Ruimteschip Finance

Wat zou jij nou willen weten over bankiers, vraag ik aan mensen hier in Londen en bijna altijd krijg ik hetzelfde antwoord: hoe kunnen ze leven met zichzelf? Hoe kunnen mensen in de financiële sector zulke salarissen en bonussen incasseren terwijl wij moeten inleveren en cruciale sociale voorzieningen worden gekort?

Ik legde deze vraag maar eens voor aan een financiële recruiter. Ik noem hem hier Philippe. Hij gaat iedere dag om met de goedbetaalde bankiers op wie iedereen zo boos is. Zij komen naar hem toe omdat ze van baan willen wisselen, of hij kaapt ze ergens weg namens banken of financiële instellingen. Philippe zit bij een dure firma en kan uitgebreid met cliënten praten over hun motieven, angsten en ambities.
Dus hoe kunnen die mensen met zichzelf leven?

„Ze voelen zich een zondebok”, zei Philippe. „Wat ik mensen hoor zeggen is: luister, niemand runt een bank met de bedoeling ’m failliet te laten gaan, toch? Oké, banken hebben veel te veel geld geleend aan mensen die het niet konden terugbetalen. Maar niemand dwong die mensen om leningen af te sluiten waarvan ze konden weten dat die hun middelen te boven gingen. Maar ja, welke politicus gaat zijn eigen kiezers de schuld van de crisis geven? Veel makkelijker om het allemaal op de bankiers af te schuiven.”

„Ach”, vervolgde Philippe, „veel van mijn cliënten interesseert het eigenlijk niet zo heel veel hoe er in de publieke opinie over ze wordt gedacht. Dit zijn extreem goed opgeleide mensen die allemaal een paar talen spreken. Velen zijn getrouwd met iemand uit een ander land of cultuur en ze hebben kinderen die voor hun 18e al op twee of drie continenten hebben gewoond. Deze mensen horen nergens meer bij. Ze voelen zich gewoon niet verbonden met een nationale staat. Ze willen zo min mogelijk belasting betalen en ze willen veilig zijn. Rechtszekerheid vinden ze heel belangrijk.”

Dit sluit aan bij wat ik vaker hoor in interviews. Laatst een partner bij een groot Engels advocatenkantoor die zei: „Als ik bij banken kom valt me altijd op hoe internationaal ze zijn. Op iedere afdeling heb je een ‘verplichte Brit’, maar vaak blijft het daarbij. De rest kan echt overal vandaan komen.”

Dat is Londen anno nu en dat zijn Philippe’s cliënten. Het klinkt bijna als de bemanning van ‘ruimteschip Finance’, toch? Het ruimteschip staat voorlopig in Londen, maar kan ieder moment wegvliegen. Philippe zei: „Een hoogopgeleide professional in de City van Londen heeft veel meer gemeen met een collega in Hongkong, New York City of Rio de Janeiro dan met een monoculturele leraar of verpleegster ergens in Birmingham of Manchester. Voor demondiale elite is solidariteit niet verbonden met een land.”

Philippe wist dat ik werk voor The Guardian, boegbeeld van progressieve Britten en in de voorhoede bij het ‘banker-bashen’. Met een vals lachje vervolgde hij: „Links is echt de weg kwijt op dit punt. Links staat op solidariteit, de sterkste schouders in het land dragen de zwaarste lasten. Maar een dergelijke solidariteit staat of valt bij een gevoel van nationale saamhorigheid, en daarvoor is Links weer allergisch. Want met nationale identiteit zet je de deur open naar chauvinisme en nationalisme, en enge rechtse types. Het is toch wel heel ironisch hoe postmodernisten en veel denkers op links constant benadrukken dat identiteit een constructie is, traditie een uitvinding en dat naties eigenlijk ‘ingebeeld’ zijn, ‘imagined communities’. Nou, de mondiale financiële elite is het met ze eens.”

Lees ook het blog van Joris bij the Guardian: guardian.co.uk/bankingblog

    • Joris Luyendijk