Brieven

Hofland doet de Partij voor de Vrijheid onrecht aan

De column van H.J.A. Hofland (Opinie, 22 februari) bevat enkele onjuistheden. Hierdoor creëert hij een beeld dat onrecht doet aan de PVV.

Vier jaar geleden was de natie in rep en roer vanwege Fitna. Hierin werd volgens Hofland de islam ontmaskerd als fascistische godsdienst. Het ging hier niet om het ontmaskeren van de islam, maar om het aan de kaak stellen van de Koran, vanwege de talloze passages in dit boek waarin wordt opgeroepen tot het doden van ongelovigen of andersgelovigen.

Wilders heeft evenmin gewaarschuwd voor een tsunami van moslims, maar voor een tsunami van islamisering. Die moet worden tegengegaan omdat hij een bedreiging vormt voor onze manier van leven en voor onze cultuur.

Pim Fortuyn heeft de islam bovendien niet een achterlijke godsdienst genoemd, maar een achterlijke cultuur. Fortuyn was van mening dat het aanhangen van een bepaalde religie een persoonlijke keuze is, waarmee de overheid niets van doen heeft. Het ging hem om de islamitische cultuur, die na 1400 geen ontwikkeling meer heeft doorgemaakt.

Misschien heeft Hofland een punt met zijn betoog tegen de PVV, maar hij zal er toch een paar andere argumenten voor moeten aanvoeren.

P. van Woerden

Gouda

Culturele verschillen leiden tot vertragingen bij crisis

Het was een interessant artikel van Ewoud van Laer over de culturele verschillen tussen Grieken en Duitsers (NRC Handelsblad, 22 februari).

Voor de huidige crisis is het culturele verschil tussen Duitsland en Frankrijk minstens zo belangrijk. De Duitsers denken in termen van het ordo-liberalisme – een vrije markt volgens vaste regels. Ze vonden dat het Internationaal Monetair Fonds (IMF) moest worden betrokken bij de oplossing van de Griekse crisis. Fransen hebben een dirigistische inslag en een aversie van alles wat riekt naar Angelsaksisch. Ze wilden een Europese oplossing zonder IMF – lees: de Verenigde Staten.

Dit verschil in inzicht heeft geleid tot de nodige vertraging en onduidelijkheden. Ook het vertrek van de Axel Weber en Jürgen Stark uit de directie van de Europese Centrale Bank (ECB) is terug te voeren op dit verschil van inzicht. Zij konden zich niet vinden in de meer Franse koers van de ECB.

Eelke de Jong

Hoogleraar internationale economie aan de Radboud Universiteit Nijmegen

Gewapende interventie in Syrië is helemaal niet nodig

In zijn stuk over interventie in Syrië (Opinie, 22 februari) gaat Maarten Zeegers aan twee elementen voorbij. Allereerst is een ‘humanitaire’ interventie een gepasseerd station. Zowel het Westen als Rusland en China hebben gevestigde belangen in de regio, waarin Syrië altijd een belangrijke rol heeft gespeeld. Een interventie dient slechts het doel van het uitdragen van een politieke agenda, om de Syrische rol binnen het Israëlisch-Palestijns conflict, en ten opzichte van de betrekkingen met Iran, te keren ten gunste van het Westen.

Ten tweede negeert Zeegers de mogelijkheden voor diplomatieke oplossingen. Zijn opinie reflecteert het dominante alles-of-nietsperspectief – óf een gewapende interventie, óf accepteren dat we het geweld in Syrië niet kunnen stoppen. Deze houding helpt niet bij het zoeken van diplomatieke oplossingen. Internationale steun voor de oproep van het Rode Kruis voor een staakt-het-vuren is het begin. De humanitaire verlichting hiervan biedt ruimte voor dialoog. Dat is het enige middel waarmee de hervormingen, de positie van Assad, de regionale rol van de Arabische Liga en geopolitieke belangen van het Westen en Rusland kunnen worden geadresseerd.

Sophie SchellensEvaline Schot

Global Partnership for the Prevention of Armed Conflict

Verwende pensionado’s

Tjeu Lemmens – universitair docent te Delft met zijn werkende vrouw als secretaresse goed voor netto 4.200 euro per maand – begrijpt niets van „het gehuil” van twee ongeruste pensionado’s op de Economiepagina van 21 februari (Opinie, 23 februari). Een van die ouderen krijgt 2.100 euro netto per maand, de ander 3.500.

Lemmens vergeet dat hij en zijn vrouw uit vrije wil vlak achter elkaar drie kinderen hebben gekregen, die nu alle drie studeren. Die 2.200 euro voor Lemmens en zijn vrouw is tijdelijk en hun eigen keus. Over enkele jaren krijgen ze weer 4.200 euro.

Dan vreest Lemmens nog dat zijn kinderen geen baan zullen vinden. Die boze pensionado’s zouden dit soort zaken niet meer aan hun hoofd hebben. Dit zal zo zijn, maar hebben zij niet wellicht nog zwaardere zorgen en ellende gekend? Dus: inbinden, jongeman. Graag wat respect als een oudere z’n zorgen ventileert!

Jan Voerman

Maurik