De schaduwtrainer van Sir Alex

René Meulensteen (47) is bij ManUnited al bijna tien jaar hulptrainer. Hij verbeterde de passeertrucs van Cristiano Ronaldo. Vanavond zit hij naast Sir Alex Ferguson op de bank in de Amsterdam Arena.

voetbal 2009 Sir Alex Ferguson (R) - Manchester United Manager en First Team Coach Rene Meulensteen HOLLAND ONLY *** Local Caption *** Action Images

Daags na het gewonnen competitieduel tegen Arsenal, drie weken geleden, leidt de Nederlandse veldtrainer René Meulensteen van Manchester United zoals altijd de training. Voor een groot deel zijn het reserves die zijn oefeningen uitvoeren. Sterren als Wayne Rooney en Rio Ferdinand hebben rust gekregen, maar zelfs dan is het trainingsveld verboden terrein voor journalisten. „Mag niet van de manager”, had Meulensteen gezegd aan de telefoon.

De manager, Sir Alex Ferguson, wil het niet en dan gebeurt het ook niet. Receptioniste Kathy Phipps, een gezellige vrouw van in de zestig, gebiedt het Nederlandse bezoek rustig te blijven zitten in de lobby van het trainingscomplex in Carrington, even buiten Manchester. „René komt zo bij je. Zeg eens, hoe gaat het eigenlijk met mijn vriend Arnold?”

Ze doelt op Arnold Mühren, tussen 1982 en 1985 een van de eerste buitenlandse spelers van Manchester United. Phipps heeft ze allemaal gekend, van George Best tot Cristiano Ronaldo. De legendarische trainer Matt Busby was haar eerste baas toen zij in 1968 begon en nooit meer wegging. Het was het jaar dat United voor het eerst de Europa Cup 1 won, tien jaar na de vliegramp in München waarbij acht spelers van het beloftevolle team, the Busby Babes, om het leven kwamen.

Denis Irwin, linksback van het succesvolle team in de jaren negentig, komt even langs. Hij geeft Phipps een zoen en verdwijnt lachend naar een kantoorruimte achter haar. Daar werkt onder anderen de dochter van Bryan Robson, de stoere aanvoerder van United in de jaren tachtig en vroege jaren negentig. United is één grote familie.

En hier werkt dus ook de Nederlander René Meulensteen (47) al tien jaar, even onderbroken door een uitstapje naar het Deense Brøndby IF. Achter de schermen, zoals hij het wenst. Hoewel hij bij elk camerashot van Ferguson tijdens de wedstrijden van United voor de kijkers rechts in beeld te zien is, leidt hij een rustig en relatief anoniem bestaan. „Ik zoek de publiciteit niet op.”

In 2001 werd hij aangetrokken als ‘techniektrainer’ voor de jongste jeugd van Manchester United in de fonkelnieuwe football academy. Jonge spelers die Meulensteen als zeven- of achtjarige „mannekes” onder zijn hoede had, staan nu op het punt van doorbreken. Danny Welbeck en Tom Cleverley krijgen al speelminuten in het eerste, de anderen zullen snel volgen. Jongens uit eigen kweek die de basisbeginselen zijn bijgebracht door Meulensteen. „The Meuly Babes”, zegt hij lachend.

Meulensteen is een leerling van de vorig jaar op 86-jarige leeftijd overleden Wiel Coerver. Deze oud-trainer van onder meer NEC en Feyenoord ontwikkelde op basis van de technische vaardigheden van de allergrootste spelers een trainingsmethode voor de minder talentvollen. Na een bescheiden carrière in de top van het amateurvoetbal trok Meulensteen op zijn 29ste naar Qatar, waar hij met zijn leermeester de Coerver-methode in de praktijk bracht.

Toen Manchester United in Engeland geen geschikte skills development coach voor de jeugd kon vinden, kende iemand op Old Trafford nog wel iemand in Qatar. René Meulensteen dus, oud-amateurvoetballer van De Treffers uit Groesbeek.

Bij de grootste club in de Premier League werd de Nederlandse techniektrainer rechterhand van de Schotse hoofdcoach Ferguson. Zijn de sterren in het eerste van United niet uitgeleerd? Meulensteen schudt zijn hoofd. „Dat is een totale misvatting die altijd in de voetballerij geleefd heeft. Omdat trainers het gewoon niet weten. Dat is ook altijd de kritiek van Coerver geweest. Trainers weten niet hoe ze spelers technisch moeten ontwikkelen. ‘Ja dat moeten ze kunnen, dat moeten ze weten’, hoor je dan. Allemaal grote onzin. Toen ik heb hier begon, heb ik Ferguson ervan weten te overtuigen dat er bij het eerste elftal nog heel veel winst te behalen is.”

