Canada laakt Europa om 'discriminatie' teerzand

Canada dreigt een klacht tegen de Europese Unie in te dienen bij de Wereldhandelsorganisatie als de EU een plan doorzet om olie uit de Canadese teerzanden aan te merken als schadelijker voor het milieu dan andere vormen van ruwe olie, zoals voorgesteld in de Europese richtlijn brandstofkwaliteit.

Dat is gisteren gebleken uit een brief die Canada heeft gestuurd aan Europees commissaris voor Klimaatactie, Connie Hedegaard. De brief dateert uit december. Publicatie werd afgedwongen door de milieuorganisatie Friends of the Earth Europe.

Als in de Europese richtlijn olie uit de teerzanden „specifiek wordt aangewezen op een discriminerende, willekeurige of onwetenschappelijke manier”, schreef David Plunkett, de Canadese ambassadeur bij de EU, dan is Canada van plan „alle beschikbare wegen te bewandelen om zijn belangen te behartigen, inclusief de Wereldhandelsorganisatie”.

In de Europese richtlijn worden brandstoffen beoordeeld op de uitstoot van broeikasgassen die ze teweegbrengen. Ze vormt al lang een bron van ergernis tussen de EU en Canada. Canada voert een krachtige lobby om zijn teerzanden, een van de grootste olievoorraden ter wereld, buiten de richtlijn te houden.

Volgens tegenstanders van de toenemende exploitatie van de teerzanden of oliezanden, een onconventionele vorm van zware olie die relatief veel energie kost om te winnen, veroorzaakt de productie van brandstof uit de teerzanden 23 procent meer broeikasgassen dan het geval is bij conventionele olie. De richtlijn beoogt juist de uitstoot veroorzaakt door brandstoffen binnen tien jaar met 6 procent te verminderen.

Olie uit de teerzanden wordt vrijwel uitsluitend gebruikt in Noord-Amerika, maar Canada vreest dat de richtlijn toekomstige export naar Europa belemmert. Volgens de Canadian Association of Petroleum Producers, een organisatie van olieproducenten, is de richtlijn oneerlijk omdat andere vormen van zware, relatief vervuilende olie, zoals olie uit Venezuela, buiten schot blijven.

Een aantal Europese oliemaatschappijen, waaronder Shell, BP, Total en Statoil, heeft aanzienlijke belangen in de Canadese oliezanden. Regeringen van de landen waar deze bedrijven zijn gevestigd (Nederland, Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Noorwegen) proberen de Europese richtlijn af te zwakken.