Lijkt de echte dader op de compositietekening?

Compositiefoto’s in programma’s als Opsporing Verzocht, kloppen die eigenlijk? vraagt Jan Groossensen. „En hoe vaak leidt de tekening tot aanhouding?”

Via kanalen als Opsporing Verzocht, maar ook Hart van Nederland en de gratis krant Spits verspreidt het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD) compositietekeningen, vertelt Inge Noordhof van de afdeling opsporingsberichtgeving. „De tips komen vervolgens binnen bij de korpsen van de regio waar de misdrijven hebben plaatsgevonden.” Hoe vaak de tekeningen leiden tot aanhoudingen weet de KLPD niet.

Jelle Egas, woordvoerder van de Raad van Korpschefs van het Nederlands Politie Instituut, vroeg het aan deskundigen bij de politie. „Wetenschappelijk bewijs hebben we niet, onze ervaring is dat in Nederland sec op de tekeningen nog nooit iemand opgepakt is. Wij gebruiken de tekeningen als ondersteunend middel.”

Het resultaat valt doorgaans niet tegen, wanneer de opgepakte dader vergeleken wordt met de tekening, vertelt Egas. „Al moet je soms wel door je oogharen gluren.” Het klinkt tegenstrijdig, maar het is ook niet de bedoeling dat een compositietekening lijkt zoals een foto, vertelt Wilma IJzerman. Zij tekent als freelancer sinds 1992 zo nu en dan voor de politie. „De tekening vormt een onderdeel van alle bewijsvoering. Het gaat om de eerste blik die je van iemand opvangt.” De tekening moet de politie helpen mensen weg te strepen. Zo tekende IJzerman na een verkrachting in Amsterdam de dader op basis van de herinneringen van het slachtoffer. Vervolgens werden de camerabeelden van een pinautomaat bekeken. Op basis van de tekening vielen mannen met onder andere een rond hoofd af, ze schetste immers iemand met een langwerpig hoofd.

Zodra een tekening af is en goedgekeurd door de getuige, spuit de tekenaar er lak overheen. De tekening mag en kan zo niet meer aangepast worden. De compositietekeningen worden vooral ingezet wanneer onvoldoende ander materiaal voorhanden is, zoals foto’s en beelden van beveiligingscamera’s. „Die beelden lijken voor veel mensen veel te korrelig en te vaag om iemand te herkennen,” vertelt Egas, „maar onze ervaring is dat bekenden van de verdachte daar wel vaak op aanslaan.” Zij zien iets bekends in de houding of de contouren van het gezicht. Egas: „De beelden en tekeningen staan niet op zich, maar dragen dus bij aan de ‘hit-kans’.”

Ook een vraag voor deze rubriek? Mail naar vraag@nrc.nl

    • Laura van der Wal