Binnenkijken

Thijs Wolzak kijkt elke week binnen op een bijzondere plek. Deze week bij Antoine de Werd.

Huis: Schilderkunst van Willem Hussem, een lichtkunstwerk van Daniele Buetti, een plastic sculptuur van Heringa en Van Kalfsbeek – echtscheidingsadvocaat Antoine de Werd (48) combineert moderne kunst graag met gebruiksvoorwerpen uit niet-westerse culturen, zoals houtsnijwerk van Papoea’s en voorouderbeelden van de Akha, een bergvolk uit Noord Thailand en Birma. Zijn grote probleem, zegt hij, is dat zijn 160 vierkante meter grote appartement in Den Haag vol is – net als zijn kunstopslag.

De Werd: „Het is heerlijk om te verzamelen, kunst is een onuitputtelijke bron van inspiratie. Maar voorlopig koop ik geen grote kunstvoorwerpen meer. Ik beperk me even tot potten en pannen, die nemen minder ruimte in.” Potten en pannen? „Ja, neem die houten pot uit Birma, die op de rode kruk staat. Die heb ik afgelopen zaterdag gekocht. Wonderschoon, toch? Een cultuur waar ik nauwelijks iets van weet. Als ik zoiets moois zie, krijg ik meteen zin om me daar in te verdiepen.”

Interieur: „Een kakofonie van visuele impulsen”, zo omschrijft De Werd zijn interieur. „Het oog krijgt nergens houvast en de onderlinge samenhang lijkt op het eerste gezicht misschien te ontbreken. Maar ik zie alles nog. En ieder stuk heeft een verhaal en ik beleef aan alles nog net zoveel genot als toen ik het kocht.”

Van Ikea: „Koekenpannen, aardappelschilmesjes en andere kookspullen.”

Bij brand meenemen: „Waarschijnlijk te veel, waardoor mijn overlevingskansen gering zijn.”