Ik was met een vrouw

„Twee lange relaties heb ik gehad. De eerste, vanaf mijn 17de, duurde zes jaar. Toen ontmoette ik als vervangend dienstplichtige op Binnenlandse Zaken een ander meisje, een stagiaire, op wie ik enorm verliefd werd. Daar was niks aan te houden. We hadden allebei een relatie die hierdoor op de klippen liep. In 1987 zijn we getrouwd.

„Na zeven jaar liep ons huwelijk stuk. Ze was verliefd geworden op een ander. Op een of andere manier voel je dat aan. Het was heftig toen ik haar met dat gevoel confronteerde, je komt in een verhaal waar je nooit in had willen komen.

„De breuk was ingrijpend. Vrouw weg, huis weg, twee kleine kinderen weg. Voor je gevoel heb je helemaal niks meer. Je baan is de enige constante factor, verder verandert alles. Gelukkig hadden we een goede bezoekregeling; mijn dochters kwamen elk weekend naar mij.

„Het was goed dat ik op mezelf werd teruggeworpen. Ik heb nooit alleen gewoond; vanuit het ouderlijk huis ben ik gaan samenwonen.

„In beide relaties ben ik heel gelukkig geweest, maar dat je alles samen doet, maakt je afhankelijk. Als je er alleen voor staat, word je sterker. Zo’n scheiding is een behoorlijk trauma, maar je leert er veel van.”

Ik ben met een man

„Via een chatbox voor mannen kwam ik in contact met mijn echt-genoot. Ik heb altijd biseksuele gevoelens gehad, maar dit was even schrikken. Verliefd op een man, voor het eerst.

„Hij wilde een vaste relatie, ik hield het af. Maar in gesprek met mezelf, na een goede, lange wandeling op De Horsten – mooi landgoed, trouwens – heb ik de knop omgezet. Ik ben er vol voor gegaan. Inmiddels zijn we zestien jaar samen. Vijf jaar geleden zijn we getrouwd.

„Ik zag er wel tegenop het te vertellen, vooral aan mijn ouders. Maar iedereen bleek zonder voorbehoud positief. Mijn dochters, toen 3 en 5 jaar, hoefde ik niks uit te leggen. Ze zijn met Paul opgegroeid. Alleen op het werk snapten sommigen het niet. Die vonden het lastig om mee om te gaan – dat je wisselt, niet dat je homo bent. Er is veel gekletst, maar ik zit er niet mee. Het zegt meer over hen dan over mij. Ik voel me niet bedreigd.

„Qua seksualiteit ben ik altijd aan mijn trekken gekomen. Maar een relatie heeft ook psychische en praktische kanten. De symbiose met vrouwen beknelde me. Ik pas toch het beste bij een man. Mijn leven is evenwichtiger. Ik ben gelukkiger.”