Grenspolitie blijft graag vechten

Volgens Den Haag zou de Afghaanse grenspolitie worden gesplitst. Dan mag Nederland het niet-militaire deel ervan trainen. Het plan blijkt ter plekke onbekend.

An Afghan border policeman peeps out from a gate near the scene of a suicide attack in Kandahar south of Kabul, Afghanistan, Wednesday, Jan. 11, 2012. A teenage suicide bomber slipped inside police headquarters in Kandahar in southern Afghanistan on Wednesday, detonating his cache of explosives and wounding one officer, the chief of the headquarters said. (AP Photo/Allauddin Khan) AP

Met gierende banden komt een krakkemikkige vrachtwagen tot stilstand onder het bord ‘Welkom in Afghanistan’. De truck, beladen met een container voor de NAVO-troepen, is gearriveerd bij de grensovergang tussen Tadzjikistan en Afghanistan in de noordelijke provincie Kunduz. Hier verbindt een door Amerikanen aangelegde brug over de rivier de Panj de twee landen.

De grenspost is bemand door enkele agenten van de Afghaanse grenspolitie. Deze paramilitaire tak van de politie is niet alleen verantwoordelijk voor controle van paspoorten en onderschepping van smokkelwaar. Ook moeten de agenten gewapende strijders ervan weerhouden de poreuze grenzen van het land over te steken. Counter-insurgency, bestrijding van opstandelingen, is één van hun voornaamste opdrachten. Daarvoor werken zij nauw samen met het Afghaanse leger en de gendarmerie. Dat betekent dat leden van de grenspolitie regelmatig zogeheten ‘offensieve taken’ uitvoeren – oorlog voeren dus.

„Vorig jaar is hier door ons veel gevochten”, vertelt Achmadullah, de plaatsvervangend commandant van de grenspolitie in Kunduz. Dit wat moerassige gebied langs de rivier was toen in handen van strijdende groepen. Samen met Amerikaanse militairen trokken zijn agenten door de velden en de dorpjes, om „de vijand” – al dan niet gelieerd aan de Talibaan – te doden, gevangen te nemen en vooral op te jagen. „Als ze terugkomen, grijpen we weer in”, zegt Achmadullah.

Volgens het Nederlandse kabinet gaat de grenspolitie in Kunduz dat binnenkort helemaal niet meer doen. In november schreven vier ministers aan de Tweede Kamer dat de grenspolitie wordt opgesplitst. De Afghaanse autoriteiten en de NAVO zouden van plan zijn de grenspolitie op te splitsen in een militair deel, dat de grens met Pakistan beveiligt, en een civiel deel, dat vredelievende taken van de douanebeambten uitvoert. In Kunduz wordt het takenpakket van de grenspolitie volledig gericht op de uitvoering van de zogenoemde ‘blauwe taken’, schreven de ministers.

Het kabinet laat op dit moment uitzoeken of Nederlandse militairen die grensagenten dan ook kunnen gaan opleiden. Wegens het paramilitaire karakter van de grenspolitie is zij uitgesloten van de trainingsmissie die Nederland vorig jaar heeft opgetuigd in Kunduz.

Het civiele mandaat van de missie, mede beperkt door oppositiepartijen GroenLinks, D66 en ChristenUnie, wordt in Kunduz streng nageleefd. Zo streng zelfs dat Nederlandse militairen niet eens mogen toekijken hoe hun Duitse collega’s de grenspolitie scholen. De Duitsers geven, op hetzelfde kamp, exact dezelfde achtweekse opleiding aan de grenspolitie als de Nederlanders geven aan de lokale politie. Ter voorbereiding op hun cursus lag meekijken door de Nederlanders voor de hand, maar angst voor politieke repercussies weerhield de marechaussees.

Het kabinet zou de Nederlandse missie graag uitbreiden met meer cursisten. Afgelopen herfst werd duidelijk dat er nauwelijks agenten in Kunduz zijn die in aanmerking komen voor de Nederlandse training. Met moeite wordt elke twee maanden één klas van dertig agenten van de lokale politie gevormd. Het aantal marechaussees dat uit Nederland wordt uitgezonden, is daarom al verminderd. Het mandaat uit Den Haag knelt én de Afghaanse autoriteiten hebben, in overleg met de NAVO, besloten dat niet de lokale politie maar de grenspolitie nodig aanwas behoeft.

Eén dezer dagen moet het kabinet de Kamer nader informeren over mogelijke uitbreiding. Het veranderen van de opdracht van de grenspolitie zou uitkomst kunnen bieden voor de werkeloze militairen in Kunduz. Maar de plannen om die eenheden op te splitsen, blijken in Afghanistan zelf volslagen onbekend. Niet alleen bij de agenten op de grenspost bij de brug over de Panj, maar tot op het NAVO-hoofdkwartier in Kabul.

Commandant Achmadullah weet niets van het voornemen hem de krijgstaken af te nemen, zegt hij. Generaal Habib Sayed Khalil, die namens de grenspolitie verantwoordelijk is voor de hele noordelijke grens van Afghanistan, herkent het verhaal ook niet. „We willen wel graag meer civiele taken doen als dat kan, maar we moeten kunnen blijven vechten”, vertelt hij over de telefoon.

In de hoofdstad Kabul spreekt Siddiq Siddiqi, woordvoerder van het ministerie van Binnenlandse Zaken, waar de politie in Afghanistan onder valt, de gewijzigde strategie tegen. „We hebben hier nog nooit van gehoord en het staat ook niet in de planning.” Zelfs de NAVO, onder wier vlag de Nederlandse militairen in Kunduz actief zijn, kan het verhaal niet thuisbrengen.

Sterker nog, generaal Carsten Jacobson, de voornaamste woordvoerder van de NAVO-troepen in Afghanistan, laat per e-mail weten dat het takenpakket van de grenspolitie „toereikend is voor de behoeften van Afghanistan” en dat de structuur daarom blijft zoals die is. „Er komt geen opdeling in twee takken”, schrijft hij. De NAVO is zelfs „nooit betrokken geweest bij gesprekken over zo’n splitsing”. En zonder de NAVO zou de strategie voor de politie nooit worden aangepast. Defensie in Den Haag is inmiddels op de hoogte dat er niet wordt gesplitst.

De ontkenning door Afghaanse en internationale autoriteiten lijkt een streep te zetten door de uitbreidingsplannen van de Nederlandse missie. Opleiden van de grenspolitie zoals die nu functioneert, is uitgesloten door de toezeggingen die de minderheidscoalitie van VVD en CDA heeft gedaan aan GroenLinks, D66 en ChristenUnie, in ruil voor steun aan de missie. In debat met de Kamer sloot premier Rutte training van de grenspolitie begin vorig jaar zelf uit, vanwege het „aanzienlijke risico” dat deze militair wordt „omgekat”.

Dat nu blijkt dat er nooit plannen tot opsplitsing gemaakt zijn, is extra precair voor de relatie tussen kabinet en GroenLinks. Fractieleider Jolande Sap kwam op het partijcongres vorige maand in botsing met haar achterban over mogelijke uitbreiding van de missie. In een motie spraken de partijleden zich in ruime meerderheid uit tegen een uitbreiding van de opleidingsmissie met elke vorm van grenspolitie, gedemilitariseerd of niet. Nu blijkt dat deze optie door het kabinet, binnen het huidige civiele mandaat, nooit serieus overwogen kan worden.

    • Emilie van Outeren
    • Bette Dam