Zoellick nam het voor allerarmsten op in voedselcrisis

Robert Zoellick stopt als baas van de Wereldbank. Hij hervormde het insituut. De vraag of zijn opvolger ook een Amerikaan moet worden ligt weer op tafel.

World Bank President Robert Zoellick takes his seat before delivering the 2011 McNamara Lecture on War and Peace at the John F. Kennedy School of Government at Harvard University in Cambridge, Massachusetts in this November 29, 2011 file photo. Zoellick said on February 15, 2012 his decision to step down on June 30 at the end of his term was his own and was not due to pressure from the Obama administration. REUTERS/Brian Snyder/Files (UNITED STATES - Tags: POLITICS PROFILE BUSINESS) REUTERS

De Wereldbank moet op zoek naar een nieuwe president, nu de Amerikaan Robert Zoellick heeft gezegd af te treden als zijn vijfjarige termijn op 1 juli van dit jaar verstreken is. Met de wisseling van de wacht zal opnieuw de discussie losbarsten over het oude herenakkoord tussen Europa en de Verenigde Staten, waarbij de Europeanen traditioneel de directeur leveren van het Internationale Monetaire Fonds en de Amerikanen de president van zusterorganisatie de Wereldbank. De twee instituten werden in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog opgericht om het nieuwe internationale geldstelsel te beheren (IMF) en het economisch herstel van Europa te bevorderen (Wereldbank). De missie van de laatstgenoemde verschoof overigens al snel naar hulp aan ontwikkelingslanden.

Zoellick is de laatste in een lange reeks Amerikanen die de bank leidde. Hij loste vijf jaar geleden Paul Wolfowitz af. De vermeende financiële bevoordeling van zijn bij de bank werkzame vriendin kostte Wolfowitz destijds de kop.

De Republikein Zoellick was toen al een gevestigde naam in de internationale politieke economie. Hij bereidde onder George Bush senior ontmoetingen van de G7 voor, was onderminister voor Economische Zaken, stafchef van het Witte Huis en koos tijdens het presidentschap van Bill Clinton voor een loopbaan in de wetenschap. Onder George W. Bush, waar hij bij de presidentsverkiezingen van 2000 een belangrijke rol speelde bij de beruchte hertelling van de stemmen in Florida, werd hij aanvankelijk de vertegenwoordiger van de VS voor internationale handelsbesprekingen en daarna onderminister van Buitenlandse Zaken.

Een van Zoellicks belangrijkste resultaten bij de Wereldbank is een heroriëntatie van het instituut. In zijn afscheidsbrief gisteren stelde hij dat „de Bank heeft erkend dat we nu in een wereld leven met meerdere centra van economische groei, waar de traditionele concepten van de ‘Derde Wereld’ verouderd zijn en waar ontwikkelingslanden aanjagers zijn geworden van de wereldeconomie”. De bank profileerde zich bovendien door het, tijdens de recente voedselprijzenhausse, op te nemen voor de allerarmste landen.

De opvolging van Zoellick belooft een politiek lastig proces te worden. De belangrijkste opkomende landen stelden gisteren in een gezamenlijk schrijven dat het selectieproces eerlijk moet verlopen. Lees: kies een niet-Amerikaanse kandidaat. Of het zo ver komt is de vraag. Ook bij het IMF is het automatisme van een Europese directeur al herhaaldelijk aan de kaak gesteld, maar uiteindelijk werd de Franse minister van Financiën Lagarde vorig jaar tot opvolger van de in opspraak geraakte Dominique Strauss-Kahn benoemd.

De kans is groot dat het nu precies zo gaat. De naam die gisteren meteen circuleerde was die van Hillary Clinton. Ook Larry Summers, onder meer voormalig minister van Financiën onder Clinton en adviseur van Obama, wordt genoemd.

Maarten Schinkel