NRC, feiten en interpretatie

‘Hoe zal het brein van prins Friso zich houden?’. Zo luidde de kop op de voorpagina van de zaterdagkrant boven het stuk van onze verslaggeefster in Oostenrijk. Zoals in het artikel stond beschreven had Jannetje Koelewijn via haar echtgenoot, neurochirurg Kees Tulleken, contacten met artsen die de situatie van de prins kenden. Via haar bronnen maakten we gegevens bekend over de gezondheidstoestand van Friso. Dat leidde tot een stevige mediastorm. Vandaag werd via officiële bronnen duidelijk hoe de medische toestand van de prins is.

Een moment voor ons, de redactie van NRC Handelsblad, om aan introspectie te doen. Pakte onze redactie dit goed aan? Maakten we fouten? Wat kunnen we leren? Voor de goede orde: ook in de schoot van de redactie is over deze zaak in de voorbije week veel gediscussieerd.

Eerst de feiten. Wat schreven we in de krant en op de site? En kunnen die publicaties de toets van de kritiek doorstaan?

Op zaterdag 18 februari brachten we op de voorpagina van NRC Handelsblad het verhaal van Jannetje Koelewijn. Lees nog even mee:

“Er zijn dingen die ik niet mag horen. Dan wenden de mannen (Tulleken en zijn Oostenrijkse bron) zich af. Dit is wat ik wel mag horen: dat de patiënt geen schedelbasisfractuur heeft. Dat er geen verwondingen aan de rest van zijn lichaam zijn. Dat het enige serieuze probleem de asfyxie is, de ademnood waarin de patiënt verkeerd heeft, gedurende twintig minuten. Dat de reanimatie vrij lang geduurd heeft _ ik mag niet weten hoe lang _ en dat zijn temperatuur 32 graden was toen hij onder de sneeuw vandaan gehaald was. Redelijk gunstig begrijp ik. Bij een lage temperatuur kan het lichaam met minder zuurstof toe.”

Ook bij herlezing, met de kennis die we sedert vanmiddag hebben, kloppen die gegevens.

De kop boven het verhaal op die voorpagina stelde de cruciale vraag die de artsen zich ten gevolge van hun diagnose stelden. We konden die kop met zekerheid gebruiken omdat we wisten dat Friso langdurig was gereanimeerd - wij hadden vernomen 45 minuten. Men had ons gevraagd om de duur van de reanimatie niet te melden juist omdat dat voeding zou geven aan medische speculaties.

Zondag melden we op nrc.nl, op basis van verschillende bronnen, dat er een MRI-scan is verricht ‘waarop er geen bijzonderheden zijn te zien’. We melden ook dat de prins ‘zeer waarschijnlijk onderkoeld is geraakt, waardoor zijn hart tot stilstand is gekomen en daarna de ademhaling is gestopt’. We schrijven ook ‘Onzeker is hoe de toestand van de hersenen zich zal ontwikkelen’. Volgens trauma-arts dr. Wolfgang Koller, op de persconferentie vrijdagmiddag, verliepen oorzaak en gevolg anders: de ademhaling is gestopt toen de prins bedolven lag en ten gevolge daarvan kwam het hart tot stilstand.

Over diezelfde MRI-scan schrijven we op maandag dat een van onze bronnen die heeft bekeken. ‘Daarop waren geen bijzonderheden te zien geweest, zei hij’, schrijft Jannetje Koelewijn. ‘Mijn echtgenoot zei dat het belangrijk nieuws was: die jongen had nog een kans’. In hetzelfde verhaal voegt ze eraan toe: ‘Het blijft onzeker hoe de toestand van de hersenen zich zal ontwikkelen als het lichaam van de prins weer op normale temperatuur wordt gebracht en de narcose wordt opgeheven’. Op de voorpagina zetten we dat de prins nog steeds niet buiten levensgevaar is. Over de MRI-scan: vandaag had Wolfgang Koller het over de ‘eerste MRI-scan, zonder de patiënt in gevaar te brengen’. Onze bronnen hadden het over de ‘gebruikelijke’ MRI-scan die 24 u. na het ongeluk werd gemaakt. Dit blijft onduidelijk.

Tot zover de medische feiten, zoals we die rapporteerden.

Daarnaast is er interpretatie, beeldvorming en commentaar. Neurochirurg Tulleken die de intermediair was tussen de Oostenrijkse bron en onze krant vertelde op verschillende plaatsen in de media dat hij positief nieuws naar buiten wilde brengen. Bevraagd over zijn motieven om het medisch beroepsgeheim te schenden antwoordde hij ook op maandag in NRC Handelsblad:

“Dat Friso geen schedelbasisfractuur heeft, vond ik een geruststelling, gezien de berichtgeving op dat moment. Volgens sommige media had de prins wel een fractuur, wat fatale gevolgen kan hebben. Dat incorrecte beeld wilde ik bijstellen. Ik wilde als het ware de druk van de ketel halen.”

In datzelfde NRC-interview werd hij geconfronteerd met de vraag: ‘In het meest ernstige geval overlijdt de prins, terwijl u in een vroeg stadium met hoopvolle berichten naar buiten kwam’. Daarop antwoordde Kees Tulleken: ‘Dan moet je achteraf concluderen dat het niet meeviel, ja. Dat risico neem je. Maar ik blijf er bij dat ik er goed aan heb gedaan die krankzinnige geruchtenvorming te voorkomen’.

Hier ontstaat de verwarring tussen feit en interpretatie. Hier werkte NRC Handelsblad onbedoeld mee aan het beeld dat de medische gegevens over prins Friso ‘geruststellend’ zijn. Die motivatie van Tulleken hadden we beter moeten inschatten.

Wat concluderen we hieruit als redactie van NRC Handelsblad?

Ik schreef al eerder op de site en in de krant dat het medisch geheim niet een journalistiek geheim is. Een betrouwbare en citeerbare bron vertelde ons gegevens on the record. We publiceerden die naar eer en geweten. Om onze eigen afweging te toetsen zullen we vragen aan een deskundig buitenstaander om onze berichtgeving kritisch tegen het licht te houden en zullen we zijn bevindingen in de krant publiceren.

Maar we stellen al vast dat we, door de vorm van onze berichtgeving en door transparant de motieven van onze bron toe te lichten, onbedoeld hebben meegewerkt aan een te positief beeld over de toestand van de patiënt. Dat betreuren we zeer.