Net als in het echte Nairobi hebben meisjes in tv-serie hiv-gevaarlijke seks

Shuga: Love Sex Money gaat vandaag in premiere op de Keniase tv. De soap wil in zes delen verkrachting, homoseksualiteit en hiv bespreekbaar maken.

Angelo friemelt aan de rok van zijn vriendin Kipepeo, die niet direct op zijn avances ingaat. Door geilheid gedreven duikt hij er direct onder.

Dergelijke scenes uit de soap Shuga: Love Sex Money die vandaag op de Keniase tv begint, zijn controversieel in het conservatieve Kenia.

„Er vindt een revolutie plaats”, jubelt de jonge Keniase actrice en zangeres Avril, die in Shuga Miss B’Have speelt. „En de beste middelen om veranderingen te stimuleren, zijn soap en muziek.”

Shuga houdt Nairobi een spiegel voor, zeggen Avril en Nick Ndeda. Hij speelt Angelo in de soap Shuga, wat in slang „lekker stuk” betekent. De zesdelige serie zoomt in op het leven, de liefde en de gecompliceerde seks van jonge Kenianen. Op de universiteit, in getto’s en in het wellustige nachtleven strijden de personages om hun dromen te verwezenlijken. Ze doen dat in een snel veranderende wereld waarin ouders niet meer het laatste woord hebben, aids en homo’s de oude tradities ondermijnen en internet een vluchtstrook biedt.

Dertig jaar geleden wekten in bikini geklede dansende dames in de Amerikaanse zwarte muziekshow Solid Gold zodanige koortsgloed op dat het parlement erover debatteerde en de toenmalige president Moi de show verbood. Moi, een Afrikaanse leider van de oude stempel, was wars van populaire muziek en moderne kunst, zijn voorkeur ging uit naar traditionele dansers en sloom swingende kerkkoren. „Mensen die Kenia van vóór 1990 kennen, zullen het land nu niet meer herkennen”, vertelt Nick.

Traditioneel, puriteins, conservatief, deze woorden vallen al snel in opinies van liberale westerlingen over Afrika’s zeden en gewoontes. Dat beeld raakt in de hoofdstad Nairobi steeds meer achterhaald. Een groeiende middenklasse bezoekt opkomende theaters, galerieën, concerten en kunstzinnige manifestaties en jongeren luisteren naar de laatste muziek op radiostations.

Nadat Angelo een nummertje had gemaakt met Kipepeo, raakt hij tot zijn verbijstering verliefd op haar. Maar vrouwen zijn onderdanig in de soap en beschikbaar voor iedereen die zich dat kan permitteren. Angelo moet toezien hoe Kipepeo hiv-gevaarlijke vluggertjes heeft met rijke mannen die haar een baantje bieden. „Net zoals dit wijdve rspreid voorkomt in onze echte wereld”, zegt Nick.

Verkrachting in de familie is een ander groot taboe. In Shuga verkracht een stiefvader zijn dochter. Nick: „Gisteren nog hoorde ik van een meisje dat regelmatig wordt misbruikt door haar vader, terwijl haar zussen buiten de wacht moeten houden. Ze durft het aan niemand te vertellen, en ze gaat het zeker niet bij de politie melden.”

Die relatie tussen de geslachten verandert rap. „Wij vrouwen zijn zo geëmancipeerd geraakt dat we niet meer afwachten tot we worden versierd, we nemen zelf het initiatief een man te schaken”, lacht Avril met haar stevig opgemaakte lippen. Ze haalt haar vingers door haar geblondeerde ontkrulde haar en zucht: „Twintig jaar geleden haalden paartjes het niet in hun hoofd op straat hand in hand te lopen. Nu durven sommigen zelfs op straat te zoenen. Is dat geen vooruitgang?!”

Misschien wel het heetste hangijzer betreft homoseksualiteit. Homo is een scheldwoord en homoseks is strafbaar volgens de wet. President Kibaki houdt er een relatief mild standpunt op na als hij over homo’s zegt: „Ieder dorp heeft zijn dorpsgek.” Waarmee hij wil zeggen: negeer ze.

Maar Nick zegt juist: „Negeer hom o’s niet, er leven er veel meer in Nairobi dan we willen geloven. Ook zij hebben recht op ontwikkeling en hun vrijheid.”

In Shuga onthult een student achteloos zijn seksuele geaardheid als hij vertelt te zoeken naar een zielsvriend. Het past bij het doel van Shuga. Volgens Nick is dat „om een discussie op gang te brengen, om licht te werpen op wat zich nu nog in de duisternis afspeelt”.

De grote verandering zette in de jaren negentig in, toen Nick en Avril naar de basisschool gingen. Een beweging voor meer pluriformiteit in de politiek ging gepaard met een groeiende behoefte aan culturele vrijheid. Eerst internationale tv en later internet maakten in hun jeugd een andere levenswijze dan hun ouders mogelijk.

Geven de jongeren zich niet kritiekloos over aan decadente westerse invloeden, zoals de oudere generatie al snel roept? „We zitten vast in het midden”, zo drukt Avril het uit. „Ja, we streven het Westen na, maar we willen ook Afrikaan blijven.”

Ze wil, zoals de traditie voorschrijft, met respect naar de ouderen luisteren, maar laat zich niet meer de les lezen. „Het recht op een individuele keuze, daar trek ik de grens”, zegt ze kordaat.

Daar raakt ze vermoedelijk het kernpunt van de enorme culturele veranderingen op het continent. Want in Afrika heeft altijd bovenal het gemeenschappelijke belang gegolden.

Is de culturele revolutie die Shuga belichaamt niet louter voor rijkeluiskinderen? „De nieuwe energie, de nieuwe ideeën, ze bereiken alle groepen, van sloppenwijk tot luxe villa. De verandering is onontkoombaar”, vindt Nick. Waaraan Avril toevoegt: „Ja, in de landelijke gebieden, waar vrouwen niet in minirokken maar met sprokkelhout op het hoofd lopen, zal Shuga nog tot veel onrust leiden.”

    • Koert Lindijer