Alleen heel hard lachen

Waar andere komieken ons iets willen vertellen of inwrijven, wil André van Duin ons alleen maar heel hard laten lachen. Op een tentoonstelling in Hilversum kun je achter Willempie aanlopen en er staat een paard in de gang. Maar het leukst is de videojukebox met carnavalshits en zijn beste sketches. Zoals die met de onbeschofte ober. ‘Er is geen kaas!’

Tussen de tientallen elpees op de tentoonstelling Horen, zien en lachen met André van Duin, hangt de eerste elpee die ik ooit kreeg: Willempie. ‘Knotsgekke V&D prijs: 7,95’ staat erop. In de winter van 1976 had ik hem geruild met tante Cor voor een klassieke elpee met een dame in een witte jurk in een klaprozenveld die ik had gewonnen bij de bingo in buurthuis De Drie Punten. André van Duin was mijn eerste idool, en zal waarschijnlijk ook mijn laatste zijn.

Van André van Duin stond op de elpee alleen de hit Willempie. De andere liedjes waren vulsel van andere artiesten: Als het gras twee kontjes hoog is, Als je blauw bent wordt het zakje groen. Maar het ging mij om dat ene nummer, wat ik trouwens niet grappig of vrolijk vond. Kinderen zijn serieuze mensen. Ik vond het een aangrijpend lied met een mooie melodie. Over een simpele jongen die gegroet wordt door allemaal mensen die hij niet kent. Best eenzaam. En herkenbaar voor een kind. De mensen roepen: „Hé Willempie”, maar hij heet niet zo. Hij heet Wim.

Zal André van Duin (die eigenlijk Adri Kyvon heet) daar nog aan gedacht hebben toen hij donderdag zijn tentoonstelling in Hilversum opende, omringd door 58 duwende journalisten met opdringerige camera’s, in een sliert achter hem aan? Hoe zou dat zijn? Veertig jaar lang omringd door de liefde van vreemden.

Het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid serveerde op de opening bokkepootjes, meloen, bloemkoolsoep en warme balletjes van de koningin. Het radio- en televisiemuseum in het Mediapark verwacht minstens zoveel bezoekers als bij hun grootste hit uit 2007, de tentoonstelling Van Kooten en De Bie: En wel hierom! Waarschijnlijk worden het er veel meer, want Koot & Bie blijft toch humor voor de ietwat opgeleiden. Terwijl André van Duin een zeer breed publiek aantrekt, van kinderen tot grijsaards, van slopers tot ministers, van hoog- tot zwakbegaafden. Van Duins humor is tijdloos, plat, kinderlijk eenvoudig. Hij wil ons niets vertellen of inwrijven, zoals andere komieken, hij wil ons alleen maar heel hard laten lachen.

Net als bij Van Kooten en De Bie zitten we al een jaar of tien in een doorlopende huldiging van André van Duin, met eindeloze herhalingen van zijn successen. Dit keer is de gelegenheid zijn 65ste verjaardag. Leuke tentoonstelling: er staat een paard in de gang, er is een café waar cafésketches worden vertoond, je kunt in een opnamehok meedoen met de Dikvoormekaarshow en je kunt in een tredmolen achter een pop van Willempie aanlopen in een polonaise. Wel een gek gevoel, feesten in je eentje in een openbare ruimte. De ruimte met wc-potten met lange doortrekkoorden die in het niets verdwijnen, zou ook een installatie van Wim T Schippers kunnen zijn.

Mij gaat het om de videojukebox, waar je tientallen fragmenten uit de shows van André van Duin kunt bekijken. De jukebox bevat zijn carnavalshits en zijn klassieke sketches, zoals Broodje kaas, de trouwzaal, het nudistenkamp, het onbewoonde eiland. Maar ook minder bekende opnames die over de komiek zelf gaan. Zoals een aflevering van Klasgenoten uit 1986, waarin voormalige klasgenoten Van Duin kenschetsen als een stille, saaie jongen (‘een dooie’), die gepest werd met zijn rode haar. Nog steeds is dat een opmerkelijk aspect aan Van Duin: het enorme contrast tussen de vriendelijke, bedaagde man buiten het podium, en de waanzinnige oerkracht op het podium.

Opmerkelijk is een reportage over Van Duin in Het gat van Nederland van de VPRO uit 1973. We zien hem achter de schermen van zijn tweede revue, Bij blijven. We kijken eindeloos lang (lange shots mochten toen nog) naar Van Duin in een 19de-eeuwse jurk terwijl hij ineengedoken naast het podium staat te wachten tot hij opmoet. Niet glamoureus gefilmd, zoals de TROS later deed, maar in de zwaai-maar-wat-met-de-camerastijl die de VPRO van de jaren zeventig en tachtig tekent en die wel lijkt op de telefoonfilmpjes van tegenwoordig: onderbelicht, onscherp, te dichtbij, zenuwachtig wiebelend, zodat het even duurt voordat je door hebt waar je bent. Die stijl geeft hier de sensatie van intimiteit, van heel dichtbij komen. Niet dichtbij een ster, maar dichtbij een hardwerkende, jonge komiek vlak voordat hij een klein podium in Emmen oploopt.

