Op zoek naar krenten in de recessiepap

‘Nederland opnieuw in recessie’: de laatste CBS-cijfers over de Nederlandse economie domineerden woensdag het nieuws, en niet alleen op de voorpagina van deze krant. De krimp met 0,7 procent in het vierde kwartaal van 2011 was erger dan verwacht, ook verhoudingsgewijs. Duitsland kromp met ‘slechts’ 0,2 procent, Frankrijk groeide zelfs met 0,2 procent. Anderzijds kwamen er in datzelfde treurige vierde kwartaal 19.000 banen bij in Nederland. Onze werkloosheid behoort met 4,9 procent tot de laagste in Europa. En de CBS-cijfers zeiden niets over de beurs. Recessie of niet, de AEX steeg in het vierde kwartaal juist met een procent of 10. De Amsterdamse index deed het toen aanmerkelijk beter dan de EuroStoxx50, de index van de 50 grootste Europese beursfondsen.

Wat voor hachee moet de particuliere belegger hiervan maken? Doet Nederland het nou goed of slecht? „De beurs loopt altijd zes tot negen maanden vooruit op de economie”, zegt Willem Burgers. „En de meeste Nederlandse beursfondsen halen maar een klein deel van hun omzet in Nederland. Bij de ondernemingen waarin ik beleg is dat gemiddeld 19 procent. Als het in eigen land slecht gaat, raakt hen dat veel minder.”

Burgers is een veteraan van het Nederlandse aandeel. In 1990 werd hij directeur van het Orange Fund van zakenbank Kempen & Co. Twaalf jaar lang belegde hij met succes in Nederlandse small caps – kleine beursfondsen – totdat hij in 2002 moest aftreden door een voorkennisaffaire, die hem op een taakstraf van honderd uur kwam te staan. Vijf jaar later keerde Burgers terug op de beurs, als oprichter en directeur van het Add Value Fund, belegger in Nederlandse small- en midcaps.

En weer doet hij het goed: sinds de oprichting boekte Add Value een rendement van bijna 10 procent na aftrek van kosten, inclusief krediet- en eurocrisis. In die vijf stormachtige jaren verloor de AEX ongeveer een kwart van zijn waarde. Fondsenvergelijker Morningstar waardeert Add Value met vijf sterren, het maximum. Burgers en de zijnen doen veel eigen onderzoek, kiezen op grond daarvan hun investeringen en houden die zo lang mogelijk vast. „Goede bedrijven doen het juist in crisistijden beter dan gemiddeld.” Neem de technische dienstverlener Imtech, waarin Add Value zijn grootste participatie houdt. „Wij zitten niet in bouwbedrijven, want de bouw heeft het heel zwaar.” Maar zelfs in die sector kun je nu nog groeien. „Imtech helpt Duitse kantoren ‘groen’ te maken. Daar is veel vraag naar. Die activiteit is inmiddels goed voor 30 procent van de omzet.”

Krenten blijven krenten, ook in recessiepap. „Iedere crisis leidt tot een survival of the fittest. De verschillen in beurswaardering tussen bedrijven zijn enorm aan het toenemen.”

Joost Ramaer

    • Joost Ramaer