Te weinig kredieten voor bedrijven

Italiaanse banken zullen graag ingaan op de tweede noodlening van de ECB. Ze zullen deze gebruiken om op een goedkope manier alle aflopende obligatieleningen voor 2012 en 2013 te vervangen met deze lening tegen 1 procent.

Ook hebben ze het geld nodig om te voldoen aan de strengere Europese eisen met betrekking tot de verhouding eigen kapitaal en uitgeleend kapitaal. Door die eisen steeg hen het water tot de lippen. Zonder de ECB-leningen hadden al veel meer banken kapitaal uit de markt moeten halen. Dit met alle nadelen voor de aandeelhouders en met het in Italië niet gewenste effect dat buitenlandse investeerders steeds meer invloed verwerven in Italiaanse financiële instellingen.

Grote klacht van het Italiaanse bedrijfsleven is dat de goedkope ECB-leningen niet of nauwelijks tot meer en goedkoop krediet voor de bedrijven leidt. De banken gebruiken het geld bijna exclusief om zelf overeind te blijven. Veel Italiaanse ondernemers kampen met klanten die niet of pas heel laat betalen en staan als gevolg van een tekort aan krediet op de rand van een faillissement. Ook de overheid staat voor 80 miljard euro in het krijt bij het bedrijfsleven.

Italiaanse banken tekenden voor 50 miljard euro in op het eerste noodkrediet van de ECB. De grootste financiële instelling Unicredit, dat zich op de rand van de afgrond ook nog eens gedwongen zag meer dan 7 miljard euro uit de markt te halen, leende voor 12,5 miljard euro. Intesa schreef in voor 12 miljard en de eveneens in problemen verkerende Monte Paschi di Siena leende 10 miljard euro. De rest ging in kleinere tranches naar de kleinere banken, aldus een rapport van Morgan Stanley dat vorige maand werd geciteerd door de Financial Times.

Bas Mesters