China heeft bij voorkeur geen held uit Taiwan

Na het afscheid van Yao Ming snakt China naar een nieuwe basketbalheld. Jeremy Lin van de Knicks zou dat moeten zijn. Maar hij mist wortels op het Chinese vasteland.

Op het basketbalterrein van Caochangdi, een stoffige wijk met arbeidsmigranten en kunstenaars in het noordoosten van Peking, heeft de Linmania ook al toegeslagen. „Hij is de nieuwe [voormalige NBA-ster] Yao Ming”, beantwoordt een van de jongens de vraag of zij van een zekere Jeremy Lin hebben gehoord. „Nummer 17”, roept een andere jongen. In amper een week heeft de spelverdeler van de New York Knicks de status van nieuwe mondiale basketbalster bereikt, zo veel is hier al snel duidelijk.

Twee van de naar schatting twintig jongens die in de Pekingse vrieskou een wedstrijdje spelen, hebben zich zelfs het kapsel van Lin (23) aangemeten. Wie in China woont, de media volgt, maar niet elke minuut de ontwikkelingen in de NBA volgt, is de opkomst van Jeremy Lin ontgaan. Er is echter een geloofwaardig excuus: CCTV-5, het Chinese sportkanaal, is heel zuinig met aandacht voor Lin. En dat geldt ook voor de Chinese kranten.

Jeremy Lin vormt voor de censuur een politiek dilemma, omdat hij een in Amerika geboren zoon is van Taiwanese immigranten. Lin is van Chinese afkomst, etnisch Chinees, maar hij heeft geen wortels op het vasteland. In de ogen van zijn vele fans – Lin wordt door meer dan een miljoen twitteraars gevolgd – mag hij de nieuwe Yao Ming zijn, in de formele, politieke realiteit van China is hij dat beslist niet.

Terwijl de media in Taiwan helemaal in de ban zijn van Lin-sanity, een Engelse woordspeling op insanity (gekte), spenderen de Chinese media op terughoudende wijze aandacht aan Lin, hoewel de hoofdredacteuren weten dat zij met name jongere lezers en kijkers geen groter plezier zouden doen dan het Taiwanese voorbeeld te volgen. Basketbal heeft in China het tafeltennis volledig verdrongen als populairste sport onder jongeren.

De geboren Chinees Yao Ming beëindigde vorig jaar zijn professionele basketballoopbaan bij de Amerikaanse profclub Houston Rockets. Zijn afscheid heeft voor de vele tientallen miljoenen NBA-fans in China een leemte achtergelaten. Een rolmodel viel weg. Lin mag wat de sportfans betreft in de voetstappen treden van Yao Ming, ook omdat hij met zijn 1.91 meter niet zo lang is als Yao die in volgens een Chinese fans vanwege zijn lengte „God een hand kan geven”.

Taiwan heeft Lin al uitgeroepen tot een nieuwe volksheld en Taiwanezen in de VS zijn vaak op de tribunes bij de Knicks in Madison Square Garden te vinden, gewapend met vlaggen van het van China afgescheiden Taiwan. Dat is een probleem voor de Chinese staatstelevisie, die interviews niet uitzendt waarin Lin zegt trots te zijn op zijn ‘Chinees-Taiwanese achtergrond’. Lins opa’s en oma’s wonen nog op het eiland, dat na de burgeroorlog in 1940 onafhankelijk werd. Een nog altijd hypergevoelige zaak in China.

Deze politieke redenen weerhouden de Chinese sportautoriteiten ervan om Jeremy Lin tot een nieuwe Yao Ming uit te roepen. Yao Ming fungeerde vooral vóór en kort na de Olympische Spelen van 2010 als een visitekaartje van de communistische Chinese Volksrepubliek en dat is in Lins geval onmogelijk. Yao Ming is tegenwoordig een zakenman, hij heeft zijn eigen wijnlabel onlangs op de markt gebracht en is eigenaar van de Shanghai Sharks, de profclub in de metropool. Hij is ook lid geworden van de Chinese Communistische Partij en heeft een adviserende functie gekregen in de reusachtige partijbureaucratie. Er is ook een plan voor filmcarrière.

Yao Min heeft als nieuwe basketbalbobo al geprobeerd Jeremy Lin naar Shanghai te halen. Lin sloeg het heel lucratieve aanbod af, want Madison Square Garden, de thuisbasis van de Knicks, is en blijft hét basketbalwalhalla. En Lin, die zich Amerikaan voelt, wil door China noch door Taiwan worden ingelijfd. Op het basketbalveld van Caochangdi in de buitenwijk van Peking bestaat er begrip voor. „Yao Ming ging toch ook naar de VS en kwam pas terug toen hij niet meer kon spelen”, zegt een van de jonge pleinbasketballers nuchter.

Dat wil niet zeggen dat China de hoop heeft opgegeven. Volgens het officiële staatspersbureau Xinhua en het Volksdagblad is Lin weliswaar geen Yao Ming, maar zou het mooi zijn als Lin komende zomer meedoet op de Olympische Spelen in Londen. Uiteraard in het rode shirt van China met vlammende draak. De onderliggende politieke redenering luidt als volgt: China erkent de onafhankelijke staat Taiwan niet, maar beschouwt de eilandrepubliek als een onafscheidbare provincie. Een sporter van Taiwanese afkomst kan dus uitkomen voor China.

Het probleem van zijn Amerikaanse nationaliteit kan met enige bureaucratisch lenigheid worden opgelost door Lin ook een Chinees paspoort te geven. Op twitter zeggen veel fans te hopen dat Lin op het olympische aanbod van China ingaat. Als de Harvardstudent dit niet doet, is hij geen echte Chinees is, maar een „gewone, witte Amerikaan met alleen een gele huid”. Op het basketbalveld van Caochangdi, vlakbij een snelweg en de luchthaven, hebben ze daar allemaal geen boodschap aan. „Lin bewijst net als Yao Ming dat Chinezen ook kunnen basketballen.”

    • Oscar Garschagen