Van Duin had toen al een hit in de top 40, Het Bananenlied, maar pas later werd hij echt beroemd, met de tv-registratie van zijn tweede revue Dag, dag heerlijke lach (1973-1974). Daarom was hij interessant voor de VPRO: de grauwe werkelijkheid achter het klatergoud.

In de tijd van Bij blijven kwam Van Duins producent Joop van den Ende vaak enthousiast de kleedkamer binnen: „Nu gaan we echt de grote zalen in.” Maar het bleef voorlopig buffelen in de kleine zaaltjes. Tot de TROS kwam.

Ook te zien in de jukebox: Matthijs van Nieuwkerk vraagt André van Duin in TV3 (2004) naar een anekdote uit die tijd. Dat is de methode Ivo Niehe: de interviewer vertelt uit je leven, je hoeft zelf alleen nog maar te knikken. Het verhaal gaat, volgens Van Nieuwkerk, dat Van Duin snel verveeld raakte tijdens de tournees en daarom de shows sneller ging spelen, zodat hij eerder naar huis kon. Toen Van den Ende op een avond langs wilde komen, trof hij het theater al gesloten aan. Boos reed hij achter de spelersbus aan, reed deze klem en schold Van Duin de huid vol. Van Duin zegt dat het inderdaad zo is gegaan. Alleen het korter spelen ontkent hij: het ging om een show voor soldaten en die was eerder afgelopen.

Mooi verhaal: Van den Ende in zijn vaste rol van enthousiaste aanjager die een internationale ster van Van Duin wilde maken, en die ontploft als hij tanende toewijding vermoedt. Van Duin als het natuurtalent dat snel verveeld raakt en van wie het allemaal niet zo nodig hoeft.

Sketches in de horeca, bij de dokter, een sollicitatie, een quiz: het zijn oude vormen uit de revue, een genre dat eigenlijk al op zijn eind liep toen Van Duin eraan begon. De vormen zijn oudbakken, Van Duin gebruikt ze als ruim kader om er op los te improviseren, schaamteloos te accelereren en de scène, zijn tegenspelers, het publiek en het decor te ontwrichten. Hij laat de scène volledig uit de hand lopen en doet er dan nog een schepje bovenop. Waarschijnlijk komt dat improviseren ook voort uit Van Duins snel verveeld raken op tournee. Om zichzelf wakker te houden, wil hij het iedere avond anders.

Van Duin is inmiddels ook onweerstaanbaar als hij niets doet. De eerste zaal van de tentoonstelling is een huiskamer met schilderijen. Hierin worden permanent 3D-filmpjes vertoond van Van Duins typetjes die met elkaar in conversatie gaan, als de bewegende schilderijen in Harry Potter. Meneer de Bok – brilletje, alpinopet, regenjas – is het laatste aan de beurt. Daarvoor doet hij negen minuten lang niets anders dan geërgerd en verveeld om zich heen kijken. Fascinerend om te zien. Het lijkt wel een video-installatie in het Stedelijk. Na negen minuten niets doen, trekt hij ineens mevrouw De Bok van onderaf de schilderijlijst in, alsof zij een lappen pop is.

Ik kijk naar een fragment uit mijn favoriete sketch, Broodje Kaas (1975) , ook wel Het Café of De Ober genoemd. Van Duin speelt een onbeschofte ober die Corrie van Gorp van haar stoelt sleurt en minutenlang „Er is geen kaas!” tegen haar schreeuwt. Steeds weer laat hij een perfect getimede pauze vallen en schreeuwt dan weer „Er is geen kaas!”, de lach in de zaal steeds hoger oppokend.

Althans, zo is het in mijn herinnering. Zo heb ik het als zevenjarige op tv gezien. In deze opname schreeuwt hij maar één keer „Er is geen kaas”. Daarna volgt veel te snel de zouteloze uitsmijter. Die eindeloze verlenging heeft een onnadenkende editor eruit geknipt. Of mijn geheugen heeft hem er zelf aangeplakt. In mijn hoofd is André van Duin immers nog leuker.

Tentoonstelling ‘Horen, zien en lachen met André van Duin’ t/m 27 oktober in het Instituut voor Beeld en Geluid, Mediapark, Hilversum. Inl. 035- 6775555 en beeldengeluid.nl. Maandag draait Radio 5 Nostalgia de hele dag André van Duin.