PVV'er Bosma in Zuid-Afrika op zoek naar 'stamverwantskap'

PVV-Kamerlid Martin Bosma, betrokken bij de Taalunie, wil het ‘bloemrijke’ Afrikaans redden. Zuid-Afrika heeft reserves bij steun van een partij die ‘rassisme’ aankleeft.

„Ik wist dat dit een gecompliceerd land was”, verzucht Martin Bosma gisteravond aan het eind van weer een lange dag afspraken in Pretoria. „Maar dat het zo erg was, had ik niet verwacht.”

Het Tweede Kamerlid voor de PVV is in Zuid-Afrika om zich te laten informeren over de toestand van het Afrikaans, de aan het Nederlands verwante taal van ongeveer 13 procent van de Zuid-Afrikanen. Het regerende ANC dreigt de taal te marginaliseren, waarschuwde Bosma eerder in columns en Kamerdebatten. Als voorzitter van de interparlementaire commissie van de Taalunie, de taalsamenwerking tussen Nederland, Vlaanderen en Suriname, wil hij aspirant-lid Zuid-Afrika helpen de taal te beschermen.

Maar niet iedereen in Zuid-Afrika zit op de hulp van Bosma te wachten. Zijn bezoek heeft tot grote verdeeldheid geleid. Enkele oorspronkelijk blanke belangengroepen hebben de laatste jaren met grote moeite de smet van de apartheid van zich afgeschud en willen nu niet met de in hun ogen extremistische en islamonvriendelijke PVV geassocieerd worden. „Vrienden zoals deze kunnen de taal benadelen”, kopte het gezaghebbende dagblad Beeld.

Het Afrikaans, tot 1994 de taal van de blanke onderdrukkers, heeft het zwaar in het nieuwe Zuid-Afrika met elf officiële talen, erkent de krant. Dat komt door overheidsbeleid, maar ook doordat veel jongeren in een geglobaliseerde wereld liever Engels spreken. Hulp is dus nooit weg. Maar wat het Afrikaans niet nodig heeft, is een verbond „met Nederlandse politici wie se minagtende en onverdraagsame standpunte teenoor minderhede in hul eie land Afrikaans opnuut kan beklad met die persepsie van rassisme”.

De meerderheid van de Afrikaanssprekenden is immers gekleurd en een fors aantal is ook nog eens moslim, zegt voorzitter Michael Le Cordeur van de Afrikaanse Taalraad (ATR), een koepelorganisatie die door het bezoek van Bosma tot op het bot verdeeld is. „Voor Bosma is Afrikaans de taal van de Afrikaners, de blanke minderheid waarmee hij zich verbonden voelt.”

Bosma „houdt van het Afrikaans”, zegt hij zelf. „Die taal is zoveel bloemrijker dan het Nederlands en mag niet verdwijnen.”

Volgens de critici gaat het hem om meer. Voor het eerst sinds de jaren tachtig heeft de PVV de binnenlandse politiek van Zuid-Afrika in Nederland weer op de agenda gekregen. Blanke belangengroepen in Zuid-Afrika volgen de terugkeer van wat tijdens de apartheid ‘stamverwantskap’ heette met warme belangstelling. „We zijn trots op onze Nederlandse geschiedenis”, zegt Kallie Kriel van de blanke ‘burgerrechtenorganisatie’ AfriForum, die Bosma wél ontving.

De PVV stelde onlangs Kamervragen over de polariserende ANC-jongerenleider Julius Malema die het op blanken gemunt zou hebben, diende een motie in over eigendomsrechten van Zuid-Afrikaanse boeren en sprak in het Europees Parlement over vermeende discriminatie jegens blanken „onder het huidige ANC-apartheidsregime”. Bosma, die Zuid-Afrika nooit eerder bezocht, noemde het in Het Parool „spijtig dat links Nederland het ANC aan de macht heeft geholpen. Het Afrikaans en het Afrikaner volk zullen waarschijnlijk vernietigd worden.”

Bosma laat zich „voor het karretje spannen van extremistische blanke organisaties”, meent taalactivist Christo van der Rheede. „Je hebt ook nog zoiets als nationale soevereiniteit”, sneert Danny Titus van de Afrikaanse Taal- en Kultuur vereniging (ATKV), verwijzend naar de anti-ANC-agenda van de PVV. Beiden wilden niet met Bosma spreken. Voorzitter Le Cordeur van de Taalraad: „Een gevecht met onze regering wil ik niet. Bosma misbruikt onze taal voor zijn eigen belangen.”

De mensen die Bosma wél ontvangen, doen dat uitdrukkelijk omdat hij namens de Taalunie in Zuid-Afrika zou zijn. Zo werd hij door zijn gastheer, de Federasie van Afrikaanse Kultuurvereniginge (FAK), tenslotte aangekondigd. „Bosma bezoekt Zuid-Afrika als voorzitter van de Nederlandse Taalunie”, schrijft FAK-voorzitter Danie Goosen vandaag in Beeld. „Als je niet met hem praat, dan distantieer je je van de Taalunie. Dat kunnen we ons niet veroorloven”, meent Kriel.

Maar Bosma is helemaal niet in Zuid-Afrika namens de Taalunie, zegt woordvoerder Ellen Fernhout namens de organisatie. Kamerlid Boris van der Ham (D66), ook lid van de parlementscommissie van de Taalunie is „kritisch” over het „privébezoek” van Bosma. „Wil je een politiek bezoek brengen, dan moet je geen voorzitter willen zijn.”

Bosma zelf houdt het na alle commotie op „vakantie”. Zijn eerste naar Zuid-Afrika dus. „Ik heb veel geleerd”, zegt hij door de telefoon. „Het is hier allemaal niet zo eenvoudig als het lijkt.”