'Drie jaar om de euro te hervormen'

De gezaghebbende FT-columnist Martin Wolf waarschuwde al jaren voor weeffouten in de eurozone. Is de crisis bezworen? „Er is alleen tijd gekocht.”

Martin Wolf, Associate Editor and Chief Economics Commentator for the Financial Times listens to testimony before US Senate Foreign Relations Committee hearing on "Foreign Policy and the Global Economic Crisis" March 25, 2009, on Capitol Hill, in Washington, DC. AFP Photo/Paul J. Richards AFP

Het is geen goed idee Martin Wolf tijdens zijn monoloog te onderbreken. De kans dat je er tussenkomt is heel klein. Lukt het wel dan kijkt de Britse econoom en commentator van de Financial Times korzelig en verstoord op. En gaat meteen weer verder met zijn eigen verhaal.

Aan overdreven beleefdheid doet Wolf niet. Hij heeft dat niet nodig. Als hij spreekt, wordt er geluisterd. Zijn column in de Financial Times is onmisbaar voor volgers van de crisis. Wolf heeft contacten op het hoogste niveau, die hij zo nu en dan achteloos laat vallen. De Amerikaanse minister van Financiën Timothy Geithner en topbelegger Mohamed El-Erian zijn vrienden. Kopstukken van de eurocrisis noemt hij het liefst bij hun voornaam. Dat kan verwarren. „Mario heeft het fantastisch gedaan.” Aha. Bedoelt hij ECB-baas Draghi of de Italiaanse premier Monti? Niet onbelangrijk, maar probeer die vraag er maar even tussen te krijgen.

Wolf is kort in Nederland. De Nederlandse afdeling van Royal Bank of Scotland heeft hem voor een dag ingevlogen om klanten en personeel toe te spreken. „Je wilt niet weten wat hij kost”, grinnikt de voorlichter van RBS in de lift. Wolf is net klaar met het toespreken van de werknemers.

Wij begrijpen dat het personeel somber was na uw toespraak. Wat heeft u gezegd?

„Wij zitten middenin twee belangrijke processen op wereldniveau. Economische activiteiten verplaatsen zich naar Azië en dan vooral naar China. Tegelijkertijd implodeert de schuldeneconomie in het Westen. De grote vraag is hoe het Westen schulden kan afbouwen en de te grote financiële sector kan laten krimpen. Er is een reëel gevaar dat dat een serie crises in opkomende markten veroorzaakt. De Europese banksector, bijvoorbeeld, is een belangrijkste financier van opkomende markten. Neem de grote Franse banken. Zij zijn extreem belangrijk voor het financieren van activiteiten in Afrika. Door de eurocrisis bouwden ze die leningen af.”

Wat is het belangrijkste proces in de eurozone de komende tijd?

„Aanpassing is het sleutelbegrip de komende jaren, zo niet decennia. De Europese Centrale Bank en de Europese noodfondsen kunnen landen financieren die het vertrouwen op de kapitaalmarkt verloren hebben. Maar die landen moeten zich wel aanpassen. Ze moeten weer kunnen concurreren. In het geval van Griekenland is dat geen aanpassingsprobleem, maar een ontwikkelingsvraagstuk. Griekenland moet een economie creëren die er nooit was.”

Wanneer achtte u de kans het grootst dat de euro dit niet zou overleven?

„Eind vorige zomer, begin herfst. De rentes op Italiaanse staatsobligaties stegen hard. Als Italianen toen hun spaargeld hadden weggehaald bij Italiaanse banken zouden de gevolgen niet te overzien zijn geweest. De crisis onderging een gedaantewisseling. Beleggers wilden opeens van Franse leningen af. De Franse rentes stegen, niet hard, maar genoeg om verontrustend te zijn. Het antwoord van Europese politici en de ECB was irrelevant. Tegelijkertijd slaagden grote Europese banken er ook niet in financiering aan te trekken op de geldmarkt. Dus gingen ze bezittingen verkopen. Ze verkochten staatsleningen. Het gevolg? De rentes stegen nog harder.”

Hoe komt het dat de panieksfeer weggeëbd is?

