Bewoners hebben niets te zeggen over Drents megawindpark

Na het windpark bij Urk gaat men nu Drenthe en Zuidoost-Groningen met molens volzetten. Burgers worden gemanipuleerd door het achterhouden van informatie en het omzeilen van inspraakprocedures.

Er komen in Drenthe en Oost-Groningen 120 windturbines voor circa 600 megawatt. Het windpark bij Urk is kleiner en staat voor een deel in het IJsselmeer. De turbines in Drenthe staan midden in bewoond gebied. Ze worden extra groot, want ze worden geplaatst in een windluw gebied. De molens moeten per stuk minstens drie megawatt leveren. Dat zijn molens van 135 meter hoogte. Maar ook de Enercon E-126 van 7,5 megawatt wordt in de plannen genoemd, van 198 meter hoogte.

Het vervoer naar de standplek verwoest wegen en velden. De windmolens moeten verankerd worden. Daarvoor gaan per molen 100 heipalen de grond in. Windturbines gaan vijftien tot twintig jaar mee. Gaat men ervan uit dat heipalen en de ruïnes van de kolossen zonder kosten vanzelf verdwijnen?

De turbines worden in bewoond gebied geplaatst. Trillingen in de Drentse veengrond dragen ver. De sociale gevolgen zijn groot. Gezondheidsproblemen zoals slapeloosheid, vermoeidheid, concentratieproblemen, irrationele irritaties, hoge bloeddruk zullen behoorlijk toenemen door trillingen, door gebrom en door schaduwflitsen.

Toeristen komen naar Drenthe voor de rust: wandelen, fietsen en het landschap. Maar die zullen nu wegblijven. Campings en B&B’s moeten sluiten, winkels gaan failliet. De kleine ecobedrijfjes vervallen, investeringen zijn voor niets geweest.

Huizen worden onverkoopbaar. Er is al een tiental voorbeelden van potentiële kopers die bij nadere oriëntatie afhaakten. Gemeentes verarmen, doordat de WOZ en gekoppelde belastingen omlaag gaan; er zal veel geprocedeerd worden.

Grootgrondbezitters krijgen subsidie voor het plaatsen van de molens en geld voor de gewonnen elektriciteit. Volgens officiële rapporten zo’n zes miljoen per belanghebbende. Maar buurboeren die niet aan deze landschapsvervuiling meewerken, krijgen geen vergoeding. Ze moeten, net als iedere Nederlander, meebetalen aan de subsidies die hun uitzicht en woongenot bederven.

De belanghebbenden hebben zich gebundeld in windpark De Drentse Monden en windpark Oostermoer. De rijksoverheid doet rechtstreeks zaken met deze organisaties. Benadeelden hebben geen enkele mogelijkheid tot inspraak. Gemeenten en provincie worden vrijwel buitenspel gezet.

Marineke Leijenhorst

Gasselte.

Molenadepten zijn blij met Urk. Maar waarom?

Grote vreugde bij windenergie-enthousiasten in de Noordoostpolder. De Raad van State staat de bouw van 86 windturbines bij Urk toe. 450 megawatt nominaal mag worden opgericht. De belastingbetaler draait op voor tenminste een miljard, maar dat mag de vreugde niet temperen. De veronderstelde opbrengst aan elektriciteit is 1,4 TWh, ofwel minder dan 1,3 procent van het huidige Nederlandse energiegebruik. Een meer realistische raming van de opbrengst komt wat lager uit: nauwelijks meer dan 1 procent. Maar bij de subsidiekosten van ongeveer 1 miljard komt nogal wat extra, als je de sommen goed maakt.

De elektriciteitsproductie fluctueert sterk met de wind. Er moet dus productievermogen achter de hand worden gehouden. Maar centrales kunnen niet zoals de radio eenvoudig aan- en uitgezet worden. Ze blijven kooldioxide produceren. Dat vindt het Centraal Bureau voor de Statistiek een te moeilijke som, dus die wordt daar niet gemaakt.

En zo worden we met instemming van de Raad van State opgezadeld met een opwekkingsapparaat voor dure stroom, dat net de stijging van het stroomgebruik voor één jaar bijbeent en nauwelijks bijdraagt aan de vermindering van de uitstoot van kooldioxide. Vanwaar de vreugde?

Prof.dr.ir. Frans W. Sluijter

Emeritus-hoogleraar theoretische natuurkunde aan de Technische Universiteit Eindhoven