NMa begint onderzoek naar prijsafspraken bij veilingen

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) is een onderzoek begonnen naar mogelijke kartelpraktijken van kunsthandelaren op veilingen. Bij zeker drie kunsthandels is de NMa vorige maand op bezoek geweest.

De NMa bevestigt desgevraagd het onderzoek, maar wil niet zeggen wat de aanleiding ervoor is. Mogelijk is de waakhond gealarmeerd door een artikel dat vorig jaar verscheen in deze krant. Daarin stond beschreven hoe kunsthandelaren onderling afspraken maken om de prijzen van schilderijen op veilingen te drukken. Kunsthandelaren en veilingmeesters bevestigden deze verboden praktijk.

Kunsthandelaren spreken – evenals musea, antiek- en tapijthandelaren – van tevoren af wie op een veiling gaat bieden en verrekenen opbrengsten onderling met een voor- of naveiling. Ook komt het voor dat ze schilderijen samen op een veiling kopen (slechts een van hen biedt) en de opbrengsten na verkoop delen. Daarnaast geven handelaren elkaar beurtelings voorrang bij een veiling.

Het samenwerken gebeurt vooral in lokale deelmarkten zoals de Hollandse romantiek of minder beroemde zeventiende-eeuwse meesters. Volgens kunsthandelaren drukt samenwerking de prijzen, waardoor hun klanten minder hoeven te betalen. „De lagere prijs is alleen niet zo leuk voor de verkopers en de veilinghuizen”, zei kunsthandelaar F. Buunk destijds in deze krant.

Buunk behoort tot de handelaren bij wie de NMa langs is geweest, net als A.H. Bies in Eindhoven en R. Polak in Den Haag. „In het belang van het onderzoek en de branche” wil Buunk nu „even niets zeggen”. Bies geeft ook geen commentaar en Polak wil alleen kwijt dat hij het onderzoek „overtrokken” vindt.

    • Esther Rosenberg
    • Karel Berkhout