Grabbelende keeper verpest AZ-show

AZ - Heerenveen (3-3) had alles in zich, met wervelende aanvallen en een blunderende doelman. Maar het gegrabbel van Esteban wordt hem in Alkmaar niet nagedragen. „Ik ben geen machine.”

Terwijl Heerenveen-spits Bas Dost na de wedstrijd zijn rol bij de eerste Friese tegentreffer bespreekt, krijgt hij van AZ-trainer Gertjan Verbeek een flinke schouderklop. De topscorer in de eredivisie, die bij alle doelpunten van Heerenveen betrokken was, ontnam AZ-keeper Esteban bij het doelpunt van Filip Djuricic het zicht terwijl hij duidelijk in buitenspelpositie stond.

„Dat zou je hinderlijk buitenspel kunnen noemen”, zegt Dost, binnen gehoorafstand van Verbeek.

„Zou kunnen? Man, dat wás gewoon hinderlijk buitenspel”, zegt de AZ-trainer, quasi geïrriteerd.

Dost, uitdagend: „Natuurlijk, joh. Jij hebt altijd gelijk.”

Verbeek, in 2009-2010 bij Heracles trainer van Dost, knikt tevreden. „Zo is dat. Heb je toch nog iets aan onze samenwerking overgehouden.”

Het was een vermakelijk tafereel na de onderhoudende topper tussen de AZ-Heerenveen (3-3). Maar Verbeek was zeer zeker chagrijnig over het eerste doelpunt vlak na rust van Heerenveen. Een oppermachtig AZ was in de eerste helft genadig voor de Friezen. Niets aan de hand, totdat Esteban kort na rust werd „verslagen door de grensrechter”, zoals Verbeek die 1-1 na afloop typeert.

Het tegendoelpunt dreunde volgens Verbeek nog na, toen de Costa Ricaanse doelman in een luchtduel met Dost mistastte (2-2) en even later de bal laconiek wegschoot waardoor Dost zijn ploeggenoot Luciano Narsingh in stelling kon brengen: 3-2.

Toch verwijt Verbeek zijn keeper niets. Natuurlijk hadden die twee doelpunten een „hoog Estebangehalte”. Verbeek: „Maar ik vind dat geen negatieve rol. Zijn goede reddingen in de eerste helft waren in lijn met de prestaties die hij het hele seizoen al laat zien. Ik denk dat hij uit zijn concentratie is gebracht door dat buitenspelmoment. Daar moet hij zich overheen kunnen zetten.”

Wie de doelman erover wilde ondervragen, heeft gisteren geduld moeten opbrengen. Nadat iedereen lang en breed het spelershome heeft opgezocht, komt Esteban aansjokken. Toilettasje onder de arm, ontspannen glimlach. Of hij zich slecht voelt? „Nee, hoezo?” Zijn twee blunders zijn hem niet aan te zien. „Ik ben geen machine”, zegt hij in het Engels. „Misschien dat dat buitenspelmoment invloed had op mijn focus. Dit is me in anderhalf jaar in Nederland nog niet gebeurd. Je kunt niet altijd top zijn.”

AZ-directeur Toon Gerbrands had al gezegd dat hij een „heel stoïcijnse jongen” is. „Ook bij dat andere.” Gerbrands doelt op het incident in de bekerwedstrijd vorig jaar december tegen Ajax, toen de keeper in zijn rug werd aangevallen door een Amsterdamse hooligan. Zijn spel heeft er niet onder geleden. Donderdag nog, in het Europa-Leagueduel met Anderlecht brachten zijn reddingen AZ een ronde verder.

Tot Verbeeks vreugde hoeft zijn keeper zich deze week niet te melden voor een oefeninterland met Costa Rica tegen Wales. Nadat hij vorig jaar was weggelopen bij de nationale ploeg, is hij daar voorlopig niet welkom. „Maar moet je zien”, zegt Esteban. Zijn rechtermiddelvinger vertoont nog steeds een knik. „Daar kon ik echt niet mee spelen. Maar de bondscoach stond erop. Toen ben ik kwaad weggelopen.”

De incidenten lijken hem te overkomen. In Alkmaar, waar niemand het meer heeft over zijn voorganger Sergio Romero, lopen ze weg met de doelman. Na de wedstrijd ligt de nadruk dan ook niet op Estebans gegrabbel. In de eerste helft stak aan AZ-zijde een storm op die slechts tot één doelpunt leidde, van Jozy Altidore. De 2-1 kwam opnieuw van de Amerikaan, die kort daarop verzuimde de wedstrijd te beslissen.

Na Estebans fouten sleepte AZ via Erik Falkenburg nog een punt uit het vuur. Te weinig voor de Alkmaarse ploeg die gisteren, ondanks de afwezigheid van spelmaker Maarten Martens en verdediger Niklas Moisander, zo dominant speelde dat de wanprestatie tegen FC Utrecht vorige week ineens weer een incident lijkt.

    • Bart Hinke