De datingjungle

In de rubriek Blind Date probeerde Lux alleenstaanden te koppelen. De slotbalans. En 9 survivaltips.

Ik wist meteen: niet mijn type.”

„We leken in niks op elkaar.”

„Ik vond hem niet zo knap. Hij had niet veel haar.”

„Ze is helaas iets te groot.”

„Hij zei dat hij geen intellectuele klik met mij voelde.”

„Ze zei dat ze me te ielig vond.”

„Volgens mij verdient hij niet veel.”

„Deze hoeft straks niet z’n pantoffels onder m’n bed te zetten.”

Een ‘slagveld’, noemde een bevriende, oudere lezer de Blind Date-rubriek in deze bijlage een keer. Dating had hem altijd iets als ‘pingen’ of ‘couch surfen’ geleken: een vlotte hobby voor jonge mensen, amusant om kennis van te nemen vanuit de luie stoel. Dat beeld had hij drastisch moeten bijstellen. De leeftijd van de deelnemers liep op tot achterin de vijftig, en hun beginsituaties varieerden van student tot gescheiden co-ouder tot gepensioneerde. En dan de eenzaamheid die uit hun verhalen sprak, en de keiharde oordelen die men over elkaar velde! Moest dat nou zo? Geen wonder dat relaties en huwelijken tegenwoordig zo snel ontploffen, hoorde je hem erbij denken.

Ondanks het vrijblijvende karakter is een blind date een precaire, ongemakkelijke situatie. Twee vreemden ontmoeten elkaar vanuit een romantisch verlangen, wat ook als het onbenoemd blijft als een wolk tussen hen in hangt. In beider levens ontbreekt iets wezenlijks, anders zaten ze niet tegenover elkaar. Om het ongemak over zoveel kwetsbaarheid te maskeren wordt er zeker op eerste dates daarom vaak flink opgeschept: vrienden, werk, vakanties, het kan niet op, het loopt op rolletjes. Intussen staan alle zintuigen op scherp: zou dit hem of haar dan wezen? Anders en beter dan ex, en minstens zo boeiend als ikzelf?

Uiteraard loopt dat nogal eens op niks uit. Ook voor het gros van de in totaal 74 deelnemers aan deze rubriek heeft de date hoogstens tot een paar vervolgafspraakjes geleid. De liefde laat zich niet makkelijker vangen dan vroeger, lijkt het, toen de ware ook al zomaar bij de supermarkt of de tennisclub kon opduiken. Het grote online-aanbod maakt het kiezen van een potentiële partner eerder moeilijker. Bovendien is een (huwelijks-)relatie voor de meeste mensen geen noodzaak meer; we leven in steeds grotere getale in ons eentje. Als een relatie niet meer dan een extraatje is, wie bepaalt dan de voorwaarden en de contouren?

De anonieme matchmaker achter de Blind Date-rubriek was Paiq, een in 2005 opgerichte, Nederlandse datingsite. IT’ers Jelmer Feenstra en Frank van Viegen bedachten na hun afstuderen aan de UT in Enschede als oefenproject hoe ze middels een computersysteem mensen aan elkaar konden koppelen. Dat werd een succes: inmiddels hebben zich 220.000 mensen aangemeld voor een gratis Paiq-lidmaatschap. 52.000 daarvan waren de afgelopen drie maanden actief.

Paiq (de naam staat voor artificial intelligence, a.i., met de p en de q als twee poppetjes eromheen gedrapeerd) koppelt de leden door hun ingevulde vragenlijsten naast elkaar te leggen, en op basis van eerdere successen en mislukkingen te voorspellen welke combinaties van eigenschappen bij elkaar passen. De matches worden dus door ‘het systeem’ tot stand gebracht, in plaats van dat leden zelf het aanbod afgrazen.

Volgens Van Viegen blijkt uit onderzoek „dat mensen er slecht in zijn om duizenden anderen te vergelijken op basis van tientallen eigenschappen, ook omdat niemand precies aan hun ideaalbeeld zal voldoen. Er moeten concessies gedaan worden, maar wat is dan belangrijker? Leeftijd? Opleiding? Haarkleur?” Van Viegen vond zelf de liefde dankzij Paiq, maar nuanceert dat het systeem „alleen een voorselectie” maakt. „Het is niet per se de bedoeling dat het in één keer raak is.”

