Plan in Almere voor ijspaleis na afhaken H'veen

Een projectontwikkelaar in Almere heeft een vergevorderd plan om een schaatsstadion te bouwen dat moet concurreren met ijsstempel Thialf in Heerenveen.

Het stadion in Almere zou inclusief faciliteiten circa 75 miljoen euro gaan kosten. Daarvoor worden twee 400 meter banen gebouwd, waarvan een is bedoeld voor topsport. Het stadion moet plaats bieden aan 20.000 toeschouwers. Deze week werd bekend dat er geen nieuw Thialf komt. De schaatsbaan in Heerenveen wordt gerenoveerd.

Arie Koops, directeur Sport van schaatsbond KNSB, juicht het plan toe. Maar Koops benadrukt dat ook Leiden, Goes, Rotterdam, Zoetermeer en Den Haag plannen hebben voor een schaatshal van internationale allure.

Koops: „De KNSB wil het liefst een stadion met twee banen naast elkaar. Dan kun je topsportfaciliteiten het beste verenigen met grote evenementen en breedtesport. Die plannen zijn er in Almere, maar dat kan ook nog in Heerenveen of bijvoorbeeld Leiden.” Volgens de bond zijn twee of drie schaatshallen die zich puur richten op topsport, in Nederland te veel.

Provinciale Staten in Friesland blokkeerden eerder deze week een nieuwbouwplan voor Thialf dat begroot was op 100 miljoen euro. Topsporters beklagen zich al lang over de verouderde faciliteiten in het 25 jaar oude Friese stadion. In plaats van een nieuwe hal wordt de huidige locatie gerenoveerd – voor 50 miljoen euro. Vijfvoudig Europees -en wereldkampioen Sven Kramer gisteren op Twitter: „Gemiste kans. In topsport staat een compromis gelijk aan verliezen.”

Initiatiefnemer Folkert Buiter van de schaatshal in Almere zegt dat hij topkwaliteit wil bieden. De organisatie werkt samen met ijsspecialisten Bertus Butter en Marcel Boukens. Zij werkten mee aan de banen in Kolomna, Astana, Sotsji en Thialf.

Buiter, jarenlang lid van de businessclub Thialf, wil Heerenveen niet van de troon stoten, maar de grote, internationale wedstrijden juist verdelen. „Zeven miljoen Nederlanders kunnen Almere binnen een uur bereiken. We brengen het schaatsen dichterbij het publiek, maar we willen geen nieuw Thialf zijn. Dat hoort in Heerenveen.”