Brieven

Buurt Bestuurt over meer dan duivenpoep

Het artikel ‘De agent doet wat de burger wil’ (NRC Handelblad, 15 februari) is ongenuanceerd en eenzijdig. Hierdoor ontstaat een verkeerd beeld van ‘Buurt Bestuurt’, een initiatief van de Rotterdamse politie om de wensen van bewoners leidend te laten zijn bij een deel van hun werkzaamheden en van stadstoezicht. Buurt Bestuurt is zo succesvol dat het twee maanden geleden de landelijke Publieke Veiligheidsprijs heeft gewonnen.

Het gaat bij Buurt Bestuurt natuurlijk over veel essentiëlere onderwerpen dan gaatjes boren in plantenbakken en duivenpoep. Deze onderwerpen kwamen inderdaad aan de orde in de bijeenkomst waarvan NRC verslag deed. Wat niet werd genoemd, is dat bewoners nog veel meer aankaartten, waaronder een gewapende overval op een huis.

De samenwerking versterkt het vertrouwen van burgers. Ze krijgen zo grip op zaken in hun wijk. Dit vergroot hun gevoel van veiligheid.

Jeroen Bleijs

Namens het Comité Buurt Bestuurt Gerrit van de Lindebuurt, Nieuwe Westen, Rotterdam

Bolkestein zet Rousseau eendimensionaal neer

Bolkestein doet Rousseau groot onrecht door hem in één adem te noemen met totalitaire denkers (Opinie, 21 februari). De liberale aartsvader Kant had niets dan een portret van Rousseau aan de muur hangen.

Bolkestein leest Het maatschappelijke verdrag eendimensionaal. Rousseau was de eerste denker die het principe van volkssoevereiniteit zo principieel formuleerde – dat eenieder vanwege de menselijke gelijkwaardigheid gerechtigd is deel te nemen aan wetgeving. Deze idee zou voor Kant het uitgangspunt worden van zijn beroemde categorische imperatief.

Volkssoevereiniteit impliceert dat gedelegeerd gezag ondemocratisch is. Hiermee zette Rousseau volgens Bolkestein de deur open voor totalitarisme. Rousseau ruimde geen plaats in voor politieke vertegenwoordiging. Weer maakt Bolkestein hier van Rousseau een karikatuur.

Rousseau was zich zeer bewust van de spanning tussen volkssoevereiniteit en het politieke. Niet voor niets spreekt hij van twee betrekkingen tussen het individu en de maatschappij. Ten eerste op civiel niveau, dat wordt gekenmerkt door gelijkheid van individuen onderling. Op het tweede niveau, het politieke, verhoudt het individu zich als lid van de staat tot de soeverein.

Rousseau begreep als geen ander het democratische dilemma. Zowel het civiele als het politieke is nodig in een democratie. Het volk is zelf wetgever, maar heeft een praktische autoriteit nodig voor de uitvoering en sanctionering van wetten. Hiermee zet het volk zijn soevereiniteit op het spel. Het getuigt van Rousseaus intellectuele kracht dat hij deze spanning treffend uiteen zette.

Gerard Drosterij

Rotterdam

Die windmolens staan

in everybody’s backyard

De windmolens hadden het weer gedaan, vorige week zaterdag in NRC Handelsblad.

Als woordvoerder energie voor het CDA in de Tweede Kamer maak ook ik me druk over windmolens, vanuit een ander perspectief. Onze toekomstige energievoorziening moet én voldoen aan een stijgende vraag én CO2-arm zijn. Dit biedt een kans om onze economie anders in te richten. Onze doelstelling van 14 procent duurzame energie in 2020 vraagt om een gelijktijdige exploratie en exploitatie van vele vormen: systemen die in veel gevallen nog in de kinderschoenen staan en pas in de komende jaren hun potentiële productie zullen realiseren. Tot die tijd is het niet of/of, maar en/en. Bijna iedereen zal daarom merken dat nieuwe vormen van energieopwekking hun intrede doen. NIMBY, not in my backyard, wordt IEBY: in everybody’s backyard.

Toch heeft de overheid de opdracht om nut en noodzaak van projecten goed over het voetlicht te brengen. Misschien nog belangrijker is dat we in de samenleving meer discussie krijgen over de toekomstige energievoorziening. Als we duurzaam willen, dan veranderen het landschap en de infrastructuur – misschien tijdelijk, misschien tot in lengte van jaren, maar het wordt onontkoombaar zichtbaar in vele backyards.

Marieke van der Werf

Tweede Kamerlid (CDA), woordvoerder energie en duurzaamheid

In Nederland was ik al ter dood veroordeeld

Rick Santorum maakte een karikatuur van het Nederlandse euthanasiebeleid. Nederlandse artsen sluipen niet rond met een gifspuit, maar bij de manier waarop ze omgaan met leven en dood kunnen wel kanttekeningen worden geplaatst.

Bij mij werd alvleeskanker geconstateerd. Na twee weken van onderzoeken kreeg ik palliatieve zorg aangeboden. Ons werd voorgehouden dat er geen alternatief was.

Na wat googlen kwamen we terecht in Leuven. De chirurg aldaar was zeer verbaasd over de gestelde diagnose. Hij bood zijn excuses aan dat hij de volgende dag al volgeboekt zat, maar de dag daarna had hij wel een gaatje. Zo werd ik geopereerd, vier dagen nadat ik in Nederland ter dood was veroordeeld. In Leuven hoorden we vergelijkbare verhalen van Nederlanders.

Dit speelde vijftien maanden geleden. Ondertussen werk ik weer en geniet weer van het leven. Je kunt Santorum niet helemaal ongelijk geven als hij zegt dat Nederlanders liever met een grote boog om Nederlandse ziekenhuizen heenlopen.

W. van Beurden

Capelle aan den IJssel

    • Gerard Drosterij
    • Jeroen Bleijs
    • W. van Beurden
    • Marieke van der Werf