Het schreeuwenboek

The Netherland's Claudia Zwiers, in blue, celebrates her bronze-medal win over France's Celine Lebrun in the Women's -78kg Judo at the 24th World Judo Championships in Cairo, Egypt Thursday, Sept. 8, 2005. (AP Photo/Ben Curtis) AP

Als u een 80 miljoen dollar beschikbaar hebt en u houdt van beroemde schilderijen, zorg dan dat u op 2 mei in New York bent. Daar wordt bij Sotheby’s het wereldberoemde schilderij De Schreeuw van Edvard Munch geveild. Dat wil zeggen: een van de vier versies, deze uit 1895. Het schilderij is nu nog in bezit van de Noorse zakenman Peter Olsen, wiens vader met de kunstenaar bevriend was, naast hem woonde en hem ‘beschermde’ wat in dit geval zal betekenen dat hij hem van tijd tot tijd geld leende.

Waar hangt dit schilderij nu? Ergens in de huiskamer van Olsen, denk ik. Wie thuis een beroemd schilderij aan de muur heeft hangen, krijgt daarvan een bijzondere kick, en dat geldt in sterkere mate voor zijn gasten. Ik weet het. Voor de oorlog ging mijn vader wel eens op bezoek bij de miljonair D.G.van Beuningen in Vierhouten. Hij had een schilderij van Pieter Bruegel de Oude. Mijn vader heeft me een keer meegenomen en daar zag ik De Bouw van de Toren van Babel. Onvergetelijk, zoals nu weer blijkt.

U weet wat De Schreeuw voorstelt. Op een houten brug staat de hoofdfiguur; op de achtergrond twee figuranten. De hemel is oranje. De held van de voorstelling heeft in dodelijke schrik zijn ogen wijd opengesperd, zijn handen naast zijn hoofd geheven en hij schreeuwt. Dit schilderij is de neerslag van zuivere wanhoop. Dat is geen wonder. Munch was een jaar of dertig. Hij had een verhouding met een getrouwde vrouw, Millie Thaulow, die er genoeg van kreeg. Dat is al voldoende om je geest tot totale uitzichtloosheid te bevorderen. Bovendien zat de natuur niet mee. De Indonesische vulkaan ‘De Krakatau’ was tot een uitbarsting gekomen, daardoor werd een vloedgolf veroorzaakt waarbij 36.500 mensen zijn verdronken. Ook die ramp kan van invloed zijn geweest.

Na de dood van Munch in 1944 bleef zijn oeuvre wereldberoemd maar De Schreeuw viel in dat geheel van de superioriteit niet op, totdat een van de versies in 1994 werd gestolen en drie maanden later werd teruggevonden. In 2004 opnieuw een diefstal en twee jaar later opnieuw met gelukkige afloop. Als maker of eigenaar van een kunstwerk kun je de publiciteit niet beter bevorderen en dus de waarde verhogen dan door het te laten stelen, bij voorkeur een paar maal.

De wereldberoemdheid nam gestaag toe. Precies een jaar geleden was in het Centre Pompidou een grote Munch tentoonstelling met natuurlijk een versie van De Schreeuw die ook op het affiche stond afgebeeld. Ik was toch in Parijs, dus: erheen. Op het plein voor het museum stond een rij van ongeveer anderhalve kilometer. Daar was mijn kunstliefde niet tegen bestand.

Misschien dankt dit schilderij in alle versies zijn wereldbekendheid niet alleen aan de wanhoop, of de uitzichtloosheid die zich steeds verder over de planeet verspreidt. Het schreeuwen in de betekenis van een enorme keel opzetten is vooral de laatste decennia een algemene vorm van communiceren geworden, en dit hangt weer samen met onze stijgende behoefte aan zelfbevestiging, het zo duidelijk mogelijk laten weten dat we op een niet mis te verstane manier op aarde zijn.

Een jaar of tien, misschien vijftien geleden is het me voor het eerst opgevallen, toen ik op maandagochtend op een sportpagina de foto zag van een voetballer, de seconde nadat hij beseft had dat hij een doelpunt had gemaakt. Hij had geen mond meer; dat was een wijd opengesperde muil. Die foto heb ik uitgeknipt.

Dat is het begin geworden van mijn grote schreeuwenboek. Het prachtstuk is nog altijd een foto gemaakt op 9 mei 2002, bij de UEFA- bekerfinale tussen Feyenoord en Borussia Dortmund. Je ziet een jongetje van een jaar of zeven met het Feyenoordembleem op zijn jasje. Hij kijkt ongelooflijk boos, heeft zijn rechterarmpje geheven, het middelvingertje opgestoken en hij schreeuwt, schreeuwt! Dit meesterwerk is gemaakt door Jasper Juinen. Ja, een onvergelijkelijk tijdsbeeld.

Verder in mijn plakboek. Een uitstekende kracht vind ik Klaas-Jan Huntelaar. Op een foto laat hij zijn gevoel van triomf de vrije loop nadat hij tegen Heerenveen heeft gescoord, op de andere scheldt hij een medespeler uit. Tussen de twee foto’s is geen wezenlijk verschil: mond zo wijd mogelijk open gesperd en zo kwaad mogelijk kijkend.

En het blijft niet tot voetbal beperkt. De tennisspeler Rafael Nadal is ook een uitstekende kracht. En dan de dames: Claudia Zwiers die je op deze foto in haar keelgat kunt kijken nadat ze in Kairo het wereldkampioenschap heeft gewonnen, in 2005, ik weet niet in wat.

Tenslotte hebben we de politici. Een foto van Jan Peter Balkenende die op een EU-top in Brussel met lachend wijd opengesperde mond collega Juncker van Luxemburg begroet. Juncker heeft zijn ogen dicht, en je hoort hem ‘Kalm, kalm, kalm aan’ denken.

Premier Rutte heb ik zeer hard schaterlachend in de verzameling. Maar het mooist in deze categorie vind ik Gerrit Zalm in gezelschap van Dirk Scheringa, dan nog bankier. Zalm komt praktisch niet meer bij, Scheringa denkt: heb ik iets gemist?

In deze eeuw is de schreeuw universeel geworden. Misschien heeft Munch daartoe bijgedragen, of is daardoor zijn Schreeuw tot een universeel schilderij geworden.

    • S. Montag