Trinidad & Tobago. Land van steelbands en calypso

Dat ligt toch bij Afrika? Nou nee, het zijn twee Caraïbische eilanden, vlak voor de kust van Venezuela. Als Nederlanders Trinidad & Tobago (T&T) al kennen, is het meestal van het voetbal. Coach Leo Beenhakker loodste in 2006 het nationale team naar het wereldkampioenschap. Maar als vakantiebestemming is het land van de steelpan en calypso onbekend.

Door de aanwezigheid van olie op Trinidad, het grootste eiland van het duostaatje, heeft T&T toeristen minder hard nodig dan andere Caraïbische eilanden. Dat maakt de sfeer meer ontspannen en het reizen avontuurlijker. Tobago is iets toeristischer, maar ook daar kost het weinig moeite om een uitgestorven palmenstrand te vinden waar het regenwoud direct uit de belachelijk blauwe zee opklimt.

Natuurliefhebbers, met name vogelfanaten, kunnen hun lol op met de jungle in het binnenland, de mangroves aan de kust, en het prachtige koraal in zee. Maar rond deze tijd van het jaar ga je erheen voor de muziek. Voor het carnaval dat de komende dagen gevierd wordt. Vergeet Rio, in Port of Spain moet je zijn, de hoofdstad van T&T. Twee maanden lang draait alles voor de Trinbagonians om de voorbereiding op de parade.

De muziek van T&T is zo divers omdat het land cultureel gezien een onontwarbare mengelmoes is. De koloniale overheersers waren Spanjaarden, Fransen, Nederlanders (jawel, op Tobago) en als laatste Engelsen, zij brachten Afrikanen en Indiërs naar het land, die mengden met de Europeanen en lokale indianen. Uit die mix ontstond een nieuwe cultuur die met name rond carnaval gevierd wordt.

Begin januari stromen overal in Port of Spain de zogenaamde panyards vol. Dit zijn een soort openlucht buurthuizen met een barretje en een paar stoeltjes. Avond aan avond oefenen daar de lokale steelbands hun liedjes van dit jaar op de blikken instrumenten. De muziekstroming ontstond toen men in de jaren dertig in de armste wijken op olievaten ging drummen. Tijdens de carnavalsparade wordt elk jaar de winnaar van de steelpancompetitie gekozen, een bloedserieuze wedstrijd met tientallen bands die kunnen uitgroeien tot ver boven de honderd muzikanten.

Minstens zo belangrijk is de calypsocompetitie. Ook de calypsomuzikanten schrijven hun nummers speciaal voor dit carnaval. Dat gaat er een stuk swingender aan toe dan je misschien denkt bij de term ‘calypso’. Door commerciële vertolkingen heeft de muziekstijl in het Westen een beetje een knullig imago gekregen. Maar in T&T hoor je het echte werk. Calypsonians schrijven voor carnaval meestal twee liedjes: één met bijtende politieke teksten en lokale grappen en één puur voor het feest. Door deze traditie ontstaat elk jaar een hele batterij nieuwe liedjes in T&T, en dan hebben we de soca, rapso, gospellypso en parang nog onbesproken gelaten.