Letterenfonds bezuinigt op bladen en werkbeurs

Het Nederlands Letterenfonds haalt vanaf 2013 eenvijfde af van de werkbeurzen voor schrijvers, met name de gevestigde auteurs worden gekort. Dat staat in het meerjarenplan dat het fonds deze maand heeft ingediend bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. Ook de literaire tijdschriften moeten het ontgelden. De bezuinigingen van het fonds zijn in lijn met de opdracht die staatssecretaris Zijlstra vorige zomer gaf.

Het totale budget voor werkbeurzen gaat volgend jaar met 20 procent omlaag naar 2,1 miljoen euro. De meest ingrijpende wijziging in de nieuwe, algemene werkbeurzenregeling betreft daarom ook de auteurs die al vijf keer of vaker een werkbeurs ontvingen. Voor een (vaak meerjarig) project kunnen zij voortaan maximaal 30.000 euro ontvangen. Dat is nu nog 50.000 euro.

Het budget voor de stimuleringsregeling voor debutanten, 80.000 euro, blijft intact. De regeling wordt wel geïntegreerd met de werkbeurzen, waardoor auteurs met slechts één literaire publicatie nu in principe ook een werkbeurs kunnen aanvragen. Het fonds wil binnen de financiële mogelijkheden die het nog heeft, voorrang geven aan het ontwikkelen van talent. Het totale budget van het Letterenfonds bedraagt 9,8 miljoen euro.

De staatssecretaris wilde het budget voor literaire tijdschriften in eerste instantie afschaffen, maar op aandringen van toenmalig Letterenfonds-directeur Pröpper blijft er nu 50.000 euro beschikbaar. Een van de taken die het fonds erbij heeft gekregen is het subsidiëren van literaire festivals. Hoeveel geld er de komende jaren beschikbaar zal zijn voor internationale promotieactiviteiten van het fonds is nog niet duidelijk.

Wel is al duidelijk dat het Letterenfonds flink gaat snijden in de eigen organisatie: 20 procent van de banen verdwijnt, waarschijnlijk allemaal via natuurlijk verloop en niet-verlengde contracten.

    • Ward Wijndelts