Het slagingspercentage van Paiq is niet bekend – net zo min als dat van andere sites trouwens. Te bewijzen valt er weinig. Op het Paiq-kantoor komen mailtjes met succesverhalen, trouwkaartjes en geboortekaartjes binnen, maar de meeste leden loggen op den duur zonder opgaaf van redenen niet meer in en verdwijnen zo uit beeld. Of ze inmiddels onder de pannen zijn of er gewoon genoeg van hadden blijft dan onduidelijk.

De deelnemers aan de rubriek kijken in het algemeen terug op een ‘gezellige’ en ‘leuke’ ontmoeting, maar voor een romantische toekomst is dat niet genoeg. Als ‘die klik, vonk, sprankel’, ‘vlinders’ of ‘een zekere chemie’ ontbraken, liet men het er liever bij. Beleefdheidshalve uitgewisselde telefoonnummers en e-mailadressen bleven vaak onbenut. Opvallend is dat de meesten wel positief zijn over de opzet. ‘Een grappige ervaring’, ‘het proberen waard’, ‘een kick’: een blind date vonden ze enger, maar ook interessanter en leerzamer dan welk online-avontuur ook. Eén dame merkt op dat virtuele flirtcontacten in het echt soms totaal niet op hun foto of profiel lijken, „dus dat is eigenlijk ook een blind date”.

Pretrelatie

Hennie, die met Rob zo „vreselijk had gelachen”, moest hem toen hij haar later opbelde teleurstellen: „Ik heb gezegd dat ik niet voor een pretrelatie ging… Jammer.” Céline vertelt dat ze Rick nog ‘regelmatig’ gezien heeft, maar „tot een vaste relatie is het niet gekomen […] Hoe dan ook ben ik blij dat ik hem heb leren kennen”.

Michel (37) en Sandra (33) hadden zo’n geslaagde date dat het bijna niet meer mis leek te kunnen gaan. Sandra was „blond en slank, open en energiek”, rapporteerde Michel na hun romantisch treffen in de stortregen, en ze had geen probleem gemaakt van zijn echtscheiding en vaderschap. „Iedereen heeft wel een rugzakje”, zei Sandra nuchter. Ze „voelde nog geen vlinders”, maar wist ook dat verliefdheid bij haar „moest groeien”. Michel was zeker van zijn zaak: „Ik bel haar vanavond.” Zo geschiedde. Ze reisden tussen beider woonplaatsen op en neer tot de relatie na een paar maanden op vriendschappelijke wijze bekoelde. Michel is dankbaar voor de ervaring, maar schrok ook van zijn eigen ‘rugzakje’, dat hem meer in de weg zat dan hij van tevoren had ingeschat.

Van de anderen melden er vijf dat ze sinds de publicatie van het experiment de liefde hebben gevonden – bij een ander. Wie weet dat de blind date ze dapperder gemaakt heeft. Chris beleeft „een prille liefde die voortkomt uit een live-ontmoeting”, Pieter is „sinds enkele weken aan het daten met een leuke dame” en Mascha heeft „nu zo’n vijf maanden een relatie met een jongen uit een dorp hier in de buurt” die ze vond via relatieplanet. Ze hoopt op een ‘toekomstproof’ relatie. Ellen had onlangs een ‘pril gelukje’: „Een kennis van de sportvereniging waarvan ik al enige tijd niet meer lid ben is sinds kort gescheiden en belde mij op om te informeren hoe het gaat. Afspraak gemaakt en het is wederzijds. Dankzij hem gaat het super goed in de liefde!”

De overgebleven singles gaan intussen met geheven hoofd verder. Twintiger Joske heeft moeite met het geduld dat daten vergt, maar ze geeft de hoop niet op: „Ik ben veel te jong om te denken dat ik niemand krijg.” Generatiegenoot Céline, die ervaring heeft met ‘moeizame’ relaties: „Het vrijgezellenleven bevalt me ergens ook wel.” En Hennie, negen jaar single en nu even datingmoe, zegt wijs: „Het komt vanzelf wel op mijn pad, denk ik altijd maar.”