Kabinet: einde status ambtenaar

Het kabinet wil ambtenaren bij reorganisaties op een vergelijkbare manier ontslaan als werknemers in de private sector. Daarvoor moet het last in, first out principe bij ontslag worden geschrapt. Ambtenaren die het langst bij de overheid werken, behouden bij reorganisaties hun baan. Degenen die er korter werken, vertrekken het eerst.

Bedrijven hanteren vaak dezelfde regel, maar binnen leeftijdscategorie√ęn. Binnen, bijvoorbeeld, de groep 45- tot 55-jarigen worden dan degenen ontslagen die het laatst een baan kregen. Dit voorkomt dat vooral jonge mensen worden ontslagen. Ook wil het kabinet af van de regel dat een rijksambtenaar bij ontslag een andere baan aangeboden moet krijgen, en vervolgens jarenlang een aanvulling op zijn loon krijgt als die baan minder verdient.

Het kabinet schreef al in het regeerakkoord uit 2010 dat het ambtenarenrecht gelijk getrokken moet worden met het arbeidsrecht. Die wens is echter moeilijk te vervullen nu de onderhandelingen over een nieuwe cao voor rijksambtenaren al sinds april 2011 stil liggen en de cao per januari is verlopen. Voor ambtenaren die de komende jaren hun baan verliezen vanwege de bezuinigingen op de rijksoverheid geldt nu het Algemeen Rijksambtenarenrecht. Ook daarin staan procedures voor ontslag.

Het kabinet wil een nullijn voor ambtenaren: hun salarissen mogen deze kabinetsperiode niet stijgen.

Het kabinet wil ook af van de speciale ambtenarenstatus, bijvoorbeeld bij ontslag. Die maakt het niet per se moeilijker om een ambtenaar te ontslaan, maar de procedure is wel heel anders dan in het bedrijfsleven. Tweede Kamerleden Fatma Koser Kaya (D66) en Eddy van Hijum (CDA) maakten daartoe al een wetsvoorstel, dat nog wacht op behandeling in het parlement.

Uit onderzoek van deze krant in januari bleek dat de ministeries deze kabinetsperiode minstens 25.527 arbeidsplaatsen willen schrappen. Dat is 9 procent van het totaal aantal arbeidsplaatsen nu. Die reorganisatie moet 2,6 miljard euro opleveren.