Extra bezuinigingen? Het wordt nog veel erger

Er zijn cijfers die zo afwijken van de verwachting dat de neiging bestaat ze niet meteen letterlijk te nemen. Een week geleden kwam het ministerie van Financiën met zo’n opmerkelijk cijfer. Op de website van het departement is een nogal moeilijk vindbare pagina aan te treffen, waarop het verloop van het begrotingstekort per maand wordt bijgehouden.

Dat is een verplichting van elk euroland, waar Den Haag keurig aan voldoet – maar die het niet aan de grote klok hangt. Daar is een goede reden voor. Begrotingscijfers op maandbasis zijn veredelde schattingen en bijstellingen achteraf zijn dan ook niet ongewoon. Forse bijstellingen, soms.

Toch werd hier met gepast ongeduld gewacht op het cijfer over december. De maandcijfers geven een voortschrijdend jaargemiddelde weer. December zou het hele jaar 2011 vol maken, en was dus extra interessant. Het was dan ook onthutsend toen het cijfer, het begrotingstekort als percentage van het bruto binnenlands product volgens de EMU-definitie, daadwerkelijk binnenkwam: 4,9 procent over 2011.

Dat is veel meer dan te verwachten viel. Het Centraal Planbureau ging in de jongste raming van december nog uit van 4,6 procent over het afgelopen jaar. Het verschil, 0,3 procentpunt, komt neer op 2 miljard euro. Nu komt het, zoals gezegd, vaker voor dat dit soort extremen achteraf weer verdwijnt. Dat kan nog steeds. Maar net zo goed kan de rapportage van Financiën een vroege indicator zijn geweest van een vierde kwartaal waarin het plotseling bar slecht blijkt te zijn gegaan.

Vanmorgen rapporteerde het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) dat de economie in het vierde kwartaal 0,7 procent kromp, zowel ten opzichte van een jaar eerder als ten opzichte van het derde kwartaal. Dat geeft twee kwartalen krimp achter elkaar, en dus een recessie.

De gevolgen voor de begroting zijn immens. Het CPB voorzag voor heel 2011 een gemiddelde economische groei van 1,5 procent, maar dat is nu daadwerkelijk 1,1 procent geworden. Ernstiger is het overloopeffect van 2011 op 2012. Aangezien de economie met een enorm vaartverlies het nieuwe jaar in gaat (een krimp van 0,4 procent in het derde kwartaal en een krimp van 0,7 procent in het vierde kwartaal), reageert de algebra daar hevig op. Het CPB voorzag een krimp van 0,5 procent voor geheel 2012. Maar zelfs als dezelfde groeidynamiek wordt gehandhaafd, dan zorgen de slechte cijfers uit het eind van 2011 er nu voor dat de krimp in heel 2012 oploopt tot rond de 1 procent en waarschijnlijk nog iets meer.

Het enige dat nog verschil kan maken is een goed eerste kwartaal van 2012, waar gunstige voortkenen van zijn. Maar andermaal dicteert de algebra dat dit herstel wel heel spectaculair moet worden, wil de oorspronkelijke CPB-raming van 0,5 procent krimp überhaupt nog gehaald worden.

Aangezien het kabinet-Rutte het zich in Brussel niet wil permitteren om af te wijken van de harde lijn die het met de begrotingspolitiek voorstaat, resteert de volgende, ruwe optelsom: een bezuinigingsplan van 5 miljard dat al circuleerde, aangevuld met nog eens 2 miljard achterstand op het traject dat door de Europese Commissie is opgelegd. En een vermoedelijk tegenvallende uitkomst van de groei in 2012 – ook al breekt de economische lente al door – die de cijfers nog eens extra drukt.

Wijsheid zou zijn om de opbloeiende economische krokusjes niet te vertrappen. Reken daar niet op. Rutte heeft de vloer geschilderd en zit nu met zijn kwast in de laatst overgebleven hoek.

Maarten Schinkel

    • Maarten Schinkel