Een dilemma tussen privacy en informeren

Veel lezers reageerden op een verhaal in de krant van zaterdag, met medische informatie over prins Friso. Hoofdredacteur Peter Vandermeersch legt uit dat de redactie geruchten wilde nuanceren en ontkrachten.

Publiceren we informatie die we hebben over de gezondheid van prins Friso of doen we dat niet? Dat was de vraag die we ons vrijdagavond op de redactie stelden.

Eigenlijk werden we bijna toevallig met die vraag geconfronteerd. Zoals zaterdag beschreven op de voorpagina van NRC Handelsblad was een van onze meest ervaren journalisten, Jannetje Koelewijn, toevallig in Oostenrijk, samen met haar echtgenoot die neurochirurg is en die in Innsbruck was om een cursus te geven aan jonge collega’s.

Dankzij haar echtgenoot kwam Jannetje in contact met artsen die prins Johan Friso na zijn dramatisch ongeluk behandelden. Ze maakte zich in het ziekenhuis duidelijk bekend als journaliste en zei dat ze over hun gesprek zou schrijven voor NRC Handelsblad.

Een Oostenrijkse specialist wilde daarna openheid van zaken geven. Hij vertelde haar dat er geen sprake was van een schedelbasisfractuur, het bericht dat op dat moment de ronde deed, maar dat de grootste zorg de langdurige ademnood was waarin de patiënt verkeerd heeft. Andere details over het ongeluk en toestand van de patiënt vroegen de artsen niet te publiceren, of wilden ze niet vertellen.

Het spreekt voor zich dat de redactie in Rotterdam voor een dilemma stond. Wat te doen met de informatie die in ons bezit was? Publiceren we, dan schenden we de privacy van de patiënt – zoveel is helder – en zouden we mogelijk meewerken aan schending van het medisch beroepsgeheim.

Maar publiceren we niet, dan zouden we nalaten wat wij claimen te doen: met onze journalistieke methodes proberen de waarheid over relevante zaken zo genuanceerd mogelijk aan het licht te brengen.

De kernvraag was: weegt onze journalistieke taak – wat kunnen of moeten we zeggen over de gezondheidstoestand van de prins – op tegen het schenden van de privacy van de prins?

Voor alle duidelijkheid: we beseften maar al te goed dat een aantal lezers boos zou worden als we zouden publiceren. We weten immers dat onze lezers vanouds (en terecht) hechten aan terughoudendheid en nuance.

Toch besloten we om het verhaal te publiceren. Omdat het nieuwe informatie toevoegde aan het verhaal van het ski-ongeluk, en omdat het gegevens die tot nu toe voor waar werden aangenomen, ontkrachtte of nuanceerde. Én omdat de gezondheidstoestand van de tweede zoon van de koningin van Nederland wel degelijk relevant nieuws is. Al was het alleen maar omdat diens gezondheid invloed kan hebben op het functioneren van de koningin en de kroonprins.

We oordeelden dus dat onze journalistieke opdracht en het algemeen belang het zwaarst wogen.

Belangrijk daarbij is de vraag hoe oprecht we als medium zouden zijn als we zaken die we weten – en die gezien de ophef rond de zaak wel degelijk van belang zijn – niet zouden publiceren. Waar stopt dat dan? En hoe geloofwaardig zijn we dan als nieuwsorganisatie?

Ook over de vorm van het verhaal is nagedacht. Een ‘gewoon’ bericht waarin we alleen het nieuws brachten, leek ons in dit geval niet de juiste vorm. We wilden meteen openheid geven over de opmerkelijke manier waarop dit nieuws tot ons kwam. Juist daarom maakte de redacteur gebruik van een, voor onze krant uitzonderlijke vorm, een ‘ik-verhaal’.

Een flink aantal lezers is geschrokken van onze berichtgeving. Dat is begrijpelijk. Journalistieke dilemma’s van dit kaliber zijn geen zwart-witkeuzes.

Alles afwegende meenden we voorrang te moeten geven aan onze journalistieke taak. Maar daarbij stelden we ons zo terughoudend mogelijk op. We publiceerden alleen wat we relevant achtten: de elementen die een ander licht wierpen op de gezondheidstoestand van de prins, waarover in de uren daarvoor wilde geruchten de ronde deden en waarover de Rijksvoorlichtingsdienst zweeg.

Want dat is nu eenmaal onze taak: onze lezers zo snel, betrouwbaar en genuanceerd mogelijk informeren.

peter vandermeersch

Hoofdredacteur

    • Peter Vandermeersch