Onaangenaam levensecht, levensecht onaangenaam

Denise Mina: Het einde van de wespentijd. Anthos, 427 blz. € 21,95 ****

De vrouw ligt halfnaakt met het hoofd naar beneden op de trap. Ze is gevallen omdat ze, terwijl ze de trap afrende, van achteren bij de haren is gegrepen. Vervolgens is de moordenaar omgelopen, blijkt uit de voetsporen in het tapijt. Hij of zij hield zich daarna met één hand vast aan het witte houten traphek, één voet op een traptrede. Met de andere, gestoken in een sportschoen, trapte de dader heel vaak heel hard in op het gezicht van de vrouw (Brits, blank, blond, 24, slank postuur). Haar lippen zijn redelijk intact maar haar ogen zijn ontploft en haar tanden liggen als een klein bolletje samengeschoold achterin haar keel. Een gelaat heeft ze niet meer, een oorlelletje ligt ergens op de trap. ‘Moet dit?’, denkt de lezer. Het is vies, maar het is ook onwaardig. Je krijgt, net als het team van rechercheur Alex Morrow, onwillekeurig een afkeer van het slachtoffer omdat zij de redelijkheid, ordelijkheid en statigheid van het leven ligt te ontkennen, kapot geschopt en neergekwakt halverwege twee verdiepingen. Halfnaakt en vies doodgaan op een trap, het voelt verwijtbaar. En dat slaat nergens op.

Denise Mina haalt een rotstreek uit met de lezers: je krijgt een hekel aan het slachtoffer. Zoals je in dit boek ook een hekel aan de politie krijgt, een hekel aan Glasgow, een hekel aan de Schotse arbeidersklasse. En enige sympathie voor de uiteindelijke aanstichter van dit alles (hoewel hij daar zelf geen weet van heeft): een gewetenloze, saaie zak van een Britse bankier die zichzelf na een kredietcrisis opknoopt aan de eik op zijn miljoenengazon. Zijn kinderen dansen op dat gazon – dat mag nu eindelijk – en kijken meelijdend naar de eik, die hun afschuwelijke vader moest torsen. De kinderen zijn enge hufters, maar ook slachtoffers.

De Schotse thrillerauteur Denise Mina draait altijd alles om en om, totdat je alle mooie en lelijke kanten hebt gezien. In eerdere boeken bewogen haar rechercheurs zich te midden van de arbeidersklasse van het straatarme Glasgow, hier komen we ook de upper middle class tegen. Mina veroordeelt én vergoelijkt niet: rechercheur Alex Morrow, hoogzwanger van een tweeling, probeert haar morele kompas zo goed mogelijk te volgen terwijl de naald alle kanten opdraait. In Mina’s thrillers wekt de plot altijd oprechte verbazing en zijn karakters zowel onaangenaam levensecht als levensecht onaangenaam. Het geweld is afschuwelijk maar niet pornografisch, de maatschappelijke betrokkenheid aanwezig maar niet bevoogdend. De lezer mag vinden wat hij of zij wil maar wordt af en toe wel onderuit geschopt. Het einde van de wespentijd is meer een mindfuck dan een leuke puzzel voor lezende speurneuzen. Het is niet prettig de vrouw op de trap vies te vinden als je net gelezen hebt dat ze een paar uur eerder nog onschuldig in bed lag, met beneden de radio aan zodat het grote lege huis minder eenzaam klonk.