Druk Oost-Europa over PVV-meldpunt dilemma voor Rutte

Nederland kan bondgenoten verliezen onder nieuwe EU-lidstaten door het PVV-‘meldpunt’ voor klachten over Polen. Het CDA wil dat Rutte afstand neemt van de gedoogpartner.

Door de ophef over het meldpunt van de PVV tegen Midden-en Oost-Europeanen staat premier Mark Rutte (VVD) onder toenemende druk: als hij scherper afstand neemt van de PVV-website koerst hij af op een botsing met de gedoogpartner. Maar als hij zich op de vlakte houdt, riskeert hij machtsverlies in de Europese Unie.

Coalitiepartij CDA vindt dat de premier „te procedureel” op de zaak reageert. Rutte zei vanochtend via de Rijksvoorlichtingsdienst: „Dit is duidelijk niet afkomstig van de Nederlandse regering.”

Hoewel hij meer afstand neemt van de PVV dan vorige week, is de reactie voor het CDA onvoldoende, zei Tweede Kamerlid Eddy van Hijum vanmorgen. Rutte moet volgens Van Hijum „publiekelijk” wijzen op de bijdrage van Oost-Europese arbeidsmigranten aan de Nederlandse economie.

Vandaag sturen de ambassadeurs van tien Midden- en Oost-Europese EU-landen een brief naar de fractievoorzitters van partijen in de Tweede Kamer, waarin ze oproepen zich te „distantiëren” van het meldpunt, waar mensen „overlast, vervuiling en verdringing op de arbeidsmarkt” door „Midden- en Oost-Europeanen” kunnen melden. De brief is opgesteld op initiatief van de Poolse ambassadeur in Nederland, Janusz Stanczyk.

Nederland dreigt Polen, een land met een snel groeiende economie dat steeds meer invloed verwerft binnen de Europese Unie, door de actie van de PVV van zich te vervreemden. In Warschau zei de Poolse premier Donald Tusk vrijdag dat zijn regering zich beraadt op „mogelijke stappen”. De mogelijkheden daartoe zijn „een beetje beperkt”, zei Tusk, omdat het een initiatief van een partij betreft, en niet van de Nederlandse regering.

Premier Rutte heeft – mede onder druk van de PVV – een ambitieuze agenda in Brussel. Hij wil de Europese Commissie en de EU-lidstaten ertoe bewegen de Europese migratieregels aan te passen, zodat Nederland strenger kan optreden tegen gezinshereniging.

Ook wil Nederland minder financieel gaan bijdragen aan de EU; Nederlandse ministers proberen nu bij bezoeken aan EU-hoofdsteden steun te vinden voor dit standpunt, in de aanloop naar de onderhandelingen over de meerjarenbegroting. Maar door de conflicten met Midden- en Oost-Europese landen, die samen een aanzienlijk stemgewicht hebben in de EU, dreigt Rutte macht te verliezen.

Minister Gerd Leers (Immigratie) botste eerder al hard met Bulgarije en Roemenië over de toelating van beide landen tot de ‘Schengen’-zone, eveneens onder druk van de PVV. De Nederlandse ambassadeur in Sofia kreeg vrijdag een telefoontje van de Bulgaarse staatssecretaris van Buitenlandse Zaken met het verzoek om tekst en uitleg over de PVV-site. De nieuwe Roemeense minister van Buitenlandse Zaken Cristian Diaconescu uitte dit weekeinde zijn ergernis over het Nederlandse ‘Schengen’-veto.

Een woordvoerder van de Estse premier Andrus Ansip ontkende vanochtend een bericht in De Telegraaf dat Ansip Rutte vanavond zou aanspreken over de PVV-site, tijdens een diner met bondskanselier Angela Merkel in Berlijn.

In Brussel veroordeelde Eurocommissaris Viviane Reding (Justitie) de PVV-website dit weekeinde als een „open oproep tot intolerantie”. De Poolse minister van Buitenlandse Zaken Radek Sikorski twitterde over haar uitspraak.

Maar ook Ruttes eigen partij toont zich bezorgd. VVD-Kamerlid Cora van Nieuwenhuizen noemt het meldpunt „polariserend en stigmatiserend”. Ze wil zich echter niet uitlaten over de reactie van de premier. „Die moet doen wat hij denkt dat het beste is.”

Op de website propolen.nl, één van de vele initiatieven tegen het PVV-meldpunt, noemt werkgeversvoorman Bernard Wientjes van VNO-NCW de PVV-site „onverantwoord”. „De PVV doet ten onrechte alsof de komst van Oost-Europeanen slecht is voor Nederland. Het Nederlandse bedrijfsleven heeft deze werkkrachten nodig. We danken ook een deel van onze welvaart aan deze mensen die hier komen werken.”