Tekort aan Chinezen

Jonge Chinezen liggen er wakker van: elke jongere moet straks zorgen voor twee ouders en vier grootouders. Vergrijzing bedreigt China’s groei. Oscar Garschagen, Shanghai

A man wearing a fur hat stands in front of his stall at an outdoor market on a cold winter's day in Beijing February 16, 2012. REUTERS/David Gray (CHINA - Tags: SOCIETY ENVIRONMENT) REUTERS

Taxi’s leveren in strak tempo hoogzwangere vrouwen af bij de ingang van het Huashang Ziekenhuis in Shanghai. Begeleid door een schare familieleden schuifelen zij naar de ‘moederkliniek’. Alleen wie een bed gereserveerd heeft, komt langs de bewakers in hun uniformen. Spoedgevallen worden meestal weggestuurd, zelfs als de vliezen zijn gebroken. Er is zelden plaats. Zelfs een onderhandse enveloppe met inhoud helpt niet.

In heel China zijn de kraamafdelingen tot het eind van dit jaar bezet, ook in de privéklinieken, want in het pas begonnen Jaar van de mannelijke, zwarte Waterdraak is in de Chinese wereld een babyboom op gang gekomen. Ook in Hongkong, Taiwan en de Chinatowns over de hele wereld.

In China en Taiwan een welkome geboortegolf, die in media al heeft geleid tot de vraag of het opdoemende probleem van de vergrijzing misschien langs natuurlijke weg wordt opgelost. De vergrijzing van de bevolking naar Japans voorbeeld wordt in China beschouwd als een grote bedreiging.

Maar dat de „tikkende tijdbom” (Global Times) zich zo makkelijk laat demonteren, is onwaarschijnlijk. Demografen denken wel dat er in dit drakenjaar 5 tot 7 procent meer keizertjes en keizerinnetjes worden geboren dan in gewone jaren, maar waarschuwen meteen dat daarmee de op handen zijnde demografische aardverschuiving niet is tegen te houden.

„Zo makkelijk gaat dat niet. China heeft vele vruchtbare drakenjaren nodig om de vergrijzingstrend te doorbreken”, lacht Xiaochun Qiao van de Academie voor Sociale Wetenschappen in Peking. Xiaochun is een van de gezaghebbende demografen wier onheilspellende rapporten de Chinese leiders ’s nachts uit de slaap zouden moeten houden.

Wie in een stad als Shanghai woont, vaak fabrieken en universiteiten bezoekt of met vliegtuig en trein reist, kan zich moeilijk voorstellen hoe China vergrijst. Het gaat zo snel dat de arbeidsmarkt, de financiële sector en de migratiepatronen op afzienbare termijn gaan veranderen. Misschien wel de belangrijkste consequentie is dat China binnen 25 jaar het ‘demografisch dividend’ dreigt te verliezen. Het grote voordeel van een jonge, energieke, ambitieuze bevolking valt weg.

Café 1919

Experts zoals Xiaochun Qiao, die waarschuwen dat China over een jaar of twintig met exact dezelfde problemen kampt als Japan nu, lijken op het eerste gezicht doemdenkers, denk ik aan mijn tafeltje aan het raam van Café 1919, schuin tegenover het Huashang Ziekenhuis. Ik zie taxi’s die net hoogzwangere vrouwen hebben afgezet, wegrijden met jonge moeders en dik ingepakte baby’s.

In het café, waar chirurgen, verplegers en patiënten (in pyjama en soms met een infuus in de arm) gezellig lunchen en roken, heb ik een afspraak met een jonge aanstaande vader. Hij vertelt dat hij en zijn vrouw een periode van zorgvuldige voorbereiding achter de rug hebben. Zonder uit te wijden over de kleine letters van de dierenriemregels, kwam het er op neer dat „het niet te vroeg en niet te laat raak” moest zijn om in de eerste maanden van het drakenjaar – en liefst voor de vijfde maand – een baby te krijgen.

Heel modern zegt hij: „Of het een jongen of een meisje is, maakt voor mij geen verschil. Het wordt in elk geval een drakenbaby, we wilden per se geen hondenbaby en ook geen slangenbaby”, vertelt hij, net als iedere aanstaande ouder nog onkundig van het geslacht van zijn baby. Op de vraag waarom drakenbaby’s een goudgerande toekomst tegemoet zien, heeft hij geen antwoord. „Het zijn vooral onze opa’s en oma’s die dat belangrijk vinden.”

Hij en zijn vrouw hebben even overwogen naar Hongkong of Los Angeles te gaan voor de bevalling. De grens met de voormalige Britse kroonkolonie is echter voor zwangere vrouwen van het vasteland gesloten na demonstraties van Hongkongse vrouwen. De Chinese klinieken in de VS zitten vol. Wel spijtig, want zij hadden hun zuigeling graag de Hongkongse of Amerikaanse nationaliteit gegeven.

In het uurtje dat we de mores van het drakenjaar bespreken, zien we slechts één hoogbejaarde vrouw achter een rollator voorbij lopen. Maar de parken zitten van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat vol kaartende, kwiek dansende en taiqi bedrijvende bejaarden, ook in de winter.

