Referentiekader

Als het om lekker sturen gaat, was de Ford Focus altijd een rolmodel. Hoe is dat met de nieuwe?

De nieuwe Ford Focus en verkoopadviseur Dick Visser van Ford-dealer Sven Tervoort in Naarden. Lars van den Brink

Hij is alweer vier jaar met pensioen, maar binnen de Ford Motor Company wordt de naam van Richard Parry-Jones nog altijd met een zeker respect uitgesproken. Parry-Jones – bijnaam: de rijdynamiekgoeroe – heeft er immers voor gezorgd dat moderne Fords zo aangenaam sturen. Hij maakte daarbij gebruik van een nogal onorthodoxe methode; waar verreweg de meeste fabrikanten nieuwe auto’s vooral testen op zo hoog mogelijke snelheden, vond Jones nou juist dat je veel meer leert van zo langzaam mogelijk rijden. „In een vijftigmetertest met veel bochten en een zo laag mogelijke snelheid leer je meer over gedragingen van een auto dan gedurende vele kilometers vol gas op een testbaan”, doceerde Jones de ingenieurs van zijn ontwerpteam.

Zijn aanpak bleef niet zonder resultaat. In het begin van de jaren negentig gaf Parry-Jones een nadrukkelijk visitekaartje af met de eerste Mondeo en de echte doorbraak kwam in 1998 toen de Ford Focus het levenslicht zag. Die maakte meteen aanspraak op de titel ‘best rijdende auto in zijn klasse’ en stootte daarmee als referentiekader de Volkswagen Golf min of meer van de troon. Ook op andere terreinen deelt Ford inmiddels meer dan speldenprikken uit aan marktleider Volkswagen. Zo ziet Ford op dit moment kans om motoren te leveren die een (zuinig) A-label hebben en desondanks indrukwekkende vermogens afleveren.

Neem nou de auto op deze pagina. Die heeft een 1,6 liter motor van maar liefst 182 pk. Wat dat betreft kijk ik met belangstelling uit naar de maand maart, als er een Focus op de markt komt met een één liter, driecilinder turbomotor, die 100 pk sterk is en door zijn opvallend lage CO2-uitstoot een fiscale bijtelling van slechts 14 procent zal krijgen. Dat is nog geen enkele concurrent in de zwaar bevochten middenklasse gelukt met een benzinemotor. Voor geïnteresseerde leaserijders is het overigens wel zaak om die auto vóór 1 juli van dit jaar op kenteken te hebben, want na die datum gaan er strengere CO2-regels gelden in ons land.

Zakelijke automobilisten zullen ook gecharmeerd zijn van de door mij gereden 1.6-versie. Hij mag dan in het fiscaal gunstige 20 procentstarief vallen, hij spurt in nauwelijks acht seconden naar 100 km/uur en de topsnelheid van 224 km/uur is abnormaal hoog voor een min of meer gewone hatchback.

Minder vlezig

Zoals gememoreerd stuurt de Focus erg fijn, maar het is geen vooruitgang dat de stuurbekrachtiging voortaan elektrisch is in plaats van hydraulisch. De besturing is er minder vlezig door geworden, het gevoel is een beetje zoek. Je verwacht dat de nieuwe Focus nóg beter stuurt dan het vorige model, maar dat is niet het geval. Het is weliswaar nog steeds bovengemiddeld, maar misschien is de grens van het haalbare wel bereikt. Het stuurwiel zelf had trouwens wel wat minder knopjes mogen hebben. Onder andere radiovolume, boordcomputer, cruisecontrol en telefoon kunnen vanaf het stuur worden bediend en hoewel de veiligheidsgedachte daarachter me wel aanspreekt, lijkt het allemaal een beetje te veel van het goede.

Dat geldt voor het hele dashboard. In de luxe Titanium-versie zitten dermate veel knoppen en schermpjes dat voorafgaand aan de rit een bestudering van het instructieboekje geen overbodige luxe is. Alles is weliswaar keurig afgewerkt, maar het beeld is toch onrustig. Als bij iemand in een krijtstreeppak, maar dan met ruitjesoverhemd en een gestreepte das: een overdaad aan accenten. De binnenruimte is voldoende, maar wie kiest voor een schuif/kanteldak moet rekening houden met enkele centimeters minder hoofdruimte. In de testauto sloten de portieren slecht.

Tot slot een aanrader: wie een Focus koopt, doet er goed aan het Easy Driver pakket te bestellen. Dat bevat Active City Stop (de auto remt zelf als de bestuurder even niet oplet) en achteruit inparkeren is nooit meer een probleem, omdat de auto dat met Active Park Assist bijna volledig overneemt. Werkt feilloos en het kost 495 euro. Altijd doen. Het herstellen van zelfs de kleinste parkeerschade is al duurder.