Gelukkige drie-eenheid

Het lijkt me moeilijk om een favoriet boek of een lievelingsstad te noemen, maar ik heb wel een duidelijke voorkeur in de vaak vergeten categorie ‘aantal personen voor de volmaakte sociale samenstelling’: dat zijn er namelijk beslist drie. Een trio levert wel praktische problemen op: waar koop je een set van drie kussenslopen? Nu heeft

Het lijkt me moeilijk om een favoriet boek of een lievelingsstad te noemen, maar ik heb wel een duidelijke voorkeur in de vaak vergeten categorie ‘aantal personen voor de volmaakte sociale samenstelling’: dat zijn er namelijk beslist drie.

Een trio levert wel praktische problemen op: waar koop je een set van drie kussenslopen?

Nu heeft dit aantal in de wereld der menselijke interactie geen beste reputatie: three is a crowd, derde wiel aan de wagen – het idee van drie personen als groepje wordt behoorlijk gedemoniseerd. Terwijl de wereld zich blindstaart op het gebruikelijke ideaal van paartjes, stelletjes, duo’s, koppels, setjes en tweetallen, vergeten mensen het werkelijke geluk van de drie-eenheid.

Als je met z’n drieën bent, gaat het gesprek altijd vloeiender. Een derde persoon brengt nieuwe invalshoeken, verhalen en grapjes, maar het gesprek blijft wel een geheel (terwijl een gesprek met vier personen vaak opbreekt in twee kleine groepjes, en je kans hebt in een conversatie te belanden over tuinarchitectuur terwijl je nog vaag hoort hoe aan de overkant net de teddyberenfetisj van iemands laatste scharrel wordt beschreven).

Daarbij is het mooie van een trio-gesprek dat je er ook voor kunt kiezen even alleen maar te luisteren. Het gesprek stokt niet, je hoeft niet bang te zijn dat je lijkt op de helft van zo’n uitgeblust stel dat elkaar niks meer te vertellen heeft, er valt geen ongemakkelijke stilte waarna iemand zich geroepen voelt om te zeggen dat er een ongemakkelijke stilte is gevallen – perfect. Je luistert, tevreden, en praat pas weer mee als je iets te zeggen hebt. Gedrieën vind je precies de goede balans.

Dit geldt als het gaat om vriendschap, maar ik koester evengoed een droom van de perfecte trio-relatie. Ik vermoed dat deze fantasie in mijn hoofd is geplant toen ik op 17-jarige leeftijd Splendor zag, een film van Gregg Araki. Hierin wordt een meisje verliefd op twee mannen met wie ze ieder afzonderlijk een relatie begint. Als ze het uiteindelijk opbiecht en de mannen komen elkaar tegen, ontstaat er echter iets nieuws: een trio-relatie, waarbij het een beetje onduidelijk blijft of de mannen het ook met elkaar doen. In mijn hoofd is hun verbond in ieder geval een eindeloze parade van liefde, avontuur en huiselijke gezelligheid. In mijn eigen visioen komt er wel altijd een meisje bij, wat het praktisch-gezellige aspect wat mij betreft nog beter tot uiting laat komen: met hem deel je weer andere interesses dan met haar. Het fysieke gedeelte is in mijn gedachten altijd nog wat troebel (trio’s? wisselende combinaties? weekroosters?) maar er zal een groot bed zijn en met een positieve instelling komt vast alles goed.

Natuurlijk is mijn trio-relatie-verlangen er een van de naïeve soort. In het echt zal er vast een hoop gedoe zijn, jaloezie en venijn en buitensluiting en onbegrip en praktische problemen zoals dat je kussenslopen alleen maar per twee kan kopen. Toch blijft het in mijn hoofd een onoverwinnelijk concept. Tot mijn dromen werkelijkheid worden, zal ik mijn driehoeksvoorkeur botvieren op vrienden. En mijn best doen nieuwe spreekwoorden de wereld in te helpen (Two is a bore & calls for one more?).

    • Renske de Greef