Importeur van Europese en Aziatische schrijvers naar de VS

Barney Rosset werd uitgever om ‘die ene’ roman te mogen publiceren. Later gaf hij ook veel schrijvers van de Beat Generation uit.

This undated file photo, released by the National Book Foundation, shows Barney Rosset. Rosset died Tuesday, Feb. 21, 2012 in New York. (AP Photo/Rosset Archives, National Book Foundation, file) AP

Toen de half-Ierse, half joodse Barney Rosset in 1951 als 29-jarige een oude uitgeverij kocht in Grove Street (Greenwich Village, New York), had hij maar één doel: het uitgeven van de provocatieve roman Tropic of Cancer van Henry Miller. Het boek was bijna twintig jaar eerder verschenen in Parijs, maar werd in de VS wegens pornografische passages als zedeloos beschouwd en was daarom verboden.

Rosset hield van erotische literatuur en werd, zo zag hij het zelf, daardoor automatisch een strijder voor het vrije woord.

Maar hij koos ervoor om eerst een ander – wegens pornografie – verboden boek te publiceren: Lady Chatterly’s Lover van D.H. Lawrence uit 1928. Het was een strategische afweging: de literaire kwaliteit van dit boek werd breed erkend. Rosset beloofde de boekhandelaren eventuele proceskosten op zich te nemen, maar het liep anders af: toen de posterijen de boeken die de uitgeverij verzond in beslag namen, stapte Rosset zelf naar de rechter en won.

Gesterkt door dit avontuur gaf hij in 1961 Millers Tropic of Cancer uit. Toen barstte de bom alsnog. Ruim zestig boekhandelaren in 21 staten werden aangeklaagd en Rosset werd zelfs even gearresteerd. Het duurde tot 1964 voordat het hooggerechtshof bepaalde dat het werk niet ‘obsceen’ was.

Door deze controversiële uitgaven zette Rosset zijn uitgeverij op de kaart, maar hij deed meer dan het doorbreken van censuur. Zo was Grove Press een belangrijk podium voor de Beat Generation: er verscheen werk van onder meer William S. Burroughs (weer een rel, rond diens Naked Lunch), Allen Ginsberg en Jack Kerouac.

Ook gaf Rossets uitgeverij de linkse intellectuelen van de jaren zestig leesvoer door boeken uit te brengen van Che Guevara, Ho Chi Minh en Malcolm X. Zijn geld verdiende Rosset op andere manieren: bijvoorbeeld door de distributierechten voor de Zweedse film I Am Curious (Yellow) uit 1967. Rond die film ontstond eerst een grote rel – wegens de expliciete seks – en daarna een box office hit. Grove Press verdiende er 15 miljoen dollar mee.

De reden dat Rosset door velen wordt gezien als een van de invloedrijkste Amerikaanse uitgevers van de twintigste eeuw, is omdat hij de belangrijkste pleitbezorger was van de Europese (en Aziatische) literatuur. Zo liet hij de Amerikaanse lezer kennismaken met Nobelprijsauteurs als Kenzaburo Oe en Samuel Beckett.

Van diens Waiting for Godot verkocht hij 2,5 miljoen exemplaren. Beckett en Rosset lagen elkaar, volgens Rosset (in een interview in The Paris Review uit 1997) omdat ze beiden Iers bloed hadden. Rosset herinnert zich het moment dat hij Beckett ontmoette. Om zes uur, in de bar van Hotel Pont Royal, naast Becketts Franse uitgever Gallimard. „Hij kwam binnen, regenjas aan, en zei: ‘Ik heb veertig minuten.’ Hij wilde zo snel mogelijk van mijn vrouw en mij af. Maar om vier uur ’s nachts trakteerde hij ons op champagne.”

In 1985 verkocht Rosset zijn uitgeverij, onder voorwaarde dat hij de baas zou blijven. Een jaar later werd hij ontslagen.

Rosset overleed dinsdag op 89-jarige leeftijd in een New Yorks ziekenhuis, na een hartoperatie.

    • Ward Wijndelts