Rijk overzicht Visch mist sturing en kader

foto peter cox eindhoven

Henk Visch, Solo. T/m 6 mei in Kunsthal Kade, Smallepad 3, Amersfoort. Di t/m vr 11-17u, za en zo 12-17u. Inl. kunsthalkade.nl

Geen misverstand: Henk Visch is al decennialang een van de beste beeldhouwers van Nederland. Zijn oeuvre is rijk, gevarieerd, verrassend en poëtisch – en ook behoorlijk grillig. Visch (1950) is waarschijnlijk het beroemdst door zijn bronzen beelden van gestileerde, afgeronde mensfiguren en lichaamsdelen (die tot het vaste straatmeubilair van vele Nederlandse pleinen en winkelstraten horen – er staat er nu tijdelijk een voor Kunsthal Kade), hij maakt ook totempaal-achtige knutselwerken, draadsculpturen in de geest van Alexander Calder en een grillig, bonkig, veelkleurig werk als het bekende Marathon-beeld in Rotterdam. Prachtig oeuvre, maar geen grip op te krijgen. En dat geldt trouwens niet alleen voor Visch’ vorm: hij is ook in de inhoud een beeldhouwer in de geest van de Vijftigers. Visch wil zich nergens op vastleggen, vermijdt betekenis en laat alle inhoud en associaties gretig over aan de toeschouwer. Vrijheid, blijheid. Ofzo.

Maar hoe maak je daar een tentoonstelling mee? Hoe geef je, als samensteller, een heldere visie op een oeuvre dat ongrijpbaar wil zijn zonder in die ongrijpbaarheid te verzuipen? Precies die vraag is vermoedelijk de reden dat er al decennia geen goed, groot overzicht van Visch’ werk is gemaakt: wie keuzes gaat maken in dit oeuvre, er lijnen in aanbrengt, gaat bijna loodrecht in tegen de geest van Visch’ werk.

Dat dilemma is ongetwijfeld ook de reden dat Kunsthal Kade er uiteindelijk simpelweg voor koos Visch zijn eigen overzicht te laten inrichten. En laat het daar nou net misgaan. Ook Solo is namelijk verrassend, grillig, rijk en poëtisch, maar het is ook nogal een puinhoop. En precies die ‘verdubbeling’ keert zich tegen de toeschouwer.

Het probleem begint er al mee dat de tentoonstelling veel te vol is (verwacht niet van een beeldhouwer dat hij radicaal gaat schiften in zijn eigen werk). Erger is dat Visch geen enkele chronologische, inhoudelijke of stilistische lijn in het geheel heeft aangebracht. Op het eerste gezicht is dat nog wel vrolijk (alsof je een warrig, van poëzie vervuld hoofd betreedt) maar al snel gaat het irriteren. Want doordat er geen enkele hiërarchie in zit, geen enkel verband valt te ontdekken en er ook al geen titelbordjes met jaartallen hangen (houdt Visch niet van) is de hoeveelheid informatie, poëzie en ideeën voor de toeschouwer veel te groot en rommelig om te behappen. Dat mag dan goed passen bij Visch’ geest, als toeschouwer kun je je er nauwelijks toe verhouden, waardoor je bijna in de verleiding komt te denken dat Solo eigenlijk een groepstentoonstelling is van vijf (of vier, of zeven) verschillende beeldhouwers die allemaal in Visch’ hoofd rondstruinen. Maar helaas: ook dat idee wordt niet uitgewerkt, zoveel reflectie mag je (opnieuw) van de kunstenaar zelf niet verwachten.

Zo is Solo vooral een expositie voor de liefhebber van chaotische esthetica. Wie goed kijkt en flink filtert, vindt hier altijd wel een paar beelden die hem of haar zullen bevallen, waar je in op kunt gaan en inderdaad: waarin je geest in volle vrijheid kan waaien. Zelf werd ik nogal vrolijk van een beeld als Landschap en boom (1993): niet meer dan een groen geschilderd, grillig stuk ijzerdraad met een miniatuurboompje erop – oneindig pesterig en oneindig effectief – maar ook van de Visch-klassieker New York (1982): een beeld van een zwaar gestileerd menselijk lichaam (dat wel wat aan ‘primitieve’ beeldhouwkunst doet denken) dat met zijn of haar linkervoet pesterig balanceert op een grote steen.

Juist zulke prachtige prikkels maken het verlangen des te groter om een Visch-overzicht te zien waarin zijn poëtische oprispingen sturing en kader krijgen. Knevel de beeldhouwer en de betekenis zal geest wezen. Of zoiets.

    • Hans den Hartog Jager