Opinie

    • Youp

Déjà VU

Neurochirurg Kees Tulleken is dement. Zwaar dement. De man is vergeten dat hij als arts ooit een eed aflegde, meldde zich onlangs in een ziekenhuis voor een beroemde comapatiënt met wie hij niets te maken had en lekte de verkregen informatie niet naar de ongeruste familie, maar naar zijn doktersvrouwtje. Zij schreef zijn bevindingen in een blaadje. De Privé ? Bijna! Het schijnt dat hij ook met de schouwarts van Whitney Houston heeft gebeld. En de dokters rond de dooie Michael Jackson weten ook wie hij is.

Afgelopen maandag groef ijdelgeile Kees zijn eigen graf bij Pauw & Witteman. Op verzoek van de kinderen van Kees ben ik naar de studio gereden. Red papa! Dat was hun vraag.

„Jij kent de mensen bij de VARA”, zei zijn zoon, „jij komt makkelijk langs de beveiliging, neem hem mee en breng hem met spoed naar een ziekenhuis. Hij moet behandeld. En neem zijn vrouw Jannetje en haar Santegoeds, zoals de NRC-hoofdredacteur sinds vorige week zaterdag genoemd wordt, ook mee. Zij hebben alle drie dringend hulp nodig.”

Ik nam het supertrio Kees, Jannetje en Santegoeds mee naar de Spoedeisende Hulp van de VU. Eerst wilden ze niet, maar toen ik vertelde dat daar 35 camera’s hingen, werden ze gek van vreugde.

„Heerlijk”, riep demente Kees, „dus je kunt daar roepen: Ik kom voor een opname!”

„En wordt dat ook uitgezonden?” kirde Jannetje, „ik was vanavond op televisie en ik moet zeggen dat dat knap verslavend is. Ik heb al 17 sms’jes van vriendinnen! Ik ben opeens iemand!”

„Mij maakt het niet uit”, zei Santegoeds, „ik ben vaker op televisie dan op de redactie, maar ik ga graag mee. Vijfendertig camera’s klinkt wel heel aantrekkelijk.”

In de hal van het ziekenhuis troffen we toevallig Elmer Mulder, de grote baas van de VU. Hij was samen met ene Bonjer, het hoofd van de afdeling Spoedeisende Hulp, en Reinout Oerlemans in gesprek met een verward besje.

„Wat leuk dat ik op televisie kom”, glom het oudje, „ik ben nooit op televisie.”

Bonjer legde mij uit hoe het zat en vroeg of we allemaal een witte jas aan wilden doen. Anders was het verwarrend voor de patiënten.

„Dus als ik met een dokter praat dan zitten er een stuk of wat Eyeworkers mee te luisteren?” vroeg ik aan professor Bonjer, „en dat weet ik in eerste instantie niet!?”

„Wat zeur je nou?”onderbrak Kees Tulleken mij, „ik snap collega Bonjer heel goed, de kijker heeft recht op informatie en mag weten wat de arts met een patiënt doet. Daar is behoefte aan en daar gaan wij medisch specialisten graag op in.”

„Mag ik dit opschrijven Kees?”, vroeg Jannetje op haar onderdanige doktersvrouwtjestoon.

Kees luisterde niet en informeerde naar Elmer Mulders erectiestoornis.

„Hoe weet jij dat?” bloosde Elmer.

Kees legde uit dat de vrouw van de huisarts van Elmer een rubriek in een blaadje heeft en onlangs uitgebreid over hem en zijn slappe lul geschreven had. Volgens het artikel had Elmer veel aan de voorgeschreven viagra. Goed nieuws dus en dat mag je brengen. Demente Kees keek er vrolijk bij.

„Is het een idee om Rutger Castricum hoofd van deze afdeling te maken?”, opperde Peter Santegoeds, „die is de koning van de draaiende camera.”

„Goed idee”, riep Bonjer, „heel goed idee zelfs!”

„Zal ik dit vast opschrijven?”, piepte Jannetje naar haar man, die ondertussen door wat röntgenfoto’s van wildvreemde patiënten bladerde.

Ik keek naar mijn eigen witte jas, mijn hoofdredacteur, mijn collega Jannetje, de demente Kees, de verwarde professor, zijn baas Mulder en naar Arnie met zijn baard.

Dit is echt waar, dacht ik, ik sta hier met uitsluitend idioten. Toen liep ik weg. Naar het einde van de gang. Waarheen? Psychiatrie.

U ziet het volgende week bij RTL.

    • Youp