Het is de economie, sufferd

Vorige maand spaarde Standard & Poor’s Nederland nog, toen deze kredietbeoordelaar de AAA-status ontnam aan een fors aantal eurolanden, waaronder Frankrijk. Ons land ging wel op de lijst van mogelijke toekomstige afwaarderingen. Maar vooralsnog kon het zich blijven scharen onder de noordelijke eurolanden die, vrij van smetten op de eigen begrotingspolitiek, de zuidelijke landen de les lezen.

De onverwacht hevige economische krimp die in het vierde kwartaal blijkt te hebben plaatsgevonden, zet die positie nu op losse schroeven. De verwachte omslag in de economische groei viel in Duitsland, Finland en Oostenrijk erg mee, en in Frankrijk bleek de groei zelfs licht positief. De Nederlandse economie kromp daarentegen met 0,7 procent, en dat is evenveel als de Italiaanse. Ook het cijfer over het derde kwartaal werd naar beneden bijgesteld tot een krimp van 0,4 procent.

Deze recessie vergt vermoedelijk een nog veel grotere bezuinigingsoperatie dan de circulerende vijf miljard euro die nodig is om niet af te wijken van het pad naar begrotingssanering dat de Europese Commissie heeft opgelegd. Het kabinet-Rutte is zelf groot voorstander van strenge begrotingsdiscipline in de eurozone en houdt andere landen daar ook strikt aan. Het kan nu moeilijk anders.

De tegenvallende economie heeft de begrotingspolitiek dus nog moeilijker gemaakt. Dat maakt het de moeite waard om te kijken waarom Nederland zo afwijkt van de rest. Het zijn vooral de consumentenbestedingen die het verschil maken. Aangezien de werkgelegenheid behoorlijk op peil bleef, is het aannemelijk dat het hier een vertrouwenskwestie betreft. En die is terug te voeren op de grote onzekere factor in de Nederlandse economie: de gestagneerde woningmarkt.

Rabo-topman Bruggink stelde onlangs dat Nederlanders boven verwachting veel aflossen op hun hypotheken. Dat is, met de relatief grote hypotheekschuld die dit land kent, geen slechte ontwikkeling. Maar het verlagen van schulden zou op termijn ook moeten kunnen plaatsvinden met behulp van economische groei en gelijkblijvende woningprijzen, in plaats van een spiraal van economische krimp en dalende prijzen.

De onzekere woningmarkt zorgt voor oppotgedrag, voor uitgestelde consumptie, voor dubbele hypotheken en op termijn zelfs voor meer files als er niet verhuisd kan worden naar woonruimte in de buurt van het werk. Dat de bestedingen van huishoudens inzakken, is er voor een belangrijk deel op terug te voeren. Zo is de economie nu het slachtoffer van een gebrek aan politieke moed om het hypotheekregime aan te pakken en daarmee zekerheid te scheppen voor de toekomst. Tot die tijd is de noodzaak voor een flink deel van de extra bezuinigingen daarop terug te voeren. Standard & Poor’s kijkt met belangstelling mee.