Chocolade en lingerie zijn nu een overbodige luxe

Cijfers over de wereldeconomie zijn er dagelijks. Het verhaal daar achter vertellen onze correspondenten, elke maandag vanuit een ander land.

Lege winkels, rolluiken die permanent dicht blijven, te koop-borden, of posters met ‘opheffingsuitverkoop’.

Wie wil weten hoe het met de Britse economie is, hoeft niet verder te kijken dan de gemiddelde winkelstraat.

Ruim 14 procent van alle winkelruimte in het Verenigd Koninkrijk (VK) staat leeg, meldde het British Retailers Consortium vorige week, ten opzichte van 3 procent in 2008. Of anders gezegd: 48.000 winkels in het VK zijn weg. Voor een stad als Margate, aan de kust van Kent, betekent het dat een op de drie winkels is gesloten. In de rijkere delen van Londen is het beeld iets gunstiger, daar gaat het om een op de tien winkels.

Als consument begin je het te merken: in die charmante winkelpassage in Reading bijvoorbeeld, waar je nog alleen tatoeages kunt laten zetten, een stripboek kunt kopen of een hoed. Of je tot de makelaar kunt wenden om een van de overige ruimten te huren die er verlaten bij liggen.

Maar het zijn niet alleen de onafhankelijke winkeliers die het moeilijk hebben, ook ketens worstelen. De verkoopcijfers over januari waren de op een na slechtste sinds 1995.

Dat is te zien. Vorig jaar ging bijvoorbeeld de slijterij Oddbins failliet, en die was met 278 herkenbare winkels overal in het VK te vinden. Woonwinkel Habitat heeft nog slechts drie winkels open. Babywinkel Mothercare, tapijtenzaak Carpetright, chocolaterie Thorntons en elektronicawinkel Dixons sluiten de komende tijd de helft van hun winkels, net als witgoedzaak Argos, een van de grootste Britse ketens. Lingeriezaak La Senza, schoenenwinkel Barratts en zwerfsportketen Blacks zoeken wanhopig naar een nieuwe eigenaar om faillissement te voorkomen. En wenskaartenwinkel Clinton Cards en kledingketen French Connection hebben winstwaarschuwingen uitgegeven.

Wat ze gemeen hebben, is dat ze allemaal iets verkopen dat je niet echt nodig hebt. Chocolaatjes en lingerie zijn een overbodige luxe in een land waar het netto inkomen voor een gemiddeld huishouden met 7,2 procent is gedaald tot 160 pond per week. De aankoop van een nieuwe televisie of nieuw tapijt stel je uit als de inflatie 4,2 procent is, je salaris met slechts 1,9 procent is gestegen en je weet dat er nieuwe bezuinigingsmaatregelen aankomen.

Bezorgd zei de directeur van het British Retailer Consortium, Stephen Robertson: „Nu 2012 op weg is, is het duidelijk dat men zich niet zekerder voelt over de toekomst. In december zette men die zorgen even opzij, en gaf men geld uit – vooral doordat er koopjes waren. Nu slaat de ongerustheid over banen, lonen en uitgaven weer toe en staat iedereen weer met beide benen op de grond.”

Het laat zien, hoe zwak de Britse economie is. Met een nog altijd stijgende werkloosheid – de hoogste in 17 jaar –, een loonontwikkeling die achterblijft bij de inflatie, en een inflatie die het dubbele is van de doelstelling van 2 procent, is het consumentenvertrouwen laag. En zonder dat de bevolking weer gaat uitgeven, kan het VK in zijn tweede recessie belanden. Vorige maand werd bekend dat de economie het laatste kwartaal van 2011 met 0,2 procent was gekrompen.

Het is een van de redenen dat de Bank of England eind vorige week opnieuw besloot de geldpers aan te zetten en staatsobligaties op te kopen. Nog eens 50 miljard pond (59,5 miljard euro) wordt zo de economie ingepompt, bovenop de al eerder geïnvesteerde 275 miljard pond. De golf nieuw gecreëerd geld moet er voor zorgen dat banken gemakkelijker geld lenen aan het midden- en kleinbedrijf en aan particulieren.

    • Titia Ketelaar