Israël beticht Iran van aanslagen

De Israëlische premier Benjamin Netanyahu heeft gisteren Iran en Hezbollah de schuld gegeven van een bomaanslag gericht tegen Israëlische diplomaten in India, waarbij vier mensen werden gewond, en een poging daartoe in Georgië. Iran ontkent elke betrokkenheid.

In de Indiase hoofdstad New Delhi werd gisteren de echtgenote van een Israëlische diplomaat ernstig gewond toen een bom ontplofte die door een motorrijder aan een auto van de ambassade was bevestigd. Ook de Indiase chauffeur en twee passanten liepen verwondingen op. Een granaat onder een ambassadevoertuig in Georgië werd tijdig ontdekt en ontmanteld.

India weigerde vooralsnog een aanwijzing te geven in welke hoek het de daders zoekt. Maar premier Netanyahu stelde Iran en Hezbollah verantwoordelijk en voegde daaraan toe dat „Iran de grootste terreurexporteur in de wereld is”. Hij zei dat eerder al in diverse landen, waaronder Azerbajdzjan en Thailand, aanslagen op Israëliërs en joden waren verijdeld. Hij gaf geen bewijzen van betrokkenheid van Iran of zijn Libanese bondgenoot Hezbollah.

Tussen Israël en Iran is de spanning hoog. Israëlische leiders zinspelen regelmatig op een aanval op Iraanse nucleaire faciliteiten om Teheran te verhinderen een atoombom te ontwikkelen. Teheran beschuldigt Jeruzalem ervan achter de moordaanslagen te zitten die de afgelopen paar jaar in totaal vijf Iraanse nucleaire wetenschappers het leven hebben gekost. Israëlische functionarissen spreken dat niet met zoveel woorden tegen. Teheran ontkent overigens een kernbom te ontwikkelen. (AP, Reuters)