Luister naar demografen en lees hun rapporten en het is duidelijk dat de parken in de komende decennia nog voller zullen worden. Het aantal ouderen – oud in de demografische definitie is iedereen vanaf 60 jaar – bedraagt op dit moment 13,4 procent van de bevolking. Dat was vijf jaar geleden 10,3 procent.

Tegen 2020 – in demografische termen overmorgen – zal het aantal niet-werkende ouderen vanaf 60 jaar verdubbeld zijn tot 356 miljoen. Nu staan tegenover iedere gepensioneerde zes werkenden. Vanaf 2030 is die verhouding twee werkenden tussen 15 en 60 jaar tegenover één gepensioneerde.

Een ander belangrijk cijfer betreft het aantal jongeren onder de 24, de werkbijen voor straks. Hun aantal kromp van 23,3 procent in 1978 tot 16,6 procent in 2010. In 2020 zal dat aantal zelfs met 50 procent zijn gedaald. Met andere woorden, het onuitputtelijk lijkende reservoir goedkope arbeidskrachten is aan het opdrogen. Een hoogst actueel gegeven is dat dit jaar voor het eerst de groep werkers tussen 15 en 60 jaar krimpt.

Het zijn trends die zichtbaar worden in de arbeidstekorten in de oostkustdelta’s. Arbeidstekorten leiden tot loonsstijgingen en nieuwe migratiestromen. Niet meer van West- naar Oost-China, maar omgekeerd.

Een ander teken is dat de eerste grote Chinese en Taiwanese textielfabrikanten al verhuisd zijn naar Bangladesh en Vietnam.

De vergrijzing is mede veroorzaakt door de één-kind-politiek, het uit 1979 daterende beleid om de groei van de bevolking af te remmen, die overigens vele uitzonderingen kent. Al met al is het Chinese geboortecijfer gedaald naar 1,8 kinderen per vrouw. Het mondiale gemiddelde is 2,5 kinderen per vrouw.

Een van de meest voor de hand liggende maatregelen om de vergrijzing tegen te gaan is natuurlijk het opheffen van de één-kind-politiek. Daar is heftig debat over.

Steden als Shanghai zijn er de facto al mee begonnen, maar mogen er niet veel ruchtbaarheid aan geven. Rondom de één-kind-politiek bestaat een grote uitvoeringsbureaucratie die zich krachtig verzet tegen de onvermijdelijke koerswijziging.

Maar de vraag is of het opheffen van de één-kind-politiek veel effect sorteert. Nu meer dan de helft van de bevolking in steden woont, waar de prijzen van huizen en levensonderhoud aanzienlijk hoger zijn dan op het platteland, geven paren de voorkeur aan kleine gezinnen.

Schakers

Naast de afschaffing van de één-kind-politiek heeft China ook andere opties. Een daarvan is iedereen die in loondienst is en bij de overheid werkt, langer laten doorwerken dan thans het geval is. Vrouwen stoppen nu meestal rond hun 55-ste met werken en mannen met hun 60-ste. Niet voor niets zitten de parken ’s zomers en ’s winters vol grijzende schakers en jonggepensioneerde mahjongspelers.

Invoering van nationale pensioensystemen en zorgstelsels behoort ook tot de mogelijkheden. Het Europese pensioendebat wordt in de economische pers nauwgezet gevolgd. Een commentator zei: „we kopiëren graag, laten we het Nederlandse stelsel goed bestuderen’’. Daar is veel geld en organisatievermogen voor nodig. Dat is ook een van de redenen dat China rijk wil worden voordat het land bejaard wordt.

Rijk worden naar Taiwanees, Singaporees of Zuid-Koreaans voorbeeld is noodzakelijk om een goed pensioenstelsel op te bouwen en de gezondheidszorg voor ouderen te ontwikkelen. Ook op het platteland, waar de bevolking al grijzer is dan in de steden, zijn pensioenstelsels onbekend of slecht gefinancierd, op enkele proefprojecten na. Alleen in de geprivilegieerde staatsbedrijven nemen werknemers deel aan pensioenregelingen.

In feite is het oude Confuciaanse verzekeringssysteem nog springlevend. Ouders rekenen voor hun oude dag op hun kinderen. In het cijfergekke China is daar een combinatie voor: 4-2-1. Een kind draagt de zorg voor twee gepensioneerde ouders en vier gepensioneerde grootouders. Gezien de lage pensioenleeftijden liggen vele jongeren al van dit toekomstbeeld wakker. Daar is alle aanleiding voor, zeker als ouderen gaan kampen met chronische ziekten en dementie.

Respect voor ouders – een Confuciaans leerstuk – wordt er daarom van jongs af aan ingebracht, samen met de rijstepap in de ochtend en gevulde soep in de avond. Toch blijken er nieuwe wetten nodig om kinderen te dwingen voor hun ouders te zorgen, want het wordt steeds duidelijker dat jongere generaties daar geen zin meer in hebben. Waarschijnlijk ook niet als zij onder het meest gunstige gesternte, de zwarte Waterdraak, geboren zijn.