En dat is gelukt, vindt hij zelf. Neem de Portugese wereldster Cristiano Ronaldo, die in 2009 vertrok naar Real Madrid. „Ronaldo is een van de spelers met wie ik het meeste gedaan heb. Iedereen ziet hem zoals hij nu is, maar je moest hem eens zien zoals hij was toen hij bij ons kwam. Een jongen met een enorme explosiviteit, een enorme arrogantie in zijn spel. Maar qua techniek was het niet meer dan een hoop gepiel met een bal, wat hij als kind op Madeira leerde. Nog niet functioneel.”

Aanvaller Ronaldo wilde altijd na de training nog even met Meulensteen aan het werk. „Met een eerste elftal speler moet je altijd techniek trainen in relatie tot gevolg: een pass, voorzet, schot. Het gaat er om dat je die tegenstander voorbijkomt. Dan kan je er beter één beweging maken – pats – en versnellen, laat hem mee rennen, weer afkappen en dan ben je binnendoor. Met dat soort dingen zijn we heel veel bezig geweest. Cristiano wilde altijd iets extra’s doen.”

Manager Sir Alex Ferguson staat volgens Meulensteen altijd open voor ideeën. „Hij heeft mij altijd gesteund in waar ik mee bezig was en mij ook laten doorgroeien in de club. Ook toen ik tegen de manager zei: luister, ook jouw spelers kunnen hier nog heel veel mee. Dat heb ik hem ook uitgelegd. Ik zei: ik voorzie dat de ruimtes steeds kleiner worden, het voetbal steeds sneller wordt en ploegen tactisch steeds beter en moeilijker te doorbreken worden. Spelers zullen dus onvoorspelbaarder moeten worden in de individuele actie.”

Meulensteen noemt Ferguson „een ontzettend intelligente man” die over een „ongelooflijk brede kennis” beschikt. „Politiek, geschiedenis, muziek, films: alles. Hij heeft natuurlijk ontzettend veel gelezen door de jaren heen, heel veel biografieën. Dan praat je over figuren als Ghandi, Mandela of Stalin. Daar zitten natuurlijk heel veel aspecten van leiderschap in verweven. Ferguson is een heel goede psycholoog. Hij weet op het goede moment boodschappen naar het team over te brengen.” ”

Ferguson vierde vorig jaar zijn 25-jarige jubileum als coach van Manchester United. „Zijn opvolging is een van de grootste uitdagingen, voor hem en voor de club. Ik denk niet zozeer voor degene die op zijn stoel gaat zitten, meer voor hemzelf. Het is allemaal leuk en aardig als je 25 of straks 26, 27, 28 jaar in dienst bent geweest en al die jaren geweldige successen hebt geboekt. Dan zeg je niet ‘dank je de koekoek, zoek het maar uit’. De grootste uitdaging voor hem is te zorgen dat dit succes onder een andere manager doorgaat.”

Over zijn eigen ambities houdt René Meulensteen zich op de vlakte. Manchester bevalt „uitstekend”. „Het gaat in zo’n hoog tempo: presteren, herstellen, trainen weer, voorbereiden, weer plannen en bam weer presteren. Je moet zorgen dat de spelers blijven zien dat jij fris bent. En dat ze dat terugzien in de trainingen, en terugzien in je oog voor detail. Je verwacht van de spelers elke keer een wereldprestatie, dan moeten ze dat in return ook van ons kunnen verwachten. Dat tekent Manchester United. De hele staf, allemaal top. Alles is af.”

Sinds Manchester United in 1993 de eerste landstitel sinds 1967 won, deed de club altijd mee om de prijzen. Meulensteen: „Dat tekent de kwaliteit van het management. Die laat de selectie doorgroeien. Zorgt er altijd voor dat het impulsen vanuit de eigen academy krijgt. De academy is onze hartslag. Die heeft Manchester City niet. Daar hebben ze een hartslag gekocht. Wij proberen altijd te zorgen dat jongens vanuit de eigen club de aorta zijn. Zo kan ik het niet beter omschrijven.”

    • Bart Hinke