Spelplezier bij Beethovencyclus

Klassiek

Chamber Orchestra of Europe onder leiding van Bernard Haitink. Werken van Beethoven. Gehoord: 24/2 Concertgebouw Amsterdam; afsluiting cyclus (Symfonieën nrs. 1 & 9): 28/2 *****.

Hoewel Bernard Haitink lang wachtte, tot halverwege de jaren tachtig, eer hij de symfonieën van Beethoven gezamenlijk bij de horens vatte, is hij inmiddels bezig aan zijn zesde cyclus.

Met het Chamber Orchestra of Europe is hij deze maand terug in Amsterdam om het in januari 2011 begonnen karwei af te maken. Dinsdag begon hij de reeks met de Pastorale en het Tripelconcert. Aanstaande dinsdag, 28 februari, zetten zij met de Eerste en de Negende, een waar alfa-en-omegaconcert, de kroon op hun werk.

Onlangs vertelde Haitink in deze krant dat hij Beethovens symfonieën zozeer als een eenheid beschouwt, dat hij ze niet meer afzonderlijk wil uitvoeren. Die benadering was goed voelbaar op het voortreffelijke concert van afgelopen vrijdag, waarin ook de op papier minder aansprekende Vierde schitterde als een meesterstuk.

Vanaf de eerste maten van de ontroerende, langzame introductie heersten opperste concentratie en superieur spelplezier. Zo gaf Haitink de levendige Vierde, zo benauwend ingeklemd tussen de dramatische pieken van symfonieën drie en vijf, welverdiende lucht.

De Zevende klonk vervolgens in al haar pracht buitengewoon trefzeker. Het geliefde Allegretto vouwde open als een roos, het scherzo danste en de finale donderde meeslepend. Echt klein is het Chamber Orchestra of Europe niet, maar het speelt met kamermuziekachtige precisie en transparantie. Met name het hout had een verrukkelijke klank, met een glansrol voor de fluitiste.

Reeds aan het begin van de avond had Haitink, die de akoestiek van het Concertgebouw kent als geen ander, een sterk staaltje dynamisch contrast laten horen, met de fluisterzacht ingezette Ouverture ‘Leonore’ nr. 3. Groots en adembenemend.