De recordhandel in voetballers vorig jaar is een gevolg van deze ontwikkeling. „Clubbestuurders, investeringsmaatschappijen en zaakwaarnemers verdienen geld als zo’n speler wordt verkocht”, zegt Poli. Persoonlijk gewin op korte termijn wint het dan van wat op lange termijn het beste is voor de club, stelt de wetenschapper. Doordat clubs de winst moeten afstaan, kunnen ze het geld ook niet herinvesteren in nieuwe spelers en verergeren de problemen.

Uit het onderzoek van de Football Observatory blijkt ook dat in Cyprus en Italië steeds meer oudere, buitenlandse voetballers spelen. Waar de Nederlandse competitie wordt leeggeplukt door buitenlandse clubs en de gemiddelde leeftijd van voetballers is gedaald, is Cyprus verworden tot een toevluchtsoord voor oude spelers van buiten Cyprus. „Zeven op de tien voetballers zijn daar geïmporteerd”, zegt Poli.

Competities hebben baat bij goede, buitenlandse voetballers, vertelt Poli. Lokale voetballers kunnen dan profiteren van betere medespelers en sterkere tegenstanders. „Maar het gaat om de balans. Als je de jeugdopleiding verwaarloost, zal het nationale voetbal instorten. De sport heeft een geloofwaardigheidsprobleem als de jeugd geen kans krijgt.”

Zelfs de grote Italiaanse competitie is volgens Poli in gevaar. „De helft van de spelers in de Serie A komt uit het buitenland, nog niet zo lang geleden was dat één op de drie.” En belangrijker: van de tien vaakst opgestelde spelers onder de 21 jaar heeft slechts één voetballer een Italiaans paspoort – en die kwam maar 38 procent van de tijd in actie. De andere negen komen uit het buitenland. Poli: „Dat hoeven niet eens de beste spelers te zijn. Ze kunnen ook van de makelaar zijn die de beste connecties met de clubvoorzitter heeft.”

    • Dolf de Groot