„In Athene en Rome zijn inmiddels redelijk competente technocratische regeringen aan de macht. En Mario [Draghi, red.] maakte de geniale zet om de ECB onbeperkt leningen te laten verstrekken aan Europese banken. Een beetje gênant, maar het duurde een week voordat ik doorhad hoe belangrijk de ingreep van de ECB was. Door banken te steunen omzeilt Mario het verbod dat de ECB geen staatsschuld mag financieren. In plaats van direct staatsobligaties op te kopen, zorgt de ECB dat banken genoeg geld hebben zodat ze hun staatsleningen niet dumpen.”

Einde crisis?

„Er is alleen tijd gekocht. De eurozone heeft nu drie jaar om te hervormen. Onderschat niet hoe zwaar en moeilijk dat is. Neem Italië. Om de staatsschuld op orde te krijgen, moet het land de komende twintig jaar een primair overschot hebben van 5 procent van bbp. Uitgaande van een economische groei van 3 procent. Dat verlangen van een vergrijzende en diep verdeelde democratie – die ook nog eens kampt met aanzienlijke corruptie – is a hell of a thing to ask. Wat gebeurt er als Mario [Monti, red.] volgend jaar terugtreedt? Is er een politicus die durft vol te houden? Wat als de socialist Hollande de Franse verkiezingen wint? Dit is een geweldige zooi en het kan ieder moment gierend fout gaan.”

Nederland is in recessie beland. Is het slim om meer te bezuinigen zoals de regering wil?

„Nederland is een open economie met een vrij solide begrotingspositie. Als de eurozone, die de grootste handelspartner is, in recessie belandt, wordt Nederland meegezogen. Wat wel moet gebeuren is dat Nederland meer moet helpen Duitsland richting een goede oplossing te sturen. Nederland is een van de weinige landen die het vertrouwen van Duitsland geniet en zodoende kan bijsturen. Waarom bezuinigen? Ik begrijp dat Nederland religieuze waarde hecht aan de Europese norm dat begrotingstekorten maximaal 3 procent mogen bedragen. Vergeet niet dat het getal een politieke trivialiteit is. De wereld vergaat niet als Nederland een tekort van 4 procent heeft.”

U bent zeer kritisch over het optreden van de Europese politici. Bent u domweg tegen de euro?

„Ah. Het verhaal dat de FT de vijand van Brussel is. Het kan mij niet schelen of mensen mij haten. Ik schrijf voor mijn lezers en niet voor de mensen waar ik over schrijf. Als wij slecht werk leveren, houden mensen op ons te lezen. Dat wij nog steeds gelezen worden, laat zien dat mensen zich kunnen vinden in wat wij schrijven.

U waarschuwt al jaren voor weeffouten in de eurozone.

„Het heeft mij altijd onmogelijk geleken met zo veel verschillende talen en culturen een geïntegreerd politiek lichaam te laten slagen. En ik krijg gelijk. Het belangrijkste gevolg van deze crisis is dat politici en inwoners minder Europees en meer nationalistisch zijn geworden.”

En dat is gevaarlijk?

„Het maakt het heel moeilijk om uit de crisis te geraken. Er zijn twee manieren om uit de crisis te komen. Je hebt de pure marktoplossing. Je staakt alle overheidssteun waardoor zuidelijke banken omvallen. Als gevolg krijg je een depressie. Daardoor dalen de lonen en verbetert de concurrentiepositie. Dit is puur theoretisch. We leven niet meer in het Amerika van 1850. De andere manier uit de crisis is de weg van Europese solidariteit. Rijke Noord-Europese landen moeten een tijd de zuidelijke probleemlanden financieren totdat hervormingen aanslaan. Maar dan moeten Nederlanders en Duitsers bereid zijn te geloven dat Grieken en Portugezen fatsoenlijke mensen zijn die op een verantwoordelijke wijze met het geleende geld omgaan. Portugezen en Grieken zullen het geld anders niet accepteren omdat er steeds striktere voorwaarden aan verbonden zijn.”

Wat gebeurt er dan?

„In deze crisis zijn Europeanen elkaar meer gaan wantrouwen. De euro ondermijnt de solidariteit in Europa. Dat is diametraal het tegenovergestelde van wat de bedoeling was van de gezamenlijk munt. Het grote gevaar is dat dit wantrouwen overslaat naar andere Europese projecten als de interne markt. Zestig jaar Europese integratie staat op het spel.”

    • Melle Garschagen
    • Tom Kreling