Waarom mannen zwijgen als vrouwen tetteren

Tien minuten per dag. Langer kaneen man het gezeur van een vrouw niet verdragen. Lisette Thooft weet hoe vrouwende heks in zichzelf kunnen bedwingen.

Nederlandse mannen zijn de leukste van de hele wereld, omdat ze zo gefeminiseerd zijn: zorgzaam, vriendelijk, niet bang voor luiers of boodschappenkarretjes, en zelfs bereid om over gevoelens te praten. Daar heb je tenminste iets aan in een relatie. Nederlandse vrouwen zijn trouwens ook de leukste van de hele wereld, omdat ze zo mannelijk zijn: stoer, sportief, zelfstandig.

Relaties tussen zachte supermannen en harde supervrouwen zouden dus fantastisch moeten zijn. Maar dat zijn ze niet, want de evolutie van de mensheid is nog niet zover gevorderd dat vrouwen zich ook sportief gedragen in hun liefdesrelaties.

Al meer dan een halve eeuw is er niemand meer die tegen meisjes zegt: hou een beetje rekening met je man, trap hem niet op zijn ziel. Dus delven mannen dikwijls het onderspit, thuis. Ze houden zich gedeisd, trekken zich terug, worden steeds stiller en vervagen op den duur helemaal. Ze zijn gewoon niet opgewassen tegen het verbale getetter van hun geëmancipeerde vrouw.

Vrouwen krijgen van lange gesprekken over emotionele onderwerpen een toename van het knuffelhormoon oxytocine in hun bloed, hetzelfde hormoon dat helpt een orgasme te krijgen. Hoe langer het gesprek, hoe beter: ze genieten intens. Mannen niet; die ervaren zo’n gesprek al gauw als gezeur en krijgen dan een fight, flight or freeze-reactie. Vechten mag een man natuurlijk niet met zijn eigen vrouw, als hij goed is opgevoed. Vluchten mag ook niet, van háár – bij vluchtneigingen haalt ze hem terug als een kat die met een muis speelt. Dus bevriest hij. Hij krijgt een verre blik in de ogen, mompelt ‘Je hebt gelijk’, of ‘Sorry’. En hij verschrompelt een beetje.

Dat is al zo onder normale, vredige omstandigheden. Bij ruzie wordt het machtsverschil dramatisch. Als een vrouw verandert in een draak – wat ze natuurlijk pas doet als de buit binnen is, de man stevig gehecht aan haar en/of aan hun eventuele kinderen – spuwt ze vuur en stopt ze niet voordat haar tegenstander symbolisch veranderd is in een hoopje rokende as.

Wat te doen?

Iemand zou die sterke masculiene vrouwen van tegenwoordig moeten uitleggen hoe gevoelig mannen zijn op het emotionele terrein, van nature. In kringen van new age is dat reeds bekend. „Mannen zijn yin in het borstgebied, vrouwen yang”, hoorde ik laatst van eenqigong lerares. „Vrouwen hebben hun borsten als pantser, die steken lekker naar buiten en daarom kunnen ze zo tekeergaan, emotioneel. Mannen hebben geen verweer in hun hartstreek: alles gaat recht naar binnen.”

John Gray, de auteur van het beroemde boek Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus, schreef ook het boek Mars is hot, Venus is cool. Daarin legt hij alles uit in termen van hormonen. Mannen hebben veel testosteron nodig om het mannenleven aan te kunnen, stelt hij, en lange emotionele gesprekken tasten hun testosteronniveau aan.

Het radicale advies van Gray luidt als volgt. In een goed huwelijk heeft een vrouw recht op drie emotionele gesprekken van tien minuten – per week. Met als bijkomende voorwaarde: in die tien minuten mag zij niet over de relatie met haar man klagen, wel over bijvoorbeeld de kinderen, haar werk, of problemen in haar sociale leven. Haar man moet dan lief luisteren, aanmoedigend brommen en vaag zijn steun betuigen. Dat kan hij net aan. Na tien minuten moet zij ophouden. De rest van haar emotionele behoeften vervult de vrouw maar bij haar vriendinnen.

Het lijkt mij dat je als vrouw over bovenaardse zelfbeheersing moet beschikken om dat klaar te spelen, maar ik zie absoluut Gray’s punt. Mijn man kijkt tegenwoordig ook op zijn horloge als zo’n gesprek hem te lang duurt. ‘Eh, er zijn twintig minuten om…’ Ik ben dan meestal net op stoom, maar het is niet anders: hij zit vol, en het heeft geen enkele zin verder te gaan.

Ook voor het boek De kracht van echte mannen van de Amerikaanse coach David Deida moet je behoorlijk new age proof zijn. Maar interessant is het wel. Volgens hem moet een man de emotionele tirades van zijn vrouw gewoon niet al te serieus nemen. En zeker niet letterlijk geloven. Ze test je alleen maar uit, zegt Deida, om te zien of je ertegen kunt. Omgaan met vrouwelijke emoties vergelijkt Deida met het temmen van een stier, of surfen op de oceaan: reageer met je lichaam. Je gaat niet in discussie, maar je vlucht ook niet. Je glimlacht een beetje en je zet de tegenaanval in, lichtvoetig, lichamelijk en met je humor. Dat wil zeggen: knuffelen, stoeien, haar optillen en in het rond zwieren. Haar nek kussen. Intussen vleiende opmerkingen maken en een beetje plagen. Haar geruststellen, want dat is wat ze wil. En grapjes maken, veel grapjes. ‘Open haar hart met je humor.’ Probeer vooral niet haar gevoelens te analyseren, of haar problemen op te lossen. Help haar liever zich te ontspannen.

Dit alles kan een man alleen, volgens Deida, als hij voor z’n levensgeluk niet afhankelijk is van z’n vrouw. Hij moet ook zonder haar kunnen, net zoals hij bij tijd en wijle ook zonder oppervlakkig amusement moet kunnen, zoals tv, drank of porno. Anders is hij geen echte man. Een beetje de poor lonesome cowboy far away from home dus. Maar er zit iets in, denk ik. Want vrouwen kijken graag op tegen hun man, hoe geëmancipeerd ze ook zijn. En een man die z’n primaire lusten in de hand kan houden, en dan nog in een goed humeur blijft – ja, dat is wel een knappe kerel.

Vrouwen raadt Deida aan zich dagelijks minstens een uur lang lichtzinnig te ontspannen. Liefst met andere vrouwen. Niet roddelen of klagen, niet netwerken, geen nuttige dingen doen – gewoon pret maken. Meestal vinden vrouwen het erg moeilijk zich te ontspannen. Maar alleen door ontspanning smelt de innerlijke heks.

Als het dán nog niet lukt, tja, dan pas je misschien gewoon niet bij elkaar.

Lisette Thooft, journalist en publicist, is auteur van het boek De onverzadigbare vrouw (en de afwezige man)

    • Lisette Thooft